Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    Films  in de nacht volgend op de aangegeven datum worden, ook als ze na  24:00 uur starten, aan deze datum toegerekend.

     

    Pan's labyrinth

    Vrijdag 20 juli, 21:15 - 23:30 uur

    Canvas

     

     

    The blues brothers

    Zaterdag 21 juli, 20:00 - 22:25 uur

    Veronica

     

     

    Deliverance

    Zaterdag 21 juli, 22:20 - 00:05 uur

    Canvas

     

     

    Sherlock Holmes

    Vrijdag 27 juli, 20:30 - 23:50 uur

    SBS 6

     

     

    Meest recente artikelen

    Vittorio De Sica begon zijn carrière als acteur. Martin Scorsese weet in zijn documentaire over de Italiaanse film "il mio viaggo in Italia" (1999) te vertellen dat het vooral zijn vader was die graag wilde dat de Sica de filmindustrie in ging, zelf wilde hij liever accountant worden (meestal is het andersom). Zijn vader had gelijk want in de Italiaanse film van voor de oorlog was hij een echte ster in comedy films als "I will give a million" (1935, Mario Camerini, De Sica speelt een miljonair die zich uitgeeft voor landloper om te kijken hoe de mensen hem dan behandelen), "Il signor Max" (1937, Mario Camerini, De Sica speelt een playboy op vakantie die verliefd wordt op een meisje dat niet weet hoe rijk hij is) en "Rose scarlatte" (1940, Guiseppe Amato samen met Vittorio de Sica, De Sica speelt een echtgenoot die zijn vrouw benadert als minnaar om haar huwelijkstrouw te testen). Martin Scorses noemt Vittorio de Sica zelfs de Italiaanse Gary Grant. 

    Na de oorlog lag de Italiaanse filmindustrie in duigen. Italiaanse regisseurs gingen noodgedwongen de straat op (er waren geen studio's) en werkten met amateurs als acteur. Ze maakten echter van de nood een deugd en het Neo realisme was geboren. Deze filmstroming was geen droomfabriek, maar liet het leven zien zoals het werkelijk was (en het was niet altijd leuk in het Italië van na de oorlog).

    Vittorio de Sica was één van de meest vooraanstaande regisseurs van het neo realisme. Ik durf zelfs te beweren dat hij met "Sciuscia / de schoenpoetsertjes" (1946), "ladri di biciclette / fietsendief" (1948) en "Umberto D" (1952) de meest overtuigende trilogie van alle neo realistische regisseurs op zijn naam zette. Overigens moet Cesare Zavattini, die voor de laatste twee films het scenario schreef, minimaal een deel van de credits krijgen.

    Op een gegeven moment wilden de Italianen, tot opluchting van Hollywood, toch weer luchtiger films zien. Het neo realisme was op zijn retour en de met deze stroming verbonden regisseurs sloegen noodgedwongen een nieuwe richting in. De Sica werd de regisseur van Sophia Loren. Hij maakte met haar goede films ("La ciociara" (1960)) en mimder goede films ("ieri, oggi, domani" (1963)).  Hij maakte met haar ook zijn episode in de episodefilm "Boccacio 70" (1962). "Boccacio 70" geeft trouwens een mooi overzicht van de relatie tussen Italiaanse regisseurs en vrouwelijke filmsterren in de jaren '60. Naast de De Sica / Loren combinatie speelt in de episode van Fellini Anita Ekberg mee (met wie hij ook "La dolce vita (1960) had gemaakt) en in de episode van Visconti treffen we Romy Schneider aan (met wie hij later "Ludwig" (1972) zou maken).

    DE REGISSEUR

    Richard Kelly (1975) maakte op relatief jonge leeftijd een culthit met "Donnie Darko" (2001). Tot nog toe heeft hij dit succes niet kunnen evenaren in zijn latere films.

    HET VERHAAL

    Donnie Darko is een wat getroubleerde teenager. Al aan het begin van de film slikt hij pillen en loopt bij een psychiater. Hij heeft een (imaginaire?) vriend Frank die aan hem verschijnt in de vorm van een reusachtig konijn en hem aanzet tot geweldadige acties.

    COMMENTAAR

    "Donnie Darko", niet te verwarren met "Donnie Brasco" (1997, Mike Newell), deed het niet goed aan de kassa maar verwierf al wel snel cultstatus. De film bevat elementen uit diverse genres. Zo speelt tijdreizen een rol in het verhaal (science fiction), evenals het reeds genoemde kwaadaardige konijn (horror). 

    In de eerste plaats is "Donnie Darko" naar mijn mening toch een film over een getroubleerde tiener. De regisseur heeft de film wel vergeleken met het boek "The catcher in the rye" (1951, J.D. Salinger). Daarmee laat de regisseur zich niet van zijn meest bescheiden kant zien, maar inderdaad heeft Donnie Darko wel iets van Holden Caulfield (de hoofdpersoon van "The catcher in the rye"). Overigens vertoont de carriëre van Richard Kelly (1 cultklassieker) ook wel overeenkomsten met de carrière van Jerome David Salinger (die ook vooral bekend is vanwege "The catcher in the rye").

    Holden Caulfield was in een eeuwigdurende strijd verwikkeld met de hypocrisie van de wereld van de volwassenen. Ook in "Donnie Darko" is deze hypocrisie allom vertegenwoordigd. De belangrijkste vertegenwoordigster van de hypocrisie is wel de lerares maatschappijleer op de middelbare school van Donnie. Zij dweept met een enge "motivational speaker" allias "feel good goeroe", wiens video's zij veelvuldig in haar lessen gebruikt. Haar dochter zit in een dansgroepje waarin ook het jongere zusje van Donnie zit, en zij zit op een hoogst irritante manier te pushen om vooral aan talentenjachten mee te doen. Een vergelijking met "Little miss sunshine" (2006, Jonathan Dayton & Valerie Faris) dringt zich op.

    Gelukkig zijn niet alle volwassenen hypocriet. De lerares Engels durft het aan controversiële literatuur in de klas te bespreken en haalt zich daarmee natuurlijk de woede op de hals van de lerares maatschappijleer. Deze confrontatie heeft wel wat weg van de moeilijkheden die Robin Williams zich als de onconventionele leraar John Keating op de hals haalt in "Dead poet society" (1989, Peter Weir). Zie ook afbeelding 1, met de lerares maatschappijleer links en de lerares Engels rechts.

    Door de vele genres die de film probeert te combineren overtuigt hij eigenlijk in geen enkel genre. Bovendien moet de film het teveel hebben van de filmcitaten waarmee gepoogd wordt indruk te maken op filmliefhebbers. Ik noem enkele voorbeelden.

    - De satanische glimlach die Donnie op zijn gezicht heeft als hij handelt onder invloed van het duivelse konijn (afbeelding 2) lijkt op (maar evenaart niet) de glimlach van Jack Nicholson in "The shining" (1980, Stanley Kubrick).
    - De wilde witte haardos van grandma "Death" (in haar jongere jaren als Roberta Sparrow een theoreticus op het gebied van tijdreizen) roept associaties op met de haardos van de al even exentrieke doctor Brown in "Back to the future" (1985, Robert Zemeckis).
    - De enge "motivational speaker" Jim Cunningham (Patrick Swayze) heeft wel wat weg van het personage van Frank Mackey (Tom Cruise) in "Magnolia" (1999, Paul Thomas Anderson).

    DATUM: 7 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 6

    Donnie Darko (2001) on IMDb


    Reacties

    DE REGGISSEUR

    Ari Aster (1986 of 1987) maakte vanaf 2011 korte films. Met "Hereditary" (2018) maakte hij zijn eerste lange speelfilm.

    HET VERHAAL

    We komen in het verhaal als de moeder van Annie (Toni Colette) net is overleden. Uit haar rede bij de begrafenis maken we op dat het een moeilijke vrouw was. Ook komen we te weten dat de familie van Annie rijk "gezegend" is met allerlei psychiatrische aandoeningen.

    Enige tijd later gaat oudste zoon Peter (Alex Wolff) naar een feestje. Hij is vast van plan op dit feestje zijn onschuld te verliezen, bij voorkeur met het meisje dat voor hem in de klas zit. Hij is dan ook niet erg enthousiast om zijn zusje van 13 (Charlie gespeeld door Milly Shapiro) mee te nemen, maar zijn moeder dringt aan. Eenmaal op het feest hapt het meisje van zijn dromen toe, zodat Peter Charlie al snel aan haar lot overlaat. 

    De gevolgen laten niet lang op zich wachten want Charlie (die een notenallergie heeft) snoept van de chocolade-notentaart. Charlie overlijdt en de spanning in het gezin loopt na dit tweede sterfgeval binnen korte tijd op tot het kookpunt.

    COMMENTAAR

    De debuutfilm van Ari Aster is niet ongemerkt voorbijgegaan. Vergelijkingen met klassieke horrorfilms als "Rosemary's baby" (1968, Roman Polanski), "The exorcist" (1973, William Friedkin) en "The shining" (1980, Stanley Kubrick) waren niet van de lucht. Afgezien van het feit dat inhoudelijk gezien vooral de eerstgenoemde vergelijking hout snijdt, lijkt hier wel erg vroeg gejuicht te worden. Ari Aster was overigens de eerste om dat toe te geven.

    Wat mij ook weer bij "Hereditary" opviel was de afnemende kwaliteit in het tweede deel van de film. Na eerst de spanning zorgvuldig te hebben opgebouwd kunnen maar weinig regisseurs van horrorfilms de verleiding weerstaan om in het laatste half uur van de film volkomen "los te gaan". Dit viel mij op bij "Mother" (2017, Darran Aronofsky), bij "A quiet place" (2018, John Krasinski) en het viel mij opnieuw op bij "Hereditary".

    Je kan horror films indelen in films waarbij de horror van buiten komt en films waarbij de horror van binnen komt. "A quiet place" was typisch een film waarin de horror van buiten komt. Een harmonisch gezin bindt de strijd aan tegen buitenaardse monsters. Na het bekijken van "Hereditary" zal niemand op het idee komen om het gezin dat daarin centraal staat harmonisch te noemen. Zij binden de strijd aan tegen hun eigen monsters, en de naam van het belangrijkste monster is schuldbesef. 

    Dit begint al bij het overlijden van de moeder. Zoals gezegd was dat geen makkelijk persoon en Annie voelt zich er schuldig over dat zij bij het overlijden van haar moeder niet dat verdriet voelt dat ze verwacht had te voelen. Na het overlijden van Charlie komen daar twee gevoelens bij die misschien nog wel verwarrender zijn. In de eerste plaats ligt de directe schuld voor het overlijden van Charlie bij Peter. Hij heeft verzuimd om goed op zijn zusje te letten. Kan je echter de man die verantwoordelijk is voor het overlijden van je dochter haten als het je eigen zoon is? Daarbij komt dat Annie zich indirect ook schuldig voelt aan de dood van Charlie. Was zij het immers niet die er zo op aandrong dat Charlie met Peter mee zou gaan naar het feestje? Voor wat betreft dat indirecte schuldbesef kan een vergelijking worden gemaakt met Mildred (Frances McDoermand) uit "Three billboards outside Ebbing Missouri" (2017, Martin McDonagh).

    Al die onderhuidse spanningen komen naar boven tijdens een knetterende ruzie aan de eettafel (afbeelding 1). Wat mij betreft het hoogtepunt van de film en het einde van de fase waarin de spanning langzaam wordt opgebouwd. Daarna volgt in sneltreinvaart de ene verrassende ontwikkeling de andere op. Misschien dat liefhebbers van het horrorgenre dit deel van de film kunnen waarderen, Voor mij was het, na het veelbelovende begin, een afknapper.

    DATUM: 23 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 6

    Hereditary (2018) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Mike Hodges (1932) is misschien wel meer bekend van zijn televisiewerk dan door zijn bioscoopfilms. Van zijn bioscoopfilms is het op een stripheld gebasseede "Flash Gordon" (1980) de bekendste. Met deze film legde Hodges de basis voor alle Bat-, Super- en Spiderman verfilmingen die in latere deccenia nog zouden volgen. Onder kenners meer gewaardeerd zijn zijn film noirs "Get Carter" (1971) en "Croupier" (1998).

    HET VERHAAL

    Als zijn broer als gevolg van een verkeersongeval om het leven komt, denkt de Londense gangster Jack Carter (Michael Caine) dat er meer achter zit. Hij keert terug naar zijn geboorteplaats Newcastle om de zaak uit te zoeken. Al snel vindt hij de plaatselijke maffia tegenover zich.

    COMMENTAAR

    "Get Carter" is een vreemde mix van Engels "Social realism" en  Amerikaanse "Film noir".  Dit wordt misschien nog wel het beste tot uitdrukking gebracht door toneelschrijver John Osborne die in "Get Carter" maffiabaas Cyril Kinnear speelt. Bedacht dient te worden dat John Osborne met zijn toneelstuk "Look back in anger" aan de wieg stond van de literaire stroming van de "Angry young men". Veel van de stukken van deze "Angry young men" werden vervolgens verfilmd door de regisseurs van het "social realism". Zo werd "Look back in anger" zelf in 1959 verfilmd door Tony Richardson.  

    Het woord waarmee de film het best getypeerd kan worden is "lelijk".

    Lelijk zijn de locaties waar de film zich afspeelt. Dit betreft in de eerste plaats de troosteloze arbeiderswijken van Noord Engeland (zie afbeelding 1, het lichaam van de dode broer wordt opgehaald uit zijn woning), die we ook kunnen aantreffen in een echte  "social realist" film als "A taste of honey" (1961, Tony Richardson) of de documentaire "Of time and the city" (2008, Terrence Davies) (noot 1). Het betreft echter ook de Bijlmerachtige betonbouw in de buitenwijken en de shabby gokhuizen waar Jack Carter op zoek is naar informanten. Zelfs de shoot out aan het eind van de film speelt zich af in een lelijke industriële omgeving (noot 2). 

    Lelijk zijn ook de mensen die we in de film tegenkomen. Dit geldt uiteraard voor de onderwereld van Newcastle. Het geldt echter ook voor de mensen daar omheen, die liever de andere kant uitkijken zolang ze daar niet slechter van worden.

    Ook Jack Carter zelf is alles behalve sympathiek. Werkzaam in de onderwereld van Londen hoeven we natuurlijk geen al te hoge verwachtingen te hebben omtrent zijn moraal. Dit wordt in het begin van de film bevestigd als hij bijv. een barman of de eigenares van de B&B waar hij logeert als lokaas gebruikt en zich vervolgens weinig aantrekt van hun lot. Bij het verdere verloop van zijn onderzoek komt Jack er achter dat niet alleen zijn broer Frank, maar ook zijn nichtje Doreen slachtoffer is van c.q. is misbrukt door de onderwereld van Newcastle. Op dat moment slaan bij Jack alle stoppen door. Als een soort James Bond met een "licence to kill" maakt hij iedereen koud die, direct of indirect, bij de zaak betrokken is. Aan het eind van de film wordt hij uiteindelijk gestopt door de anonieme hitman "J", met een professionaliteit en afstandelijkheid die doen denken aan de Jack Carter uit het begin van de film.

    Lelijk is tenslotte ook de sex.  Er zit veel bloot in de film. Dit hangt mede samen met het feit dat de Newcastelse onderwereld zich niet alleen bezig houdt met gokken en drank (whisky uit de fles drinken is heel normaal in deze film), maar ook met vrouwen. De sex wordt echter nergens opwindend, eerder triest (zie ook de afbeeldingen op de poster). Dit is op zich opmerkelijk omdat één van de (bij)rollen wordt gespeeld door Britt Ekland, die in 1974 Bond-meisje zou zijn in "The man with the golden gun" (Guy Hamilton). In één van de bekendere scenes uit de film heeft Britt zelfs telefoonsex met Jack Carter, lang voordat Theo van Gogh "06" (1994) zou maken (zie afbeelding 2, let ook op het typisch jaren '70 bloemmetjsmotief van de kussens). 

    In 2000 zou Stephen Kay een remake van "Get Carter" maken. Het werd geen succes. In de eerste plaats is Sylvester Stallone in plaats van Michael Caine in de hoofdrol geen goede wissel, Ik vermoed echter ook dat Stephen Kay de achtergrond van het Engelse "social realism" miste en dat de remake (ik heb hem niet gezien) daardoor een pure (en middelmatige) film noir is geworden. De enige verdienste van de remake was dat hij opnieuw de aandacht vestigde op het origineel. Dat dan weer wel. 

     

    Noot 1: "Get Carter" speelt zich af in Newcastle. "A taste of honey" speelt zich af in Manchester. "Of time and the city" speelt zich af in Liverpool. De laatste twee plaatsen liggen weliswaar iets minder Noorderlijk, de arbeiderswijken worden er niet minder troosteloos door.   

    Noot 2: De locatie aan het eind van de film is niet alleen lelijk, maar ook onbegrijpelijk. Een transportband dumpt zijn inhoud op het eerste gezicht doelloos in de zee.

    DATUM: 14 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 7

    Get Carter (1971) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Rainer Sarnet (1969) maakt films sinds 2006. "November" (2017) is de eerste film die in (het arthouse circuit van) het Westen is uitgebracht.

    HET VERHAAL

    Het boerenmeisje Liina is verliefd op Hans. Hans heeft zijn oog echter laten vallen op de (Duitse) barones. Via zwarte magie probeert Liina het hart van Hans alsnog te veroveren.

    COMMENTAAR

    Films uit de Baltische staten worden niet dagelijks vertoond in de Nederlandse bioscoopzalen. Puttend uit mijn eigen herinnering kom ik niet veel verder als "Darkness in Tallin" (1993, Iikka Järvi-Laturi) en "Tries dienos / Three days" (1992, Sharunas Bartas).  Daarbij zit ik dan ook nog een beetje te smokkelen , want eerstgenoemde film speelt wel in Estland maar is gemaakt door een Finse regisseur. Laatstgenoemde film is gemaakt door een Litouwse regisseur maar speelt in Rusland. Met enige goede  wil zou je Kaliningrad, het door Polen, Letland en Littouwen ingeklemde stukje Rusland nog wel Baltisch Rusland kunnen noemen.

    "November" is gemaakt door een Estse regisseur en speelt zich af in Estland. Het is gesitueerd in de Middeleeuwen en bijgeloof, zwarte magie, hekserij en de duivel spelen een belangrijke rol. Dit alles slechts voorzien van een flinterdun laagje Christendom. "November" is echter niet gesitueerd in de historische Middeleeuwen, maar in een soort fantasy variant hiervan. In de overdonderende openingssceene zien we een kratt voor zijn meester een koe stelen. Een kratt is een uit allerlei losse onderdelen in elkaar gezette mecano achtige constructie dat bezieling heeft gekregen doordat zijn meester zijn ziel aan de duivel heeft verkocht. 

    Reeds uit de openingsscene wordt duidelijk dat de Middeleeuwen geen makkelijke tijd waren. Behalve voor de pest zijn de dorpsbewoners ook bang voor elkaar, want als ze maar even de kans zien bestelen ze elkaar als raven. Wat dat betreft springt hoofdpersoon Liina er helemaal niet zo slecht uit. Ook zij gebruikt zwarte magie (afbeelding 2), maar zij gebruikt het tenminste niet om haar dorpsgenoten een loer te draaien. Sterker nog zij weigert haar rivaal in de liefde via zwarte magie te doden. 

    Zoals uit het voorgaande al wel duidelijk is, zijn de Middeleeuwen (zeker de fantasy versie hiervan in "November") een vreemde tijd. Sarnet brengt dat in af en toe oogstrelend zwart-wit in beeld (afbeelding 1). Dit alles kan niet verhullen dat het verhaal over een meisje dat een blauwtje loopt nogal mager is. Buiten dit simpele plot is de film vooral verwarrend zonder dat duidelijk is wat de regisseur nou eigenlijk wil zeggen (als hij al wat wil zeggen). "November" staat hierin overigens niet alleen. Ook andere (bekende) Oost Europese films die spelen in de Middeleeuwen zijn vaak lastig te volgen. Ik noem "The Saragossa manuscript" uit 1965 van de Poolse regisseur Wojciech Has en "Marketa Lazarova" uit 1967 van de Tjechische regisseur Frantisek Vlacil. 

    Uitzondering op de onduidelijkheid is de toespeling op de rijke Duitse adel (baron en barones) tegenover de arme Estse boeren. Wie meer wil lezen over de rol die de Duitse adel in het verleden heeft gespeeld in de Baltische staten kan terecht bij het boek "Baltische zielen" (2010, Jan Brokken).

    DATUM: 9 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 5

    November (2017) on IMDb

    Reacties

    Joseph Mankiewicz (1909 - 1993) begon zijn filmcarrière als scenario-schrijver. Ook zijn broer Herman beoefende dit vak, en leek daarin aanvankelijk succesvoller. Zo schreef Herman het scenario voor "Citizen Kane" (Welles, 1941). Het was echter Joseph die de overstap naar het regisseursvak succesvol wist te maken. Daarbij bleef hij de scenario's voor zijn films vaak wel zelf schrijven. 

    In de periode 1945 - 1960 was hij het meestr productief. Hij maakte films als "The ghost and Mrs Muir" (1947), "Julius Ceasar" (1953), "Suddenly, last summer" (1959) en (misschien wel de meest bekende) "All about Eve" (1950). Laatastgenoemde film viel op door zijn scherpe dialogen, waarin de hand van de voormalige scenarioschrijver is te herkennen.

    Zijn carrière raakte in het slop met de perikelen (onder andere de affaire tussen de hoofdrolspelers Richard Burton en Elizabeth Taylor) tijdens de produktie van het historische spektakel "Cleopatra" (1963). Met "Sleuth" (1972) liet Mankiewicz nog één keer zien wat hij kon.

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het oeuvre van Joseph Mankiewicz, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Andrew Wyke (Laurence Olivier), een succesvol schrijver van detectives, nodigt de minnaar van zijn vrouw (Milo Tindle gespeeld door Michael Caine) uit op zijn landhuis. Hij doet een opmerkelijk voorstel aan Tindle. We zetten samen een inbraak in scene. Jij gaat er vandoor met de juwelen (en later met mijn vrouw). Ik strijk het geld op van de verzekering en ga stil leven met mijn eigen minnares. 

    Op het eerste gezicht een waterdicht plan. Of zou er meer achter zitten?

    COMMENTAAR

    Een man nodigt de minnaar van zijn vrouw uit op zijn buitenhuis. Het is een typische Agatha Christie setting (gekunstelt maar volgeladen met conflictstof) die waarschijnlijk al in 1972 aan de ouderwetse kant was. Daarbij komt dat de gastheer in dit geval slechts één gast heeft uitgenodigd en niet tien, zoals in "Tien kleine negertjes". Het is dan ook voor een niet gering deel te danken aan de acteerprestaties van Laurence Olivier en Michael Caine (afbeelding 1) dat de film uiteindelijk een klassieker is geworden. 

    Laurence Olivier speelt detectiveschrijver Andrew Wyke. Een man die beroepsmatig leeft van zijn fantasie, maar al doende de band met de werkelijkheid een beetje verloren lijkt te hebben. Zijn (in Tudor stijl opgetrokken) landhuis mag dan misschien geen Graceland (Elvis Presley) of Neverland (Michael Jackson) zijn, maar met al die snuisterijen en antieke poppen (afbeelding 2) er in scheelt het niet veel. 

    Naast een beetje wereldvreemd is Wyke ook een echte snob. De vele oorkondes aan de muur getuigen daarvan. Hij ziet zichzelf als een onvervalste "games man", en wil daarmee zeggen dat het hem niet om de knikkers maar om het spel gaat. Daarbij dient bedacht te worden dat hij alles als een spel ziet. Op de vraag of hij bijv. ook het huwelijk als een spel ziet is het antwoord: "It's sex! Sex is the game! Marriage is the penalty". Deze opmerking is nogal denigrerend ten opzichte van zijn vrouw, en het maakt hem er niet sympathieker op. Wat dat betreft identificeren we ons meer met Milo Tindle. Zijn financiële situatie laat het eenvoudig weg niet toe om zich niet om de knikkers te bekommeren. Tindle maakt dit aan Wyke duidelijk door de opmerking: "The only game we played was survival".

    Het spel belangrijker vinden dan de knikkers klinkt erg olympisch, maar zo zit Wyke toch niet in elkaar. Winnen is voor hem (of beter nog voor zijn ijdele ego) wel degelijk belangrijker dan meedoen. Verliezen is hem in elk geval een gruwel. In feite vindt hij de gedachte zijn vrouw kwijt te raken (het resultaat) minder erg dan de gedachte dat zij een andere man boven hem zal preferenen (het spel, de wedstrijd). Wat dat betreft lijkt Wyke wel wat op de figuur van Waldo Lydecker uit "Laura" (1944, Otto Preminger), ware het niet dat Waldo Lydecker zijn frustaties botviert op de vrouw terwijl Wyke de rivaliserende minnaar als doelwit kiest.

    Van dit doelwit wil hij niet alleen "winnen", hij wil hem zo veel mogelijk vernederen. En zo ontstaat een strijd op leven en dood die doet denken aan "Who is afraid of Virginia Woolf (1966, Mike Nichols). Ook een film die het moet hebben van de acteerprestaties van de twee hoofdpersonen (in dit geval Elizabeth Taylor en Richard Burton).

    "Sleuth" (1972) leent zich door zijn plotgedreven karakter niet voor een uitgebreide recensie. Wel kan nog worden opgemerkt dat het de laatste grote film van  Joseph Mankiewicz zou worden. In 2007 maakte Kenneth Branagh (toch niet de eerste de beste waar het gaat om toneelverfilmingen) een remake met dit keer Michael Caine in de rol van Wyke. Zoals zo vaak bij een remake haalde de film het niet bij het origineel.

    DATUM: 14 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

     

    Sleuth (1972) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Marc Rothemund (1968) is vooral bekend van de film "Sophie Scholl" (2005).

    HET VERHAAL

    Sophie Scholl maakte, samen het haar broer, onderdeel uit van de verzetsgroep "die weisse rose".
    Deze groep verzette zich op geweldlose wijze tegen het Nazi-regime, onder andere door het verspreiden van pamfletten.
    Op 18 februari 1943 verspreiden Sophie en haar broer een vlugschrift op de universiteit van Munchen, nog diezelfde dag worden ze gearresteerd.
    Op 22 februari 1943 vindt het (show)proces tegen de twee plaats. Ze worden ter dood veroordeeld. Het vonnis wordt nog dezelfde dag voltrokken.
    Gezien het moordende tempo van het proces is het onderschrift van de film (die letzten Tage) dus geenszins overdreven.

    COMMENTAAR

    De laatste jaren zijn er opvallend veel films die de Tweede Wereldoorlog vanuit Duits perspectief bekijken. Zie bijvoorbeeld "Der Hauptmann" (2017, Robert Schwentke) en de in die recensie genoemde verdere verwijzingen. Deze films staan toch allemaal, in meer of mindere mate, in het teken van boetedoening. Een Duitser die een film maakt over de Tweede Wereldoorlog is al bijzonder, een Duitser die een film maakt over een Duitse oorlogsheld(in) gaat echt over het randje.  Alle Duitsers waren tussen 1940 en 1945 immers slecht. 

    Er zijn een paar films die tegen dit stereotype beeld in gaan. "Sophie Scholl" is gemaakt in een tijd dat de stroom Duitse oorlogsfilms eigenlijk nog moest losbarsten. Van recentere datum is "Elser" (2015, Oliver Hirschbiegel), een film over George Elser die in november 1939 een mislukte aanslag op Hitler heeft gepleegd. In feite is Fritz Bauer uit de film "Der Staat gegen Fritz Bauer" (2015, Lars Kraume) ook een held, maar geen echte verzetsheld. Hij verzet zich niet (in een oorlogssituatie) tegen het Nazi-regime, maar (in vredestijd) tegen het stilzwijgen rondom dit regime in het Duitsland van de jaren '50. 

    Niet zo lang geleden zag ik "Het meisje met het rode haar" (1981, Ben Verbong). De overeenkomsten tussen de twee films liggen voor het oprapen.

    - Het gaat over een verzetsheld.
    - De verzetsheld is een jonge vrouw.
    - De films zijn in beide gevallen gebaseerd op feiten c.q. historische personages.
    - Beide vrouwen krijgen aan het eind de doodstraf.

    Filmisch kan daar nog aan toegevoegd worden dat in beide films de kleur rood een sterk accent krijgt. Bij "Het meisje met het rode haar" heeft dit (uiteraard) betrekking op het haar van het meisje, bij "Sophie Scholl" op haar trui en het swastika vaandel (zie poster en afbeelding 2). 

    Er zijn echter ook duidelijke verschillen aan te wijzen. Waar Hannie Schaft op een gegeven moment de overstap naar geweld (liquidaties) maakt, zweert "die weisse rose" bij geweldloos verzet. Dit verschil in het karakter van de acties zien we ook terug in het karakter van zowel de verzetsgroep als het hoofdpersonage. Zowel Hannie Schaft als Sophie Scholl zijn student. Hannie Schaft zet haar studie echter "on hold" om in het verzet te gaan terwijl "die weisse rose" een studentikoos karakter blijft houden (afbeelding 1). Hannie Schaft verhard tijdens haar verzetsperiode, Sophie Scholl blijft een idealistisch, enigszins wereldvreemd meisje. 

    Niet alleen de hoofdpersonen zijn anders, ook de manier waarop de film hun verhaal verteld is dat. In "Het meisje met het rode haar" wordt Hannie Schaft pas tegen het eind van de oorlog gearresteerd. De nadruk van de film ligt op de ontwikkeling die ze doormaakt richting harder geweld, en de morele dilemma's die daarmee samenhangen. In "Sophie Scholl" vindt de arrestatie al aan het begin van de film plaats. De nadruk van de film ligt op de verhoren en het proces. "Sophie Scholl" is dan ook een film met veel meer dialoog dan "Het meisje met het rode haar".

    In de vergelijking met "Het meisje met het rode haar" is al het één en ander gezegd over het karakter van Sophie Scholl. Daarnaast vallen nog een aantal andere zaken op aan de film.

    In de eerste plaats is daar de strafmaat (doodstraf voor verzet dat geweldloos is en zich beperkt tot het verspreiden van pamfletten) en de snelheid (op dezelfde dag) waarmee het vonnis wordt voltrokken. Ik denk dat dat niet los kan worden gezien van de fase waarin de oorlog zich op dat moment bevond. De Duitsers hadden in februari 1943 net de slag bij Stalingrad verloren en de oorlog was bezig een voor het Duitse leger ongunstige wending te nemen. De filosofische kritiek van "die weisse rose" ("In naam van het gehele Duitse volk vragen we aan de staat van Adolf Hitler onze persoonlijke vrijheid terug, het kostbaarste bezit van de Duitsers, omdat hij ons op de erbarmelijkste manier bedrogen heeft.") deed misschien wel minder pijn dan hun militair strategische kritiek ("Bedankt, Führer voor de zinloze dood van 330.000 Duitse mannen in de slag om Stalingrad.") in de oren van de top van het Duitse rijk die steeds nerveuzer werd. 

    Het tweede wat opvalt is het grote verschil tussen de Nazi rechercheur (Robert Mohr gespeeld door Alexander Held) en de Nazi rechter (Roland Freisler gespeeld door André Hennicke). De verhoren van Sophie vallen uiteen in twee delen. In het eerste deel draait het om de vraag OF ze het heeft gedaan. Nadat dit vast staat ("Ja, und ich bin stolz darauf") gaat het in het tweede deel vooral om de vraag WAAROM ze het heeft gedaan. Het is opmerkelijk in hoeverre de rechercheur bereid is met Sophie deze filosofische discussie aan te gaan. Heeft hij niet zijn werk gedaan nu hij haar een bekentenis heeft ontfutselt? Tijdens deze discussies geeft hij haar een paar keer de kans haar huid te redden door spijt te betuigen, hetgeen Sophie weigert. Een lid van de Gestapo met zoveel inlevingsvermogen. Het is haast te mooi om waar te zijn, ware het niet dat de film vrij letterlijk is gebaseerd op de processen verbaal van de verhoren. "Over the top" vond ik dan wel weer de Bijbelse verwijzing waarin de rechercheur na afloop van de verhoren demonstratief zijn handen wast.

    Nee, dan de rechter. Dat is een ouderwetse Nazi bullebak. Het proces tegen Sophie Scholl was een showproces, maar dit is toch wel erg veel show en erg weinig proces. De rechter is tevens opbaar aanklager. Hij schreeuwt, intimideert en kleineert de verdachten. De advovaten durven niets te zeggen ("geen vragen"). Ook hier geldt weer, de film is gebaseerd op werkelijke feiten (processen verbaal en beeldopnamen). Rechter Freisler sprak in 90% van de gevallen een doodvonnis uit. Hij nam de helft van de doodvonissen in Nazi Duitsland voor zijn rekening. Tijdens een proces heeft hij een keer een wetboek de publieke tribune ingesmeten met het commentaar "Ik heb geen wetboek nodig, ik ben hier de wet". Om verdachten belachelijk te maken liet hij ze een te grote broek aantrekken zodat ze voor het hekje letterlijk hun broek moesten ophouden. 

    Zo bezien heeft de regisseur zich nog ingehouden bij het in beeld brengen van het proces.

    DATUM: 29 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Sophie Scholl - Die letzten Tage (2005) on IMDb



    Reacties

    DE REGISSEUR

    David Mackenzie (1966) werd geboren in Schotland. Hij debuteerde als regisseur in 2002 en won in 2007 een zilveren Beer op het filmfestival van Berlijn met "Hallam Foe". Tot een doorbraak bij het grote publiek kwam het echter niet. Daarin kwam verandering met de Amerikaanse productie "Hell or high water". Deze film werd niet alleen genomineerd voor diverse Oscars, maar was in Amerika ook de film die in 2016 het meest in het laadje bracht bij de bioscoopkassa.

    HET VERHAAL

    De boerderij van de familie Howard dreigt, na generaties, verloren te gaan. Tanner Howard (Ben Foster) kan de hypotheekschuld na het overlijden van zijn moeder niet afbetalen. 

    Om de boerderij toch binnen de familie te houden begint hij samen met broer Toby (Chris Pine), die net uit de gevangenis is, een serie bankovervallen. Niet toevallig overvallen ze alleen filialen van de bank waar ook de hypotheek uitstaat.

    Al spoedig wordt het tweetal achterna gezeten door Sheriff Hamilton (Jeff Bridges) en zijn assistent Parker (Gil Birmingham).

    COMMENTAAR

    Hoewel ik geen groot liefhebber van de Western ben, valt de Neo Western bij mij vreemd genoeg vaak wel in de smaak. De reden is denk ik dat in de Neo Western aan de klassieke genreconventies een eigentijdse twist wordt gegeven. Dat is ook het geval bij "Hell or high water". 

    Men kan zich zelfs afvragen of de film uberhaupt wel in het Western stramien valt. Behoren verhalen over bankovervallen niet veel meer thuis in het crime genre? Voor de Western pleit in dit geval het optreden van een ordehandhaver die veel meer het karakter heeft van een ouderwetse sheriff dan van een detective. Deze sheriff wordt gespeeld door Jeff Bridges in misschien wel zijn beste rol sinds "The big Lebowski" (1998, Joel en Ethan Coen). Beslissend voor de "Western uitstraling" van "Hell or high water" is naar mijn mening echter nog veel meer de rol die het Texaanse landschap in deze film speelt. Waar crime typisch een stads genre is, speelt een Western zich af op het platteland en in de dorpen.

    Alleen al als Western (dus nog zonder het Neo) is het een plezier om naar "Hell or High water" te kijken. Het verhaal gaat niet alleen over de sheriff en zijn assistent (afbeelding 2) die achter de twee bankovervallers (afbeelding 1) aanzitten, maar ook over de rolverdeling binnen deze twee koppels. Zo is bij de bankovervallers Tanner het brein terwijl Toby de (wispelturige) handjes levert. De (tegen zijn pensioen aanzittende) sheriff is een ouderwetse racist die het niet kan laten zijn assistent, die half Indiaans en half Mexicaans is, te beledigen. Zie bijvoorbeeld het onderstaande citaat (noot 1):

    Alberto Parker: I'm starving.
    Marcus Hamilton: I doubt they serve pemmican (een van oorsprong Indiaans gerecht).
    Alberto Parker: You know I'm part Mexican, too.
    Marcus Hamilton: Yeah, well, I'm gonna get to that when I'm through with the Indian insults, but it's gonna be a while.

    Overigens kunnen Hamilton en Parker niet zonder elkaar en slaat Parker, als het zo uitkomt, verbaal net zo hard terug. Als Hamilton het filiaal dat de bankovervallers gaan overvallen juist voorspelt blijkt te hebben, ontspint zich de volgende dialoog.

    Marcus Hamilton: This is what they call white man's intuition.
    Alberto Parker: Sometimes a blind pig finds a truffle.

    Waar de Western op een komische manier lichtvoetig is en veel scherpe dialogen bevat, geldt dat in veel mindere mate voor de Neo toevoegingen. "Hell or high water" speelt nadrukkelijk in de nasleep van de financiële crisis, die veroorzaakt werd door zogenaamde "subprime" Amerikaanse hypotheken. Het lijkt er op dat de ouders van Tanner en Toby een dergelijke hypotheek hebben afgesloten en nu is de familie met huid en haar overgeleverd aan de bank. Er zijn de nodige films gemaakt over het financiële systeem, maar die gingen voornamelijk over de "daders". Denk aan films als "Wall street" (1987, Oliver Stone), "Margin call" (2011, Jeffrey Chandor) en  "The wolf of Wall street" (2013, Martin Scorsese). "Hell or high water" gaat over de verliezers van de financiële crisis, en dat is niet alleen de  familie Howard. Overal langs de snelweg staan reclameborden van financieel adviseurs die "debt relief" beloven.

    Ergens in het midden van de film zegt Parker tegen Hamilton dat lang geleden de blanken het land van de Indianen hebben ingepikt en dat nu de banken op hun beurt het land van de blanken  inpikken. Deze film gaat over het inpikken door de banken. Een jaar later zou scenarioschrijver Taylor Sheridan als regisseur de film "Wind river" (2017) maken, die over de tegenstelling tussen Indianen en blanken gaat. Gil Birmingham, die in "Hell or high water" de rol van assistent Parker speelt, zou in deze film opnieuw een Indiaans personage spelen.

    De film gaat niet alleen over de financiële crisis, in feite stelt hij de hele Amrikaanse droom ter discussie.

    Toby Howard: I've been poor my whole life, like a disease passing from generation to generation. But not my boys, not anymore. 

    Armoede als erfelijke afwijking, dat past toch niet in het beeld van de krantenjongen die het tot miljonair schopt. Dat past niet bij de filosofie dat succes een keuze is en de armen hun armoede dus wel aan zichzelf te danken zullen hebben. Maar zoals blijkt uit de tweede zin van bovenstaand citaat laten de Howards het er niet bij zitten ("hell or high water laat zich in het Nederlands vertalen met "kost wat het kost"). In plaats van op Trump te stemmen (de Howards passen naadloos in het plaatje van de "forgotten people" waar Trump voor op zegt te komen) komen ze in actie. Als twee moderne Robin Hoods met zichzelf als het goede doel gaan ze banken overvallen. Je zou ze bijna gelijk geven.

    Noot 1: Sheriff Hamilton is niet de enige Texaan op leeftijd met racistische ideeën. Wat te denken van de volgende dialoog middenin de tweede bankoverval.

    Old Man: You fellas robbin' the bank?
    Tanner Howard: What's it look like, old man?
    Old Man: But you ain't Mexicans.

    DATUM: 7 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Hell or High Water (2016) on IMDb







    Reacties

    DE REGISSEUR

    Ben Verbong (1949) was vooral in de jaren '80 actief in de Nederlandse bioscoop ("Het meisje met het rode haar" (1981), "De schorpioen" (1984) en "De kassière"(1989)). Sinds 1997 is hij actief in Duitsland.

    HET VERHAAL

    "Het meisje met het rode haar" vertelt het verhaal van Hannie Schaft (1920 - 1945). Na een examen rechten vertelt Hannie (Renée Soutendijk) de hoogleraar dat ze voorlopig stopt met haar studie en het verzet in gaat. In het verzet begint ze met het rondbrengen van illegale krantjes. Na verloop van tijd krijgt ze een mentor (Hugo gespeeld door Peter Tuinman). Samen met deze mentor zet ze zich aan het "zwaardere werk", zoals het executeren van collaberateurs. Er ontstaat een romance tussen deze twee, maar Hugo verliest het leven bij een mislukte actie. Aangezien hij een foto van zijn verloofde op zak had, moet Hannie haar haar verven en weer wat meer op de achtergrond opereren. Het is echter ook Hannie niet vergund het einde van de oorlog te halen. Ze wordt gesnapt met illegale krantjes in haar fietstas en drie weken voor het einde van de oorlog in de duinen gefusilleerd.

    COMMENTAAR

    De film begint met een examen. Dit doet sterk denken aan het 6e deel ("Gij zult niet doden") van "De dekaloog" (1989, Kieslowski). In "De dekaloog" wordt de student vervolgens advocaat en moet een moordenaar verdedigen. De studente Hannie Schaft blijft minder langs de zijlijn staan en zal in de loop van de film zelf mensen ombrengen. De film staat herhaaldelijk stil bij de morele dillema's die dit oplevert. Als een soort "toelatingsexamen" wordt Hannie een kamer binnengeleid met een geblinddoekte man. Ze krijgt de opdracht hem dood te schieten, elke verdere toelichting ontbreekt. Als Hannie weigert, vindt de verzetsgroep dat ze vooralsnog gezakt is voor het examen. Een merkwaardige conclusie.

    Later in de film zal Hannie wel mensen doodschieten, mensen waarvan ze weet dat die bloed aan hun handen hebben. Ook dan zijn de morele dillema's echter niet van de lucht. Het neerschieten van een vrouw die onderduikers verraadt waar haar jonge kind bij is. Welke verantwoordelijkheid heb je als verzetstrijder voor de slachtoffers van represailles? 

    Na de dood van haar minnaar radicaliseert Hannie. Bij het uitzoeken van haar slachtoffers komt het persoonlijke motief steeds meer op de voorgrond te staan, het begint op wraak en afrekening te lijken. Met dit laatste deel loopt de film vooruit op kritiek op de Nederlandse verzetsbeweging die pas vele jaren later de kop op zou steken. Was het Nederlandse verzet altijd wel zo zorgvuldig in het uitkiezen van zijn "targets"? Zijn er wellicht ook mensen doelwit geweest die hun (openlijke) samenwerking met de Duitsers gebruikten als dekmantel voor (verborgen) daden van verzet? Ik noem hier het boek "Recht op wraak" van Jack Kooistra en Albert Oosthoek uit 2009 en de bekentenis van Atie Ridder-Visser uit 2011. Kortom, de romance zit er niet alleen in om de kijkcijfers te verhogen. Een pluspunt van de film.

    Het is grappig om "het meisje met het rode haar" te vergelijken met "Soldaat van Oranje" (1977, Paul Verhoeven) van een paar jaar eerder. In beide gevallen is sprake van een film over een Nederlandse verzetsheld, maar daarmee houdt de gelijkenis ook wel op. Erik Hazelhoff Roelfzema (soldaat van Oranje) een celebrity die op goede voet stond met het Koninklijke huis, Hannie Schaft een overtuigd communist. Dit laatste lag in naoorlogs Nederland zeer gevoelig. Zelfs zo gevoelig dat in 1951 de jaarlijkse Hannie Schaft herdenking werd verboden. Pas in 1982 zou er een beeld van haar in Haarlem worden onthuld door prinses Juliana en zouden de jaarlijkse herdenkingen worden hervat. In 2015 zou het naoorlogse verschil in waardering bijna 180 graden draaien toen Sytze van der Zee in een biografie van Koningin Wilhelmina onthulde dat Erik Hazelhoff Roelfzema in de jaren vlak na de oorlog mogelijkerwijs een staatsgreep heeft beraamd. 

    In de film zien we van al deze historische wetenswaardigheden weinig terug, maar het valt me wel op dat mannelijke verzetshelden in het algemeen "flitsender" worden voorgesteld dan vrouwelijke. Waar Erik Hazelhoff Roelfsema piloot was verricht Hannie haar activiteiten voornamelijk met de fiets. Ze staat daarin niet alleen want in bijvoorbeeld de film "Barbara" (2012, Christian Petzold) legt het titelpersonage (een dissidente in Oost-Duitsland, maar dat is toch ook een beetje een verzetstrijder) ook heel wat kilometers af op haar stalen ros.

    "Het meisje met het rode haar" is een langzame film. Dit wordt nog eens benadrukt door de filmmuziek, die aan films van de gebroeders Taviani doet denken. Inderdaad wijst nader onderzoek uit dat componist Nicola Piovani ook de filmmuziek voor bijvoorbeeld "Fiorile" (1993) heeft gemaakt. De dialogen in "Het meisje met het rode haar" zijn schaars en de film moet het meer van beeldtaal hebben. Het platte Noordhollandse landschap wordt mooi in beeld gebracht, en hetzelfde geldt voor station Haarlem (dat zich natuurlijk bij uitstek leent voor een dergelijke historische film). Het voelt een beetje als Hollands glorie in vervlogen tijden als aan het eind van de film niet Tata, niet Corus maar de Hoogovens bedank worden voor hun medewerking. 

    De echte sterke punten van de film zijn naar mijn mening de hoofdrolspeelster en het camerawerk. Hoofdrolspeelster Renée Soutendijk bevond zich destijds op het hoogtepunt van haar carrière. Zij speelde zowel in commerciële films van Paul Verhoeven (denk aan "Spetters" (1980) en "De vierde man" (1983)) als in meer art house achtige films als  "Van de koele meren des doods" (1982, Nouchka van Brakel). Tevens speelde ze in het seizoen 1979-1980 mee in de televisieserie "Dagboek van een herdershond en in het seizoen 1981-1982 in  "Zeg 'ns Aaa".

    De film is, lang voor "Sleepy Hollow" (1999, Tim Burton), gedraaid tussen zwart - wit en kleur in. Het lijkt zwart - wit, maar soms wordt er een accent gelegd door bepaalde delen van het beeld in kleur te brengen. Het spreekt, gezien de titel van de film, bijna voor zich dat het in deze film gaat om het rode haar van Hannie Schaft. Op een gegeven moment moet Hannie haar haar verfen omdat haar signalement bekend is bij de politie. Met haar geverfde zwarte haren ziet ze er een stuk strenger uit (zie afbeeldingen). Het is tevens het moment in de film dat Hannie zich steeds meer door persoonlijke wraakzucht laat leiden.

    DATUM: 29 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Het meisje met het rode haar (1981) on IMDb

    Reacties
    Filmposters