Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    Films  in de nacht volgend op de aangegeven datum worden, ook als ze na  24:00 uur starten, aan deze datum toegerekend.

     

    Deze week zijn er geen, op deze website besproken, films op TV.

    Meest recente artikelen

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Jean Vigo, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    In een korte film van 25 minuten geeft Vigo een impressie van het leven in de Zuidfranse stad Nice.

    COMMENTAAR


    Rondom 1930 was het genre van de stadsdocumentaire vooral populair in Duitsland. Denk aan "Berlin, die sinfonie der Grosstadt" (1927, Walther Ruttmann) en aan "Menschen am Sonntag" (1930, diverse regisseurs). Ook in andere landen kwam dit genre echter voor. De hier besproken film is een voorbeeld voor Frankrijk, maar denk ook aan "Man with a movie camera" (1929, Dziga Vertov) uit Rusland. Beide laatstgenoemde films kunnen niet los van elkaar worden gezien. Zo is de camerama van Vigo (Boris Kaufman) de broer van Vertov.

    Ook inhoudelijk hebben beide films veel met elkaar gemeen. Ook Vigo experimenteert er op los met zijn camera. Zo begint de film met luchtopnamen en zien we ergens een gebouw op en neer deinen als ware het een schip op zee. Zou Aleksandr Soekorov hier zijn inspiratie voor "Russian ark" (2002) hebben opgedaan? Ook de opname waarbij passanten worden gefilmd vanuit een openstaande putdeksel (waarbij de cameraman in de put lijkt te zitten) zijn vernieuwend. Zou Dreyer aan deze scene hebben gedacht toe hij de beroemde opnames maakte in "Vampyr" (1932) waarbij Allan Grey vanuit zijn openstaande doodskist naar buiten kijkt? 

    Niet alleen qua vormgeving maar ook qua inhoud lijkt Vigo beïnvloed door de Russische filmschool (al zijn het in dit geval meer de ideeën van Eisenstein dan van Vertov). Zo wordt de "beau monde" van Nice die over de boulevards langs de Middellandse zee flanneert gezet tegenover het leven in de armere wijken van Nice, wat verder van de zee af. Ik gebruik in de vorige zin bewust het woord "lijkt", want de armere bevolking is in de film van Vigo allesbehalve zielig en uitgebuit. In tegendeel, ze hebben plezier in het leven en zjn druk bezig met het organiseren van een carnavalsoptocht.

    Als er al een boodschap in de film van Vigo zit, dan is dat minder de tegenstelling tussen arm en rijk als de vergankelijkheid van het leven. Herhaaldelijk worden de dansende meisjes op een praalwagen (afbeelding 1) afgewisseld met beelden van grafmonumenten (afbeelding 2).

    Wat ook opvalt aan de film is dat deze, gezien de tijd waarin hij gemaakt werd, op sommige momenten best gewaagd kan worden genoemd. Ook op dit punt wordt geen onderscheid gemaakt tussen de "beau monde" en de bewoners van de armere wijken. De dans van de meisjes op de praalwagen (afbeelding 1) heeft wel wat weg van een uitdagende Cancan, en op de boulevard kijkt een oudere man naar een jonge vrouw op een terras en kleed haar met de ogen (van de camera) uit (zie clip).

    DATUM: 22 april 2017

    EIGEN WAARDERING: 8

    À propos de Nice (1930) on IMDb


    Reacties

    Het oeuvre van Jean Vigo (1905 - 1934) is bijzonder klein en bestaat uit 3 korte films en 1 film van normale lengte. Zijn reputatie is echter veel groter dan je op grond van de omvang van zijn oeuvre zou mogen verwachten.

    Hij was actief aan het begin van het poëtisch realisme in Frankrijk. Welke rol hij in deze stroming had kunnen spelen zal altijd onduidelijk blijven, aangezien hij op 29 jarige leeftijd overleed aan tuberculose.

    DE REGISSEUR

    William Oldroyd (1980) komt uit de theaterwereld en maakt met "Lady Macbeth" (2016) zijn regisseursdebuut.

    HET VERHAAL

    De jonge Katherina (afbeelding 1) wordt uitgehuwelijkt, en vanaf het "ja-woord" beschouwd haar man haar als zijn persoonlijk bezit (wat overigens voor die tijd (midden 19e eeuw), helemaal niet zo ongebruikelijk was). Reeds in de eerste paar nachten wordt duidelijk dat dit huwelijk Katherine weinig romantiek belooft. Dit gemis wordt Katherine pas goed duidelijk als zij (tijdens een zakentrip van haar man) een stormachtige relatie krijgt met de knecht Sebastian. Ter bescherming van deze relatie, maar ook als verzet tegen de vernederende manier waarop haar man haar behandelt wordt Katherine steeds geweldadiger.

    COMMENTAAR

    Bij de titel "Lady Macbeth" denken we in eerste instantie aan de vrouw van de hoofdpersoon uit het drama "Macbeth" (1603 - 1607) van William Shakespeare. Dat voorspelt weinig goeds, want deze vrouw is de drijvende kracht achter de misdaden van de hoofdpersoon, zie ook het op "Macbeth" gebaseerde "Throne of blood" (1957, Akira Kurosawa). "Lady Macbeth" is echter niet (rechtstreeks) gebaseerd op "Macbeth" van Shakespeare, maar op het boek "Lady Macbeth uit het district Mtsenk" van de Russische schrijver Nikolaj Leskov. Echter, Leskov zal bij de keuze van zijn romantitel toch zeker geïnspireerd zijn door het werk van Shakespeare. Oldroyd haalt het verhaal terug naar Engeland, nadat in 1962 Andrzej Wajda (bij een eerdere verfilming van de roman van Leskov) het verhaal in Siberië had gesitueerd.

    Ondanks het feit dat de film is gebaseerd op de roman van Leskov roept ze onwillekeurig associaties op met "Wuthering heights" (1847, Emily Brontë). Dit zal in de eerste plaats te maken hebben met het feit dat de stormachtige relatie tussen Katherine en Sebstian doet denken aan de relatie tussen Catherine en Heathcliff. Ook de natuur van de Engelse moors is hier echter zeker debet aan, evenals het feit dat de boeken van Leskov en Brontë rondom dezelfde tijd spelen. In een interview met de Filmkrant zegt William Oldroyd dat hij ook serieus heeft gedacht over een verfilming van "Wuthering heights". In zijn bespreking van de film merkt Indiewire op: "Imagine Alfred Hitchcock directing Wuthering Heights". Ook dit blad was de overeenkomst dus opgevallen.

    Nu is de ene verfilming van "Wuthering heights" de andere niet. Zo ligt bij de versie van William Wyler uit 1939 sterk de nadruk op het klasseverschil tussen Cathy en Heathcliff. In de meer recente verfilming door Andrea Arnold in 2011 wordt hier een raciaal element aan toegevoegd door Heathcliff te voorzien van een donkere huid. Ook in "Lady Macbeth" is de cast multicultureel, en volgens regisseur Oldroyd doet dat meer recht aan de feitelijke samenstelling van de Engelse bevolking in het midden van de 19e eeuw, dan de witte cast die we doorgaans voorgeschoteld krijgen in het gemiddelde kostuumdrama. Hoewel "Lady Macbeth" veel gemeen heeft met de "Wuthering heights" versie van Andrea Arnold zijn er ook duidelijke verschillen. De belangrijkste is wel dat niet zozeer rassendiscriminatie centraal staat als wel de positie van de vrouw. 

    Waar in de film van Andrea Arnold de natuur een hoofdrol speelt en natuurkrachten de passie in de relatie tussen Cathy en Heathcliff symboliseren zijn er in "Lady Macbeth" ook schitterende opnamen van de ruige Engelse moors, maar deze fungeren als contrapunt voor "het huis". Het huis speelt wel een hoofdrol en symboliseert de gevangenis van Katherine. We zien Katherine zitten op de bank, een jonge vrouw met nog een heel leven voor zich. Het is doodstil in het huis, langzaam dwarrelt er wat stof naar beneden en Katherine dommelt uit pure verveling langzaam in. Deze beelden worden gecontrasteerd met Katherine die door de Moors wandelt, de stormwind door haar haren. Deze wandeling symboliseert de vrijheid. Om het contrast te vergroten is het niet doodstil, maar heeft regisseur Oldroyd het geluid van de ademhaling van Katherine laten versterken.

    Naast de verveling brengt regisseur Oldroyd de onderdrukking van Katherine nog op een aantal andere manieren in beeld, sommigen heel tradtioneel anderen meer onverwacht. Traditioneel is de manier waarop Katherine in het korset van haar hoepeljurk wordt ingesnoerd. Ook deze jurk symboliseert een soort van gevangenschap. Meer onverwacht zijn de beelden van de eerste huwelijksnachten. Katherine krijgt van haar man het bevel om zich uit te kleden en met haar gezicht naar de muur te gaan staan. Als kijker bereid je je al voor op een brute verkrachtingsscene. In plaats daarvan blijft de camera gericht op de naakte Katherine en horen we haar echtgenoot elders in de kamer masturberen. Je vraagt je af wat meer vernederend is, een brute verkrachting of dit?

    In de eerste helft van de film ligt de sympathie van de kijker heel duidelijk bij de gekleineerde Katherine. Begrijpelijk dat ze in opstand komt tegen haar man en haar schoonvader, en je bent geneigd haar het geweld dat ze daarbij gebruikt te vergeven. Maar in de tweede helft van de film treedt een keerpunt op. De onderdrukking is voorbij, maar het geweld blijft. De onderdrukkers zijn verdwenen, en het geweld richt zich op andere (onschulidige) slachtoffers. Dit laatste deel van de film is ook voor de kijker moeilijk, want Katherine wordt een personage waarmee je je minder en minder kan identificeren. Uit diverse recensies valt ook op te maken dat kijkers in dit deel van de film zijn afgehaakt. Toch bevat deze tweede helft een boodschap die naar mijn mening net zo belangrijk is als de boodschap over de positie van de vrouw uit de eerste helft van de film. Net als macht gaat er blijkbaar ook van geweld een corrumperende werking uit. Vaak ontaardt een bevrijdingsbeweging in een nieuwe dictatuur, zodra ze de macht hebben veroverd. Dit werkt blijkbaar niet alleen zo op het niveau van de maatschappij, maar ook op het niveau van het individu.

    In de laatste scene zit Katherine op dezelfde bank waar we haar in het begin van de film zagen knikkebollen. Ze kijkt de kijkers recht aan (afbeelding 2), en wat dat betreft heeft de scene wel enige gelijkenis met de beroemde laatste beelden van "Les quatre cents coups" (1959, Francois Truffaut). In laatstgenoemde film is Antoine net ontsnapt uit een inrichting voor moeilijk opvoedbare jongeren. In de laatste beelden kijkt hij zowel de kijkers recht in de ogen als een onvoorspelbare toekomst tegemoet. Ook Katherine is ontsnapt (uit een verstikkend huwelijk) en gaat een onvoorspelbare toekomst tegemoet (ze is zwanger). Waar Antoine ons echter aankijkt met de zee (symbool van vrijheid) op de achtergrond, kijkt Katherine ons aan vanuit het huis dat de hele film lang symbool heeft gestaan als haar gevangenis. Het is nu niet langer haar man die haar binnenhoudt, maar de eenzaamheid. Iedereen om haar heen heeft ze vermoord of van zich vervreemd.

    EIGEN WAARDERING: 9

    Lady Macbeth (2016) on IMDb

    Reacties

    Aki Kaurismäki (1957) maakte zijn debuut in de economisch minder voorspoedige jaren '80. In zijn films uit die tijd combineert hij de economische malaise met een vleugje Noordelijke somberheid. In zijn "Proletarische trilogie", die bestaat uit de films "Shadows in Paradise" (1986), "Ariel" (1988) en "The match factory girl" (1990), komen de hoofdpersonen dan ook allemaal uit de onderkant van de samenleving. Het is echter niet alleen de armoede die hen plaagt. Ook in andere opzichten, en daar ligt een verschil tussen Kaurismäki en andere sociaal geëngageerde regisseurs, is het lot hen niet welgezind. De hoofdpersonen ondergaan al deze tegenslagen vaak met een opvallende passiviteit en een bewonderenswaardig incasseringsvermogen. Voor wie nu denkt dat de films van Kaurismäki alleen maar kommer en kwel zijn, tussen alle ellende door is er ook plaats voor zijn wat ironische vorm van humor. Humor waarin zijn sympathie voor de hoofdpersonages doorklinkt.

    De bekendste werken na de "Proletarische trilogie" zijn "Take care of your scarf, Tatjana" (1994) en "The man without a past" (2002). "Lights in the dusk" (2006) viel wat tegen, en daarna werd het jarenlang stil rondom Kaurismäki. In 2011 maakte hij een "come back" met "Le Havre". Een film die zich zowaar afspeelde buiten zijn geliefde Helsinki en waarin van passiviteit van de kant van de hoofdpersonen weinig te merken is. In "The other side of hope" (2017) keert Kaurismaki terug naar Helsinki, maar zet (dwars tegen de tijdgeest in) opnieuw in op de thema's van solidariteit en hulp aan vluchtelingen.

    DE REGISSEUR

    Dziga Vertov (1896 - 1954) heette eigenlijk David Kaufman, en was de broer van de bekende cameraman Boris Kaufman ("'L Atalante" (1934, Jean Vigo), "On the waterfront" (1954, Elia Kazan) en "Twelve angry man" (1957, Sidney Lumet)). Zijn andere broer, Mikhail Kaufman, was cameramen bij "Man with the movie camera". Niet lang na deze film kregen de twee een artistiek meningsverschil en werkten nooit meer samen. Mikhail Kaufman zou later ook twee films regisseren.

    Dziga Vertov komt uit de wereld van de documentaire en maakte items voor het bioscoopjournaal. Zijn items voor het bioscoopjournaal die hij in de jaren '20 maakte noemde hij "Kino Pravda" (films van de waarheid). Deze achtergrond is ook in zijn speelfilms, waarvan "Man with the movie camera" de belangrijkste is, terug te vinden. Hij had een afkeer van fictie en wat hem betreft hoeft een film geen verhaallijn te bevatten. 

    Het laatste element van zijn filmtheorie (geen verhaallijn) was niet in lijn met het "sociaal realisme", de stroming waar onder Stalin alle kunstvormen zich naar hadden te richten. Vanaf de jaren '30 kon Vertov dan ook steeds minder van zijn filmtheorie kwijt in zijn films. Uiteindelijk eindigde hij zijn carrière zoals hij begonnen was, als maker van items voor het bioscoopjournaal.

    De theorie van Vertov heeft in zijn pure vorm navolgers gekend. Denk hierbij aan de stroming van de "cinema verité", wiens naam een rechtstreekse vertaling is van "Kino Pravda". Ook is er eind jaren '60 / begin jaren '70 een "Dziga Vertov" groep geweest. De output van deze groep was echter beperkt, en volgens mij omarmden deze meer de politieke overtuiging van Vertov (overtuigd communist) dan zijn filmtheorie. In "verdunde vorm" (afzetten tegen Hollywood romantiek en de wereld laten zien zoals die is, maar met handhaving van een verhaallijn) rijkt de invloed van Vertov echter veel verder. Stromingen als het Italiaanse neo realisme of het Engelse social realism zijn dan opeens ook deels schatplichtig aan Vertov.

    HET VERHAAL

    De film vertoont een dag in het leven van een grote stad. De naam van de stad wordt niet onthuld. De opnamen zijn gemaakt in Moskou, Kiev en Odessa.

    COMMENTAAR

    Films over het leven in een grote stad waren in de 2e helft van de jaren 20 van de vorige eeuw populair, maar het leek vooral een Duits genre te zijn. Denk hierbij aan films als "Berlin, die sinfonie der Grossstad" (1927, Walther Ruttmann) en "Menschen am Sonntag" (1930, diverse regisseurs). Ook in andere landen werden echter soortgelijke films gemaakt. In Rusland introduceerde Dziga Vertov dit format met "Man with a movie camera" (1929), terwijl de Franse markt "bediend werd" door Jean Vigo met "A propos de Nice" (1930).

    Door het ontbreken van een verhaallijn kan de film beter vergeleken worden met "Berlin, die sinfonie der Grosstadt" dan met "Menschen am Sonntag". Hoewel "Die sinfonie der Grosstad" enkele jaren eerder werd uitgebracht, is er zeker geen sprake van na-aperij. Vertov had zijn ideeën niet zozeer gepikt van Ruttmann, maar zelf ontwikkeld in zijn items voor de bioscoopjournaals. Bovendien is zijn film ook moderner, dynamischer en innovatiever dan die van Ruttmann. Wat de dynamiek betreft kan vooral gewezen worden op de gemiddelde shotlengte. In films van die tijd was die 11,2 seconden (ik ontleen deze gegevens aan de recensie van Roger Ebert). In "Man with the movie camera" is de gemiddelde shotlengte 2,3 seconden, ongeveer hetzelfde als in een moderne actiefilm!. Niet alleen de shotlengte maken de film modern. Ook innovatieve beeldtechnieken als bijv. een splitscreen dragen hier aan bij. Bovendien, en van een filmtheoreticus als Vertov mogen wij eigenlijk niet anders verwachten, reflecteert deze film op het medium film zelf. Dit gebeurt door "de man met de camera" gedurende de hele film regelmatig door het beeld te laten lopen. Op deze manier maakt Vertov duidelijk dat de cameraman tot in de kleinste hoekjes van het stadsleven doordringt. De "man met de camera" dringt zelfs door in een glas bier (afbeelding ). Ondanks al deze moderniteit zijn de begindagen van de film nog niet helemaal verdwenen. Zo toont de regisseur een zekere voorliefde voor rijdende treinen die recht op ons afkomen, nota bene het onderwerp van zo'n beetje het eerste filmpje dat publiekelijk vertoond werd ("Arrival of a train at La Ciotat" (1895, Auguste en Louis Lumière).

    Bij de begindagen van de Sovjet cinema denken we al snel aan Sergeij Eisenstein. Eisenstein was echter niet de enige regisseur die aan de weg timmerde, en ook niet de enige regisseur met innovatieve ideeën. Eisenstein staat bekend als de uitvinder van de associatieve montage. Beelden worden tegenover elkaar geplaatst, niet met het idee de spanning in het verhaal op te voeren maar met de bedoeling bepaalde associaties bij de kijker teweeg te brengen. Ook Vertov had zijn eigen ideeën over montage en hij noemde ze "Kino Glaz" (het filmische oog). Door scenes op een bepaalde manier achter elkaar te plakken ontstaat een diepere filmische waarheid, die niet in elke scene afzonderlijk aanwezig is. Eerlijk gezegd zie ik niet in dat hier iets anders mee bedoeld wordt dan de "associatieve montage" van Eisenstein. Ik denk dat Eisenstein en Vertov niet zo zeer van elkaar verschilden wat hun ideeën over montage betrof, maar veel meer van elkaar verschilden waar het hun ideeën over film in zijn geheel aangaat. Vertov vertelt met zijn films geen verhalen, en raakte in de jaren '30 langzaam uit de gratie. Eisenstein vertelt met zijn films wel verhalen en kon in de 2e helft van de jaren '30 een come back maken. Hij raakte echter alsnog uit de gratie toen zijn verhalen kameraad Stalin hoe langer hoe minder bevielen. 

    DATUM: 22 april 2017

    EIGEN WAARDERING: 7

    De man met de camera (1929) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een inleiding op het werk van Eisenstein, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    De film vertelt het verhaal van de Russische revolutie, beginnend bij de februari revolutie en de val van de Tsaar. Via de tijdelijke regering Kerenski komen we uiteindelijk uit bij de oktoberrevolutie en de communistische machtsovername.

    COMMENTAAR

    Na het succes van "Pantserkruiser Potemkin" (1925) over een opstand in 1905 (de tijd van de Russisch - Japanse oorlog), houdt "Oktober" zich (10 jaar na dato) bezig met de "echte" Russische revolutie van 1917. Het zou tevens het hoogtepunt moeten worden van de associateve montage. 

    De hooggespannen verwachtingen werden echter niet waargemaakt. Qua associatieve montage was de algemene opinie dat de film "over the top" was. De regisseur zou zich hebben laten verleiden tot een "l'art pour l'art" waar niemand meer wat van snapte. Verder werd de film door de geschiedenis ingehaald. In 1927 viel Trotski in ongenade bij Stalin, waardoor hele stukken uit de film moesten worden geknipt. Zo ontstond het beeld van een film die aan zijn eigen pretentie ten onder is gegaan. Na met "Oud en nieuw" (1929) opnieuw Stalin tegen de haren in te hebben gestreken raakte de carrière van Eisenstein in een langdurige dip. 

    Zonder de film nu volledig te willen rehabiliteren, kunnen wel wat kanttekeningen worden geplaatst bij de sfeer van algehele malaise die om de film is komen te hangen. Zijn de associaties waar de film gebruik van maakt nu echt zo onbegrijpelijk en meer vergezocht dan in "Pantserkruiser Potemkin"? Persoonlijk heb ik daar mijn vraagtekens bij. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de vergelijking van Kerenski met een trotse pauw of aan de befaamde "montage of the Gods". In deze laatste montage wordt begonnen met een beeld van Jesus Christus, om via allerlei iconen van andere godsdiensten tenslotte terecht te komen bij een primitief afgodsbeeld uit de prehistorie (zie clip). De boodschap is toch redeijk helder: religie (waar de communistische ideologie nooit veel mee op heeft gehad) mag dan in de loop van de tijd geavanceerder zijn geworden, het voorziet nog steeds in dezelfde basisbehoefte (opium voor het volk) als in lang vervlogen tijden. Opmerkelijk zijn dan wel weer de heen en weer slingerende wierrookvaten die een paar keer in de film terugkomen. Zij geven de film een bepaald ritme waar nou niet direct de afkeer van religie van af straalt. Ook opmerkelijk zijn de aan de klassieke oudheid refererende beelden die een prominente rol in de film spelen (afbeelding 2). De boodschap die de regisseur met deze associatie over wil brengen is mij niet geheel duidelijk. In relatie met het vrouwenbataljon zorgen de beelden op bepaalde momenten zelfs voor een sensuele uitstraling, wat toch opmerkelijk is voor een revolutionaire film.

    Bij de Russische revolutie denken we toch in de eerste plaats aan de kruiser Aurora, die het eerste schot loste, en aan Lenin, die uiteindelijk als winaar en machthebber uit de strijd kwam. Dat er in februari al een burgerijke revolutie was geweest en dat er van februari tot oktober een tijdelijke regering onder leiding van Kerenski aan de macht was geweest, is veel minder bekend. De discussies tussen de mensjewieken en de bolsjewieken (noot 1) kon ik mij nog uitsuitend herinneren uit de geschiedenisboekjes van de middelbare school. Kortom, ondanks alle propaganda-elementen (die zeker aanwezig zijn) geeft de film een completer beeld dan de kijker kan halen uit het geromantiseerde "Dr Zhivago" (1965, David Lean). Verder heeft het documentaire achtige karakter van de beelden er voor gezorgd dat, bij afwezigheid van echte archiefbeelden, beelden uit "Oktober" vaak worden ingezet als een soort substituut. Hoezo door de geschiedenis ingehaald?

     

    Noot 1: Mensjewieken namen de leer van Marx, waar de geschiedenis onafwendbaar bepaaalde fasen moet doorlopen, zeer letterlijk. Zij waren van mening dat de Russische samenleving zich eerst nog van een agrarische - in een industriële maatschappij diende te ontwikkelen voordat er uberhaupt van een communistische revolutie sprake kon zijn. De bolsjewieken waren niet van plan zolang te wachten en waren van mening dat ze de industriële fase konden overslaan.

     

     

     

    DATUM: 1 april 2017

    EIGEN WAARDERING: 7

    Oktyabr (1928) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Robert Altman, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Twintig jaar na zijn dood komt de "James Dean fanclub" van McCarthy Texas weer bij elkaar in de "five and dime (noot 1)" store waar het allemaal begon. Mona (Sandy Dennis), Sissy (Cher), Joanne (Karen Black), Stella Mae (Kathy Bates) en Edna Louise (Marta Heflin) bewaren mooie herinneringen aan de tijd dat James Dean zijn laatste film "Giant" (1956, George Stevens) vlak in de buurt (voor Amerikaanse begrippen dan) opnam. In de afgelopen twintig jaar heeft hun leven ook minder mooie herinneringen opgeleverd.

    COMMENTAAR

    Wie herinnert zich nou nooit eens iets "als de dag van gisteren", terwijl het in werkelijkheid toch echt veel langer geleden is? In "Come back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean" keren de dames van de "disciples of James Dean" terug naar hun tienerjaren. Het is het soort jeugdsentiment waar ook een film als "Cinema Paradiso" (1988, Guiseppe Tornatore) om draait. Ik trek deze vergelijking niet zomaar, want in beide films wordt aan het eind de vergankelijkheid op een soortgelijke wijze in beeld gebracht. In Cinema Paradiso blijkt de dorpsbioscoop, waar de hoofdpersoon zoveel gelukkige uurtjes heeft doorgebracht, totaal vervallen te zijn. In "Come back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean" treft de dorpswinkel, waar de bijeenkomsten van de fanclub werden gehouden, een soortgelijk lot.

    Toch zijn er ook verschillen tussen de beide films aan te wijzen. Deze verschillen hebben nog niet eens zozeer te maken met de manier waarop het verhaal verteld wordt. In "Cinema Paradiso" begint het verhaal in het heden, waarna een lange flashback volgt naar de jeugd van de hoofdpersoon. Pas tegen het einde keert de film weer terug naar het heden. "Come back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean" spring voortdurend heen en weer tusen 1975 en 1955. Veel belangrijker is naar mijn mening het feit dat in "Cinema Paradiso" de hoofdpersoon als een geslaagd man (= bekende filmregisseur) naar zijn geboortedorp terugkeert. Ook dan blijft de film "bittersweet", want de vraag blijft knagen of zijn carrière de hoofdpersoon nu echt zoveel gelukkiger heeft gemaakt? Dat "sweet" kan er wel af in "Comme back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean", waar alle fanclubleden terugkijken op een leven dat, om het eufemistisch uit te drukken, niet in alle opzichten geslaagd is te noemen. De associatie tussen het verglijden van de tijd in het leven van de hoofdpersonen en het fysieke verval van gebouwen waar zij een dierbare herinnering aan bewaren kan hier nog een stap verder worden doorgevoerd. In "Cinema Paradiso" is weliswaar de dorpsbioscoop vervallen, het Siciliaanse stadje zelf bruist nog van het leven. Dat kan waarschijnlijk niet gezegd worden van McCarthy Texas. Hoewel de camera de "five and dime" store niet verlaat (noot 2) krijg je  sterk de indruk dat het verval van de winkel onderdeel is van het verval / de leegloop van het stadje zelf. Ik moest sterk denken aan de sfeer aan het eind van "The last picture show" (1971, Peter Bogdanovich). Hoe zou het zijn als de tieners uit die film na twintig jaar een reunie zouden houden in Anarene (overigens ook een klein stadje in Texas)? Ik denk dat je een film zou krijgen die heel erg lijkt op "Come back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean".

    Waar de werkelijkheid tekort schiet, wordt vaak geprobeerd het imago door middel van mooie verhalen wat op te krikken. Zie voor een voorbeeld de zogenaamde revolutionairen uit "12:08 East of Bucharest" (2006, Corneliu Porumboiu). Soms zijn de verhalen zo mooi dat mensen er zelf in gaan geloven. Zo gelooft Mona nog steeds dat haar zoon het gevolg is van een one night stand met haar idool tijdens de trip naar de set van "Giant" en denkt Sissy nog steeds dat ze de grootste en mooiste borsten van het dorp heeft.

    Spiegels spelen vaak een belangrijke rol in de filmtaal. Meest uitgesproken voorbeeld is wel "Orphee" (1950, Jean Cocteau) waarin spiegels de toegangspoort tot de onderwereld zijn. In "Come back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean" worden spiegels gebruikt om heen en weer te springen tussen 1975 en 1955 (afbeelding 2: Mona, in het rode jack, staat achter de spiegel in de 1955 wereld. Sissy en Joanna staan in de 1975 wereld). Misschien is de tienerwereld ook wel een heel andere wereld.

    Noot 1: Een "five and dime" store is een kruidenierswinkel waar de artikelen zijn ingedeeld in verschillende prijsklassen. Artikelen voor 5 cent, artikelen voor 10 cent etc. Het doet een beetje denken aan het oorspronkelijke concept van de Hollandse Eenheidsprijzen Maatschappij Amsterdam (HEMA).

    Noot 2: "Come back to the 5 & dime, Jimmy Dean Jimmy Dean" was oorspronkelijk een toneelstuk op Broadway, overigens ook geregiseerd door Robert Altman. 

    DATUM: 7 april 2017

    EIGEN WAARDERING: 8

    Come Back to the 5 & Dime, Jimmy Dean, Jimmy Dean (1982) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Oliver Stone (1946) was vooral succesvol in de jaren 1985 - 1995. In die tijd maakte hij een trilogie over de Vietnam-oorlog bestaande uit: "Platoon" (1986), "Born on the fourth of july" (1989) en "Heaven & Earth" (1993). Daarnaast maakte hij enkele biopics, waarvan het merendeel politiek getint was. Genoemd kunnen worden: "JFK" (1991), "The Doors" (1991) en "Nixon" (1995).

    HET VERHAAL

    De film geeft een overzicht van de jeugd en de politieke carrière van president Nixon.

    COMMENTAAR

    Op het eerste gezicht is John F. Kennedy een veel dankbaarder onderwerp voor een politieke biopic dan Richard Nixon. Zowel zijn regeringsperiode (symbool van jeugdig elan en nieuwe hoop) als zijn einde (een moord die tot op de dag van vandaag met geheimzinnigheid is omgeven) spreekt in hat algemeen meer tot de verbeelding. In het algemeen, maar dus niet bij mij. Tijdens het kijken naar de film heb ik mij afgevraagd hoe dat komt? Ik vermoed dat het iets te maken heeft met de verklaring die in het boek "Fout in de koude oorlog" (2016, Martin Bossenbroek) wordt gegeven over het verschijnsel dat we in Nederland fascistische dictaturen (Hitler) over het algemeen slechter vinden dat communistische dictaturen (Stalin, Mao). De schrijver zoekt de verklaring in het feit dat Nederland daadwerkelijk door de Duitsers bezet is geweest, terwijl de wandaden van Stalin en Mao toch altijd een beetje een ver van mijn bed show zijn gebleven. In diezelfde sfeer mag het stelen van paparassen van de rivaliserende politieke partij (Watergate) dan minder spectaculair klinken dan een politieke moord, het gebeurde wel in "mijn tijd". Ik kan mij nog herinneren (zonder toen overigens de leeftijd te hebben om er iets van te snappen) dat een groot deel van het avondnieuws aan het Watergate schandaal gewijd was. Tot slot is het van belang te bedenken dat waar Kennedy een ster was die slechts kort schitterde aan het politieke firnament, Nixon een constante factor was in de Amerikaanse politiek van de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog. Vice president van 1953 - 1961 onder Eisenhower, verliezend kandidaat in 1960 (tegen Kennedy) en president van 1968 - 1974. Dit wordt weleens vergeten, omdat bij Nixon toch al snel uitsluitend aan de Watergate periode (1972 - 1974) wordt gedacht. Denk hierbij ook aan de film "All the presidents men" (1976, Alan J. Pakula), die overigens meer over de journalisten Carl Bernstein (Dustin Hoffman) en Bob Woodward (Robert Redford) gaat dan over Nixon zelf. Het is goed dat Oliver Stone een overzicht heeft gegeven van het hele leven van Richard Nixon.

    Met het aantreden van Donald Trump en de schandalen waarmee dit gepaard ging, dook ook de naam van Richard Nixon weer op in de kranten. Zou Donald Trump de tweede Amerikaanse president worden die via een impeachment procedure het Witte Huis zou moeten verlaten? Naar mijn mening is deze vraag redelijk voorbarig, maar het is wel interessant om de overeenkomsten en verschillen op andere gebieden in kaart te brengen. Zo speelde in de campagnes van Nixon de "silent majority" een grote rol, de voorloper van "the forgotten Americans" van Trump en "Henk en Ingrid" van Wilders.

    Een andere overeenkomt met Trump is de verongelijktheid en het gevoel met de rest van de wereld op voet van oorlog te leven. Veelbetekenend in dit opzicht is een conversatie van Nixon met zijn vrouw waarin hij stelt dat het de Vietnam-demonstranten eigenlijk helemaal niet om de oorlog gaat, maar dat ze eigenlijk alleen hem pootje willen lichten.

    Richard M. Nixon: I'm not scared, buddy... You don't understand. They're playing for keeps, buddy. The press, the kids, the liberals - they're out there, trying to figure out how to tear me down.
    Pat Nixon: They're all your enemies?
    Richard M. Nixon: Yes!
    Pat Nixon: You personally?
    Richard M. Nixon: Yes! This is about me. Why can't you understand that, you of all people? It's not the war - It's Nixon! They want to destroy Nixon! And if I expose myself even the slightest bit they'll tear my insides out. Do you want that? Do you want to see that, buddy? It's not pretty.

    Een andere uiting van dit wantrouwen bij Nixon was het feit dat hij alle gesprekken in de Oval office liet opnemen. De ironie van de geschiedenis is dat deze tapes zich later tegen hem zouden keren. In de film zien we Nixon aan het eind van zijn politieke loopbaar eenzaam en verlaten naar zijn eigen tapes luisteren.

    Groot verschil met Trump is echter de onzekerheid die Nixon zo kenmerkte. Hij had altijd het idee dat hij tekort schoot en ontwikkelt in de film een bijna obsessieve drang om zich te vergelijken met John F. Kennedy. Ik noem drie voorbeelden.

    - Nadat hij in 1960 verloren heeft van Kennedy verzucht hij dat hij er, ondanks al zijn noeste arbeid, nooit echt bij zal horen: "Not the right school, not the right cloth, not the right family".
    - Als president kan Nixon op een nacht de slaap niet vatten en loopt hij zijn bediende tegen het lijf. Het gesprek komt op de moord op Kennedy.

    Richard M. Nixon: Did you cry when he died?
    Manolo Sanchez: Yes.
    Richard M. Nixon: Why?
    Manolo Sanchez: I don't know. He made me... see the stars. 
    Richard M. Nixon: How did he do that?
    [a beat. Nixon is deep in thought]

    - Nadat Watergate hem ten val heeft gebracht staat Nixon in één van zijn laatste dagen in het Witte Huis voor een portret van Kennedy en constateert (afbeelding 2): "When they look at you, they see what they want to be. When they look at me, they see what they are".

    Hoewel hoofdrolspeler Anthony Hopkins uiterlijk niet echt op Nixon lijkt weet hij wonderen te verrichten door middel van motoriek en mimiek, zoals het verlegen lachtje dat o zo makkelijk verkeerd geïnterpreteerd kan worden. 

    In het begin van de recensie prees ik Oliver Stone vanwege het feit dat hij, na "JFK", nu ook een biopic over Richard Nixon heeft gemaakt. Stone had geleerd van "JFK", waar blijkbaar een heel leger van historici op de film was gedoken. In de voortitels claimt hij geen absolute historische juistheid en meldt dat de film is gebaseerd op "incomplete historical records" en hier en daar "has been hypothesized". Een niet onverstandige voorzorgsmaatregel want de film bevat scenes en conversaties die mij in elk geval verbaasden. Is Nixon werkelijk van plan geweest "the big one" (lees: een atoombom) in Vietnam te gebruiken? Wist Nixon als vice president onder Eisenhower meer van de mislukte "bay of pigs" invasie in Cuba dan Kennedy (hoewel de invasie daadwerkelijk plaatsvindt tijdens de ambtstermijn van laatstgenoemde)? Deze website gaat over films en niet over geschiedenis, maar de geïntereseerden verwijs ik graag door naar "How accurate is Oliver Stone's Nixon film? " op you tube. 

    Hoewel ik enthousiast ben over de onderwerpkeuze en het spel van Anhony Hopkins ben ik niet altijd even enthousiast over de filmische middelen die Stone gebruikt om zijn verhaal te vertellen. Veelal liggen ze er te dik bovenop, zijn te opdringerig of worden te vaak herhaald. Ik geef enkele voorbeelden.

    - Tijdens tweegesprekken (veelal met zijn rechterhand Bob Haldeman) is de achtergrond afwisselend vaag en scherp weergegeven (afhankelijk van wie het woord heeft).
    - Een laag camerastandpunt om Nixon imponerender en intimiderender te laten lijken dan hij werkelijk is (vooral tijdens woedeuitbarstingen).
    - Wolken in fast forward over het Witte Huis laten drijven om het verloop van tijd aan te geven.
    - Een te grote nadruk op de jeugd van Nixon om zijn latere karakter(fouten) als president te verklaren.

    Hier staat tegenover dat Stone een heel mooi filmcitaat richting "Citizen Kane" (1941, Orson Welles) maakt door mijnheer en mevrouw Nixon tijdens een echtelijke woordenwisseling aan beide uiteinden van een heel lange eettafel te positioneren. Op sommige punten heeft "Nixon", met zijn alles wantrouwende hoofdpersoon, wel iets weg van een Shakespeariaans koningsdrama. Een soort moderne "Hamlet". Wat ik wat minder goed kon plaatsen waren de vele verwijzingen (in de vorm van standbeelden en schilderijen) naar president Lincoln. Het deed mij denken aan "Mr Smith goes to Washington" (1939, Frank Capra), waarin Lincoln ook een lichtend voorbeeld voor Mr Smith is. De cynische Nixon kan echter op geen enkele manier vergeleken worden met de naïeve Mr Smith.

    DATUM: 18 maart 2017

    EIGEN WAARDERING: 7 

    Nixon (1995) on IMDb












    Reacties

    Robert Altman (1925 - 2006) heeft in zijn lange carrière nooit echt bij Hollywoord gehoord, maar om hem nu een buitenstaander te noemen gaat ook weer te ver. Na eerst lange tijd bij de televisie te hebben gewerkt, kwam zijn filmcarrière goed op gang in het begin van de jaren '70 (toen Altman dus al halverwege de 40 was) met "MASH" (1970). Deze film (die zo succesvol was dat er een televisieserie uit zou voortkomen) speelt officieel tijdens de Koreaanse oorlog, maar kan natuurlijk niet los worden gezien van het conflict in Vietnam waar de VS destijds in betrokken waren.

    Met "Nashville" (1975), een film waarin de lotgevallen van enkele personen in de aanloop naar een partijconventie centraal staan, levert Altman zijn eerste zogenaamde ensemblefilm af. Dit genre, waarin de verhalen van diverse personages worden verteld binnen het raamwerk van een overkoepelend verhaal dat het verband tussen al deze personages schetst, zou zijn handelsmerk worden. Latere films in deze categorie zijn onder andere "Come back to the 5 & Dime, Jimmy Dean, Jimmy Dean" (1982) en "Short cuts" (1993). Voor Altman was de keuze van de muziek bij zijn films belangrijk. Zo gebruikte hij voor "McCabe & Mrs Miller" (1971) de muziek van Leonard Cohen, staat in "Nashville" de countrymuziek centraal en draait in "Kansas city" (1996) alles om de jazz.

    De laatste grote film van Altman was "Gosford park" (2001), een in mijn ogen zeer geslaagde remake van "La regle du jeu" (1939, Jean Renoir). 

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Robert Altman, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Het verhaal speelt zich af tijdens een jachtweekend op een buitenverblijf. Vrijwel alle gasten hebben een hekel aan de gastheer, maar zijn op de één of andere manier afhankelijk van hem (bijvoorbeeld voor baantjes of financiële ondersteuning). Ook het bedienend personeel koestert in veel gevallen wrok. In het verleden kon de gastheer namelijk niet van de huishoudsters afblijven, en wanneer dit gevolgen had stelde hij ze voor de keuze: kind afstaan of ontslag nemen.

    Als de gastheer gedurende het weekend vermoord wordt, lopen er dan ook veel mensen rond met een motief. De inspecteur weet echter de dader niet te vinden. Als iedereen een getuigenis heeft afgelegd en zijn adres heeft achtergelaten mogen ze wat hem betreft naar huis.

    COMMENTAAR

    Het plot klinkt heel erg als een Agatha Christie murder mystery. Er is een moord, er is een landhuis en ook voor de rest is het allemaal heel erg Engels (ondanks de Amerikaanse regisseur). Toch ligt hier niet de nadruk op in de film. Indicatie hiervoor is alleen al het tijdstip van de moord. De film is dan al een uur aan de gang en inmiddels over de helft. Vergelijk dat eens met "Baantjer", waar we het lijk altijd te zien krijgen voor de eerste commercials. 

    In dat eerste uur laat Altman ons kennis maken met alle gasten, zodat allerlei "siteplots" ontstaan. Wederom toont Altman zich hier een meester van de ensemblefilm, zoals hij dat eerder al had gedaan in "Nashville" (1975) en "Short cuts" (1993). Ik zou zelfs verder durven gaan. Niet alleen zijn de siteplots minstens zo belangrijk als het hoofdplot, maar ook is de sfeer van de film net zo belangrijk als siteplots en hoofdplot tezamen. Dit bereikt Altman door de gesprekken die de diverse gasten met elkaar hebben niet keurig van elkaar te scheiden, maar te laten opgaan in een algeheel geroezemoes. Daardoor worden de dialogen moeilijker verstaanbaar (en dus de siteplots soms moeilijker te volgen), maar ontstaat meer de echte sfeer van een feestje.

    Het plot van een jachtweekend waarbij allerlei onderhuidse spanningen aan het licht komen en uiteindelijk zelfs een dode valt, doet natuurlijk erg denken aan "La regle du jeu" (1939, Jean Renoir). Toch is er naar mijn mening  een duidelijk verschil tussen beide films. Waar "La regle du jeu" zich vooral bezighoudt met de intriges tussen de (adelijke en rijke) gasten, wisselt "Gosford Park" tussen de wereld van de gasten en de wereld van de bedienden. 

    Deze twee werelden zijn strikt gescheiden, in de film fysiek vorm gegeven door een bovenhuis (waar de gasten zich vermaken, afbeelding 1) en een benedenhuis (waar de bedienden werken en verblijven, afbeelding 2). Er is echter niet alleen een fysieke, maar ook een emotionele scheiding, waar de film talloze voorbeelden van geeft. Ik noem er enkelen.

    - Twee gasten staan te flirten als een bediende een blik op hen werpt. De vrouw zegt hier wat van. De man merkt op: "Maak je toch niet zo druk, hij is immers een "nobody"".
    - Tijdens het opdienen van de maaltijd bemoeit een serveerster zich met het gesprek (zij verdedigt iemand waarmee ze een relatie heeft), de overige gasten staren haar aan alsof ze van Mars komt.

    Overigens zijn het niet alleen de gasten die deze emotionele afstand bewaren tot het bedienend personeel, en deze als een soort "ding" zien. Ook het personeel denkt zo over zichzelf.

    - In het benedenhuis spreken de bedienden elkaar niet aan bij hun eigen naam maar als "de bediende van".
    - Ergens in de film zit een bediende op te scheppen dat ze de ideale bediende is (ze voelt de wensen van haar mijnheer en mevrouw aan voor ze zich er zelf bewust van zijn) en dus geen eigen leven heeft. Ze is met andere woorden trots op het feit dat ze geen eigen leven heeft!

    Grappig is dat het schetsen van de standenmaatschappij niet alleen in de sfeer en in de siteplots zit, maar ook doordruppelt naar het hoofdplot. De moord kan immers als een rechtstreeks uitvloeisel worden gezien van het vermengen van de twee standen. Moraal van het verhaal: dat moet je niet doen. Ook het politieduo dat de moord komt onderzoeken is een sneer naar de hogere stand. Er is sprake van een soort omgekeerde Holmes / Watson verhouding. Terwijl agent Dexter de ene aanwijzing na de andere onder de aandacht van inspecteur Thompson brengt, heeft deze laatste het veel te druk met gewichtig doen tegen de gasten (het valt nog mee dat hij enkele "celebrities" niet om een handtekening vraagt).

    Naast de Engelse gasten bevindt zich ook een Amerikaanse filmregisseur en zijn gevolg onder de gasten. Net als de Amerikaanse senator Lewis in "The Remains of the day" (1993, James Ivory) kijken ze hun ogen uit bij al die Engelse tradities. Dit geldt overigens niet alleen voor de regisseur ten opzichte van de Engelse gasten, maar ook voor zijn assistent ten opzichte van de Engelse bedienden (afbeelding 2). Uiteraard is de verwondering wederzijds.

    DATUM: 22 maart 2017

    EIGEN WAARDERING: 9

    Gosford Park (2001) on IMDb



    Reacties
    Filmposters