Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    Films  in de nacht volgend op de aangegeven datum worden, ook als ze na  24:00 uur starten, aan deze datum toegerekend.

     

    Still life

    Woensdag 17 januari, 22:50 - 00:15 uur

    Arte

     

     

     

    Nebraska

    Vrijdag 19 januari, 23:00 - 00:32 uur

    NPO 2

     

     

    Turist

    Vrijdag 26 januari, 21:15 - 23:10 uur

    Canvas

    Meest recente artikelen

    DE REGISSEUR

    Martin McDonagh is geboren in Londen uit Ierse ouders. Hij heeft een dubbele Engels - Ierse nationaliteit. Zijn Ierse nationaliteit komt nadrukkelijk tot uiting in de toneelstukken die hij schrijft. Zo heeft hij onder andere de Leenane trilogie (1996 - 1997)  en de Aran islands trilogie (1996 - 2001) op zijn naam staan. Al deze toneelstukken spelen in en rondom County Galway. Meer recent had McDonagh succes met zijn toneelstuk "The hangman" (2015), waarin de laatste beul van Engeland gevolgd wordt na het afschaffen van de doodstraf.

    Tussendoor maakt McDonagh af en toe ook films, waarvoor hij zelf uiteraard het scenario schrijft. Zijn debuut met "In Bruges" (2008) sloeg meteen al aan. Zo mogelijk nog meer succes had "Three billboards outside Ebbing Missouri" (2017).

    HET VERHAAL

    Angela Hayes is al meer dan een half jaar geleden verkracht en vermoord. Het politieonderzoek heeft tot nog toe weinig opgeleverd. Uit frustratie hierover huurt alleenstaande moeder Mildred (Frances McDormand) drie billboards (beetje anachronistisch in deze tijd van social media, maar visueel heel sterk) en stelt daarop het (in haar ogen) lakse politieoptreden aan de kaak. Dit brengt haar (uiteraard) in coflict met het politiekorps, maar ook met de inwoners van Ebbing Missouri die wel vertrouwen hebben in de plaatselijke sheriff.

    COMMENTAAR

    Toen "Three billboards outside Ebbing Missouri" bij mij "in the picture" kwam, vond ik het opvallend dat dit de tweede film in korte tijd was (na "The killing of a sacred deer" (2017, Yorgos Lanthimos) die ging over mensen die het recht in eigen hand nemen. Afgezien van het feit dat er toch wel een verschil is tussen een zoon die de chirurg het overlijden van zijn vader verwijdt ("The killing of a sacred deer") en een moeder die de politie verwijt dat ze de moordenaar van haar dochter niet snel genoeg oppakken ("Three billboards outside Ebbing Missouri"), had ik de thematiek van laatstgenoemde film totaal verkeerd ingeschat. De film gaat namelijk niet zozeer over eigenrichting als wel over boosheid. In plaats van de witte boze man, die zo'n grote rol speelde in de campagne voor de laatste Tweede Kamer verkiezingen, staat hier de boze witte vrouw (Mildred Haynes) centraal.

    De film zet de kijker herhaaldelijk op het verkeerde been. Zo komt de oplossing van de moord op Angela Haynes gedurende de film geen steek dichterbij. Ook degene die denkt dat de sympathie van de kijker vooral zal liggen bij de moeder die het opneemt tegen de ongetwijfeld hemeltergende bureaucratie bij de politie (een soort "I, Mildred Haynes" naar analogie van "I, Daniel Blake" (2016, Ken Loach)) komt bedrogen uit.

    Dit komt in de eerste plaats doordat de woede van Mildred zich richt tegen sheriff Willoughby (Woody Harrelson, bij velen ongetwijfeld bekend als de barman uit de televisieserie "Cheers"), in feite het meest sympathieke personage van de film. Dat Mildred geen enkele rekening wenst te houden met het feit dat de sheriff ongeneeselijk ziek is en nog maar enkele maanden te leven heeft, komt op z'n minst ongevoelig over.

    In de tweede plaats richt Mildred haar pijlen mede op Willoughby om vooral maar niet naar zichzelf te hoeven kijken. Haar leven loopt niet geweldig. Haar man is er vandoor gegaan met een groen blaadje van 19. Op de dag van de moord had ze ruzie met haar dochter, die van haar de auto niet mocht lenen om naar een feestje te gaan. De dochter is toen maar gaan lopen. Om de "Wat als ..." vraag te onderdrukken richt ze haar woede bij voorkeur op anderen.

    Tenslotte is het niet precies duidelijk wat Mildred nu precies wil. Moet sheriff Willoughby, als hij de schuldige niet kan vinden, dan maar een onschuldige oppakken? Gaat het Mildred om gerechtigheid of moet er sowieso iemand hangen en gaat het haar primair om wraak? In een cruciale scene ontmoet Mildred bij één van haar billboards een hert. Ze begint tegen het dier te praten en vraagt zich af of de wereld niet ontzettend leeg zou zijn als God niet bestaat? Of het dan nog wat uitmaakt wat we elkaar aandoen? Uit deze scene, die (in tegenstelling tot de rest van de film) dicht in de buurt komt van de "stilte van God" trilogie van Bergman, blijkt dat het haar uiteindelijk toch in de eerste plaats om gerechtigheid gaat.

    Dezelfde scene met het hert is nog om een andere reden onthullend. Mildred is bij haar billboards om plantenbakken te verzorgen. Plantenbakken zoals we die ook wel eens langs de weg zien staan op plekken waar een dodelijk verkeersongeluk heeft plaatsgevonden. De billboards zijn met andere woorden niet alleen een middel om de politie aan te klagen, maar ook een plek om Angela te gedenken. Deze dubbelzinnigheid kleeft niet alleen aan de billboards, maar aan het personage van Mildred Haynes in het algemeen. Er zit maar een heel dun laagje tussen de stoere strijdende moeder die in het café met de mannen biljart (afbeelding 1) en de rouwende moeder die de plantenbakken bij de billboards verzorgt (afbeelding 2). Francis McDormand weet deze dubbele bodem uitstekend in haar rol te leggen.

    De meest felle confrontatie met het Ebbingse politiekorps heeft Mildred Haynes met agent Dixon (Sam Rockwell). Deze agent is in feite de 'boze witte man" in het verhaal. Net als bij Mildred begrijpen wij de concrete aanleiding van zijn boosheid. Hij is loyaal aan zijn baas en vindt (net als overigens vele andere inwoners van Ebbing) de aantijgingen op de billboards een stoot onder de gordel richting sheriff Willoughby. De manier waarop hij met zijn boosheid omgaat (een soort mix van seksisme, racisme en homohaat) kan al veel minder op bijval rekenen. Net als bij Mildred wordt de bron van zijn boosheid gevormd door een combinatie van een niet helemaal geslaagd leven (als volwassen man woont hij nog steeds bij zijn (inmiddels bejaarde) moeder) en de onwil om de oorzaak hiervan bij zichzelf te zoeken. Agent Dixon (en daarmee Sam Rockwell) groeit uit tot het tweede hoofdpersonage van de film. Hij heeft misschien minder screentime dan Francis McDormand, maar zijn personage maakt wel een spannender karakterontwikkeling door.

    DATUM: 17 januari 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Alfred Hitchcock, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    In het psychiatrische ziekenhuis Green Manors heerst een onrustige sfeer. Vandaag zal de nieuwe directeur Dr Edwardes (Gregory Peck) arriveren. Hij volgt Dr Murchison (Leo Carroll) op, die onlangs een burn out heeft gehad. De nieuwe directeur ziet er goed uit en psychiater Dr Constance Petersen (Ingrid Bergman) valt onmiddellijk voor zijn charmes.

    De nieuwe directeur ziet er niet alleen goed uit, hij gedraagt zich ook vreemd. Het duurt dan ook niet lang voordat Dr Petersen er achter komt dat de nieuwe directeur een patiënt is met geheugenverlies die zich uitgeeft voor Dr Edwardes. Verliefd als ze is, gelooft Dr Petersen heilig in de onschuld van de patiënt, maar objectief gesproken wijst alles er op dat hij iets te maken heeft met de verdwijning van de echte Dr Edwardes. Samen met de patiënt ontvlucht ze Green Manors om "in alle rust" de patiënt te genezen en zo zijn onschuld te bewijzen.

    COMMENTAAR

    Het gesticht waar de gekken de macht overgenomen hebben. Het is een oud thema waarop onder andere in "Das cabinet des Dr Caligari" (1920, Robert Wiene) wordt voortgeborduurd. Ook "Spellbound" lijkt er met een patiënt die zich uitgeeft voor zijn behandelaar een vleugje van te hebben meegekregen. Dat is echter grotendeels schijn. Het feit dat het Gregory Peck personage niet degene is voor wie hij zich uitgeeft weten we al als de film nog geen half uur oud is. Daarna is de vraag vooral wie hij dan wel is. Bovendien is het Gregory Peck personage allesbehalve een gek, maar een patiënt. Niet iedereen die bij een psychiater loopt is gek.

    "Spellbound" staat bol van de Freudiaanse psycho-analyse. Hitchcock zelf was daar niet zo blij mee, hij had het zelfs over "pseudo psychologie". De drijvende kracht achter al dat Freudiaanse gedoe was vooral producent David Selznick. Die had nog niet zo lang geleden een behandeling ondergaan en bovendien was het in die tijd gewoon een hip onderwerp. Omdat Selznick een belangrijke rol had gespeeld bij de overstap van Hitchcock van Engeland naar Amerika , besloot de regisseur dat hij zijn vriend een wederdienst verschuldigd was. Resultaat is wel dat de film nu erg gedateerd aan doet. 

    Tegenwoordig zouden we ons misschien meer focusen op het  personage van Dr Petersen, die zonder twijfel een "workaholic" is en op dit moment een gerede kans zou lopen het etiket "autistisch" (de hype van dit moment?) opgeplakt te krijgen. Nou doet de film ook wel zijn best een karikatuur van dit personage te maken. Ze heeft een Scandinavische naam, wordt gespeeld door een Scandinavische actrice en heeft winterse bijnamen onder haar collega's als "ijspegel" of "gletsjer" (afbeelding 1). Het is verrassend (en ook wel een beetje ongeloofwaardig) hoe snel deze "ijspegel" smelt als sneeuw voor de zon zodra de (zogenaamde) Dr Edwardes in de buurt komt. Zijn eerste zoen heeft een verpletterende impact op haar. Wij zouden zeggen dat "de knop omgaat" of "de sluizen opgaan". Hitchcock visualiseert dit moment door een serie deuren die opengaan, waarbij achter de laatste deur het felle licht van eros brandt (afbeelding 2).

    Hoewel het ontstaan van de romance tussen de (zogenaamde) Dr Edwardes en Dr Petersen dus nogal geforceerd aandoet, zijn Ingrid Bergman en Gregory Peck in de rest van de film een overtuigend romantisch koppel. Hulde echter vooral voor de bijrol waarin Michael Chekov (inderdaad een neefje van de grote Russische schrijver) gestalte geeft aan Dr Brulov. Dit is de mentor van Dr Petersen en degene bij wie ze onderdak vindt als ze uit Green Manors wegvlucht. In feite personificeert Dr Brulov de verstrooide geleerde, dat wil zeggen Freud zelf. Hij kreeg voor zijn bijrol terecht een Oscar.

    Zoals reeds eerder gezegd doen de Freudiaanse droomanalyses wat gedateerd aan. Voordeel van een droomanalyse is wel dat er ook een droomscene moet zijn, en het is vooral deze droomscene waaraan "Spellbound" heden ten dage zijn bekendheid ontleend. Hitchcock gaf deze droomscene vorm in samenwerking met Salvador Dali. De droomscene is zo bekend dat een clip niet mag ontbreken (noot 1). De roem van deze scene dringt echter naar de achtergrond dat Hitchcock ook op andere plekken in de film heel innovatief met visuele effecten omgaat. De "kusscene" (afbeelding 2) zjn we al tegengekomen. Bij Dr Brulov blijkt dat het ongeluk met Dr Edwardes gebeurd is toen hij met zijn patiënt uit skiën ging. De patiënt heeft hierdoor een trauma voor witte kleuren en witte vlakken ontwikkeld. In clip 2 zien we hem in paniek raken, in eerste instantie door het wit van zijn scheerschuim (0:48 min)  en vervolgens door al het andere wit in de badkamer. (0:55 - 1:03 min).  Verdwaast begint hij, met een scheermes in zijn hand, door het huis te dwalen (vanaf 1:15 min). Uiteindelijk kalmeert Dr Brulov hem door middel van een glas melk met een slaapmiddel er in. Bij het drinken van dit glas wordt Dr Brulov door de bodem van het glas heen gefilmd (3:48 min) (noot 2).    

     

    Noot 1: In de clip zien we een gordijn met allemaal ogen waar iemand met een grote schaar dwars doorheen knipt. Blijkbaar heeft Dali iets met ogen, want in een beroemde (beruchte?) scene uit "Un chien Andalou" (1929, Luis Bunuel) gaat iemand met een scheermes een oog te lijf).

    Noot 2: Het is niet voor het eerst dat Hitchcock een truc uithaalt met een glas melk. In "Suspicion" (1941) had hij een lampje in een glas melk gedaan, zodat het er dreigend uit zag. 

    DATUM: 6 januari 2018

    EIGEN WAARDERING: 7 

    Spellbound (1945) on IMDb

    Reacties

    Frank Capra (1897 - 1991) werd geboren in Sicilië, maar emigreerde al op zijn 6e jaar naar Amerika. In de jaren 30 had hij veel succes met films over de gemiddelde goedbedoelende Amerikaan die het opneemt tegen de gevestigde orde. Titels die in dit verband kunnen worden genoemd zijn: "Mr Deeds goes to town" (1936), Mr Smith goes te Washington" (1939) en "Meet John Doe" (1941). John Doe wil in het Amerikaans zoiets zeggen als Jan Modaal in Nederland. Tijdens WO II maakte hij in opdracht van de Amerikaanse regering diverse oorlogsdocumentaires onder de titel "Why we fight". Hij kreeg hier na de oorlog een medaille voor.

    Het lukte Frank Capra niet om na de oorlog zijn succes te continueren. Het simpele optimistische wereldbeeld, waar zijn films een uitdrukking van waren, was door de oorlog teveel geschokt. Weliswaar werden zijn films, te beginnen met "Arsenic and old lace" (1944) ook wel wat donkerder van toon, maar dit was niet genoeg. Gek genoeg maakte Capra in de neergaande fase van zijn carrière nog wel zijn meest bekende film, de kerstklassieker "It's a wonderful life" (1946).

    Michael Curtiz (1886 - 1962) werd geboren als Mihaly Kertesz, een Hongaar van Joodse afkomst. Hij maakte zijn eerste film in 1912, en vanaf dat moment lag zijn produktie ongekend hoog. Eén van zijn specialiteiten was het Bijbelse epos, waarvan "Moon of Israel" (1924) misschien wel de bekendste is. Deze film werd door de gebroeders Warner naar Amerika ge-exporteerd om de strijd aan te gaan met de Bijbelfilms van Cecil B. DeMille. Niet veel later (1926) besloten de Warner broers om ook de maker van deze fim naar Amerika te halen. De teller van Europese films stond toen op 64 voor Mihaly Kertesz.

    Eenmaal in Amerika nam hij de naam Michael Curtiz aan, en zou nog 101 films in Hollywood maken. Michael Curtiz is een typische representant van een regisseur uit het studiosysteem, meer vakman dan artiest. Toch heeft hij een aantal films op zijn naam die wel degelijk hoge artistieke waarde hebben. In de jaren dertig wist met name Curtiz het "swashbuckler" genre, overgewaaid uit de jaren '20,  populair te houden met films als "Captain Blood" (1935) en met name "The adventures of Robin Hood" (1938). Een paar jaar later zou hij zijn ultieme klassieker maken met "Casablanca" (1942).

    DE REGISSEUR

    Kaige Chen (1952) is een Chinese regisseur die behoort tot de zogenaamde 5e generatie (de generatie die zijn opleiding genoot na de culturele revolutie). Hoewel Zhang Yimou de meest bekende vertegenwoordiger van deze generatie is, brak deze generatie door met "Yellow earth" (1984) van Kaige Chen. De meest bekende film van Kaige Chen is "Farewell my concubine" (1993).

    HET VERHAAL

    Het is 1939, het Communistische bevrijdingsleger en de Kwomintang werken samen tegen de Japanse vijand. Een soldaat van het Communistische bevrijdingsleger bezoekt een arme landbouwstreek om "folk songs" (volksliedjes zou de verkeerde associatie kunnen opwekken) te verzamelen. Hij logeert bij een arme familie. Als het tijd is om afscheid te nemen wil de (14 jarige) dochter des huizes graag met hem mee het leger in. Zij is enerzijds onder de indruk van zijn moderne ideeën, maar anderzijds ziet zij haar gearrangeerde huwelijk met angst en beven tegemoet. Op afbeelding 1 zien we haar vol afgrijzen naar een soortgelijk huwelijk kijken, wetend dat het binnenkort haar beurt is. De soldaat vindt haar echter nog te jong om al dienst te nemen in het leger.

    COMMENTAAR

    "Yellow earth" is een beetje een vergeten film. Toen ik het nakeek op IMDB had de film 1.707 stemmen en 6 externe recensies. Vergelijk dat eens met bijvoorbeeld "Raise the red lantern" (1991) van Zhang Yimou, die 23.000 stemmen en 52 externe recensies heeft. Helemaal terecht is dit niet. Per slot van rekening is "Yellow earth" de doorbraakfilm van de 5e generatie en won diverse prijzen op internationale festivals. Het is ook niet onmogelijk dat "Yellow earth" een leerschool was voor Zhang Yimou, die in deze film achter de camere stond. In het al eerder genoemde "Raise the red lantern" zien we diverse invloeden uit "Yellow earth" terug. Denk aan het opvallende gebruik van de kleur rood, die er in beide films uitspringt tegen de achtergrond van een kleurenspectrum dat voor het overige bijna richting zwart - wit gaat. Denk ook aan het thema uithuwelijken c.q. vrouwenonderdrukking dat de twee films gemeenschappelijk hebben.

    Waar "Raise the red lantern" zich geheel in de oude tijd afspeelt, zien we in "Yellow earth" een confrontatie tussen oude gewoonten en communistische idealen. Op het eerste gezicht zijn wij geneigd de manier waarop de soldaat van het bevrijdingsleger "de nieuwe waarheid" komt verkondigen nogal pedant te vinden. De vader van het 14 jarige meisje (een weduwnaar) staat ook niet te springen om zijn dochter uit te huwelijken (aan een veel oudere man), maar ja hij heeft met de vergoeding het huwelijk van zijn zoon kunnen betalen. Zo gaat dat nu eenmaal in de betreffende streek, al eeuwenlang. Aan de andere kant is onze Westerse manier van kijken naar deze film ook niet helemaal van hypocrisie ontbloot. Kijken we naar Westerse films waarin mensen uit het Noorden van de VS de rassendiscriminatie in het Zuiden aan de orde stellen (denk aan de onlangs besproken films "In the heat of the night" (1967, Norman Jewison) of "Mississippi burning" (1988, Alan Parker)), dan zijn de mensen uit het Noorden natuurlijk de "goeden". Kijken we naar een film uit China waarin een soldaat van het communistische bevrijdingsleger vrouwendiscriminatie op het platteland aan de orde stelt, dan zou dat opeens hypocriet zijn? Een beetje dubbel is het wel.

    Ik kan mij dan ook goed voorstellen dat voor een Chinees publiek het een uitgemaakte zaak is dat de soldaat de held van de film is. Toch is ook dit weer te kort door de bocht. Diverse recensies geven aan dat het opmerkelijk is dat de film geen last heeft gehad van de Chinese censuur. Maar waarom dan? De soldaat verwoordt toch keurig de partijlijn? Misschien zit in dit verwoorden wel de crux? Misschien maken de beelden van de film (een beetje te) duidelijk dat er in de periode 1939 - 1984 op het Chinese platteland (alle mooie woorden ten spijt) niet zoveel progressie is geboekt? Hoe het ook zij, de politieke duiding van "Yellow earth" is niet eenvoudig.

    "Yellow earth" maakt (zoals de titel al een beetje doet vermoeden) gebruik van veel natuurbeelden. De yellow earh ziet er behoorlijk woestijnachtig uit (wat kan kloppen want de film is opgenomen in de buurt van de Ordos woestijn) en symboliseert zo de hardheid van het boerenbestaan. Misschien nog wel belangrijker dan de yellow earth is de yellow river. Deze heeft in deze film een Januskop. Aan de ene kant is deze rivier een levensader, maar aan de andere kant kan ze ook meedogenloos zijn. Dit laatste merkt de, inmiddels (ongelukkig) getrouwde, dochter als ze haar ongeduld niet meer kan beheersen en probeert op eigen gelegenheid de rivier over te steken richting de communistische bataljons. Tijdens deze oversteek verdrinkt ze in de rivier. Deze scene is één van de meest dubbelzinnige van de hele film. De rivier is behoorlijk onstuimig en de risico's zijn groot. De regisseur laat in het midden of het hier alleen maar gaat om een onbesuisd plan of toch eigenlijk om een min of meer bewuste zelfmoordpoging.

    Op mij kwam de oversteek in elk geval over als een bewuste zelfmoordactie, en ik moest denken aan de scene waarin één van de hoofdpersonen uit "Sansho the Bailiff" (1954, Kenji Mizoguchi) zelfmoord pleegt door heel rustig, stap voor stap, een meer in te wandelen. Het was niet de enige keer dat ik moest denken aan het werk van Mizoguchi. Aan het eind van de film komt de soldaat terug naar het huis van het meisje om haar op te halen. Het huis staat er leeg en vervallen bij en het meisje is dan inmiddels dood. Het doet sterk denken aan het einde van "Ugetsu monogatari" (1953, Kenji Mizoguchi). In laatstgenoemde film keert een man na jaren terug naar zijn huis, nadat hij in de stad heeft gejaagd op rijkdom en fortuin. Ondertussen is zijn huis vervallen en zijn vrouw gestorven. De soldaat in "Yellow earth" is veel minder egoïstisch dan de echtgenoot in "Ugetsu monogatri", maar op het kritieke moment (als ze met hem mee wil om een gedwongen huwelijk te vermijden) heeft het meisje ook niets aan hem. Al zijn mooie woorden ten spijt. Dit is misschien wel de reden dat sommige recensies toch een anti communistische ondertoon in de film bespeurden en daarom problemen met de censuur hadden verwacht.

    DATUM: 10 januari 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Huang tu di (1984) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een inleiding op het werk van Tomas Alfredson, zie de recensie bij "Let the right one in" (2008).

    HET VERHAAL

    Binnen de Britse geheime dienst zijn er aanwijzingen dat er "een mol" actief is. Gepensioneerd spion George Smiley (Gary Oldman) wordt teruggehaald om de mol te vangen. Het personage dat uiteindelijk de mol blijkt te zijn is gedeeltelijk gemodelleerd naar de echte dubbelspion Kim Philby.

    COMMENTAAR

    Het spionagegenre heeft een flinke deuk opgelopen door het einde van de Koude oorlog. Het meest nadrukkelijk komt dit misschien wel tot uitdrukking in de verminderde populariteit van de James Bond films. Ook John le Carré schreef veel over spionage gedurende de Koude Oorlog. Hij was hierbij nadrukkelijk de tegenpool van Bond auteur Ian Fleming (noot 1). Waar de Bond boeken bol staan van riskante acties en mooie vrouwen, wordt het spionagewerk bij le Carré met name gedaan door mannen van middelbare leeftijd (waaronder meervoudig hoofdpersoon George Smiley) die zich vooral lijken bezig houden met het drinken van Whisky in rokerige achterafkamertjes. Tegenpool of niet, ook voor het werk van John le Carré zou je een teruglopende belangstelling verwachten met het vervagen van de herinneringen aan de Koude oorlog (noot 2). De meest spraakmakende verfilmingen van het Koude oorlog werk van le Carré zijn dan ook uit de tijd dat de Koude oorlog nog actueel was. Ik denk aan "The spy who came in from the cold" (1965, Martin Ritt) en de televisiebewerking van "Tinker Tailor Soldier Spy" uit 1979. Het is verrassend dat er in 2011 (meer dan 20 jaar na het einde van de Koude oolog) ook een bioscoopversie van "Tinker Tailor Soldier Spy" gemaakt is en dat deze zich mocht verheugen in een warme belangstelling bij het publiek.

    Een verhaal met het thema "wie is de mol?" heeft soms de neiging erg gecompliceerd te worden. Er zijn meerdere kandidaat mollen en iedere kandidaat mol heeft  zijn eigen verhaallijn, met de daaruit voortvloeiende verdenkingen. "Tinker Tailor Soldier Spy" is geen uizondering op deze regel. Daarbij komt dat de film nogal wat oplettendheid van de kijker vereist. Je moet echt op het puntje van je stoel blijven zitten om de verhaallijn te kunnen volgen. De titel is overigens ontleend aan een Engels kinderrijmpje waarvan het Nederlandse equivalent luidt: "Edelman, Bedelman, Dokter,  Pastoor" . De letterlijked vertaling luidt: "Ketellapper, Kleermaker, Soldaat, Spion". Hierbij staan de eerste drie beroepen voor de codenaam die tijdens het onderzoek aan de diverse kandidaat dubbelspionnen worden gegeven. "Spy" staat natuurlijk voor degene die uiteindelijk de echte dubbelspion blijkt te zijn.

    De film moet het vooral van de sfeer hebben. De jaren '70 worden op zeer knappe wijze in beeld gebracht. In veel films die in de jaren '70 spelen wordt de mode in die jaren tot een karikatuur gemaakt. Ik denk daarbij met name aan "The shining" (1980, Stanley Kubrick). In tegelstelling hiermee worden de jaren '70 in "Tinker Tailor Soldier Spy" op een zeer naturelle manier in beeld gebracht, inclusief de zeer grote brilmonturen (zie poster).

    Meer nog dan de karakterisering van de jaren '70 valt de film op door de manier waarop de eenzaamheid van de belangrijkste personages wordt geschetst. Een eenzaamheid die niet zo vreemd is in een verhaal dat draait om dubbelspionage en dus ook draait om het feit dat je naaste collega's nooit kan vertrouwen. Veelzeggend is het gekonkel tijdens het jaarlijkse personeelsfeestje van de geheime dienst (afbeelding 2). Een personeelsfeestje dat trouwens net zo oubollig is als het personeelsfeestje van elk willekeurig ander bedrijf, de glamour van James Bond is wel heel ver weg!

    Nog niet zo lang geleden besprak ik "De rode cirkel" (1970, Jean Pierre Melville). Ook in deze film overheerste de sfeer van eenzaamheid, dit keer onder criminelen. De overeenkomsten tussen het criminele circuit en een spionagedienst (beide werelden moeten buiten het daglicht opereren) zette mij op het spoor van de crime film "Heat" (1995, Michael Mann). In deze film zit een beroemde scene waarin een crimineel gespeeld door Robert de Niro een kopje koffie drinkt met een rechercheur die al jaren op hem jaagt gespeelt door Al Pacino. In het gesprek tussen de crimineel en de rechercheur ontstaat iets van wederzijds respect. In "Tinker Tailor Soldier Spy" zit een scene die het naar mijn mening verdient net zo beroemd te worden. Na een late sessie en na de consumptie van flink wat Whisky filosofeert George Smiley tegenover zijn jongere collega over de enige keer in zijn leven dat hij zijn Russische alter ego live was tegengekomen. Ook in deze monoloog (de daadwerkelijke ontmoeting dateert immers uit een ver verleden) klinkt het nodige respect door van de (aangeschoten) Smiley voor zijn Rusissche tegenstrever. De scene is een fantastische acteerprestatie van Gary Oldman. Er is een clip toegevoegd met een soort van "mini documentaire" over deze scene. 

     

    Noot 1: Zowel Ian Fleming als John le Carré waren actief in het inlichtingenwerk voordat ze auteur werden.

    Noot 2: Deze opmerking geldt natuurlijk alleen voor het werk van le Carré dat betrekking heeft op de Koude oorlog. Na de afloop van de Koude oorlog stort Carré zich op andere thema's, en ook de boeken uit deze tijd zijn deels verfilmd. Ik noem "The constant gardener" (2005, Fernando Meirelles) over corruptie binnen het bedrijfsleven en "A most wanted man" (2014, Anton Corbijn) over de strijd tegen het Moslim terrorisme.

    DATUM: 24 december 2017

    EIGEN WAARDERING: 8 

    Tinker Tailor Soldier Spy (2011) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Josef von Sternberg (1894 - 1969) werd geboren in Wenen, maar verhuisde al op zijn 14e naar de Verenigde Staten. Daar begon ook zijn filmcarrière. Na een dipje in zijn Amerikaanse loopbaan werkte hij in 1929 - 1930 kort in Duitsland. Hij maakte er zijn bekendste film "Der blaue engel" (1930). Al snel ging hij echter weer terug naar de Verenigde Staten.

    De meest productieve periode van Von Sternberg was 1925 - 1935. Deze periode valt grofweg in twee delen uiteen. In de periode 1925 - 1929 maakte hij stomme films met veelal de Duitse acteur Emil Jannings (die in die periode zijn geluk in Amerika beproefde) in de hoofdrol. Het was ook Jannings die Von Sternberg uitnodigde naar Duitsland te komen. In de periode 1930 - 1935 maakte van Sternberg geluidsfilms met veelal Marlene Dietrich in de hoofdrol. Na "Der blaue engel" nam Von Sternberg Dietrich mee naar Hollywood.

    HET VERHAAL

    Immanuel Rath (Emil Jannings) een leraar aan het gymnasium (naar Duits gebruik als Professor aangeduid) waakt niet alleen over de intellectuele ontwikkeling van zijn leerlingen maar ook over hun morele ontwikkeling. Als hij verneemt dat sommige van zijn leerlingen 's avonds rondhangen in de louche nachtclub "Der blaue engel" besluit hij een kijkje te gaan nemen. In plaats van zijn leerlingen weer op het rechte pad te brengen raakt Professor Rath zelf onder de indruk van nachtclubzangeres LolaLola (Marlene Dietrich). 

    Hoe meer zijn relatie met de nachtclubzangeres bekend wordt, hoe meer zijn autoriteit als leraar wordt ondergraven. Hij besluit met haar te trouwen en zich aan te sluiten bij het rondtrekkende vaudeville gezelschap. Hij eindigt als sidekick (en dan druk ik mij zeer voorzichtig uit) van de goochelaar van dit gezelschap.

    COMMENTAAR

    In veel commentaren wordt "Der blaue engel" in het teken geplaatst van de twee hoofdrolspelers Emil Janning (afbeelding 1) en Marlene Dietrich (afbeelding 2). Met Jannings had Von Sternberg eerder samengewerkt ( "The last command" (1928)) en eigenlijk was "Der blaue engel" bedoeld om hem opnieuw te kunnen laten schitteren. Hoe anders was de casting van Marlene Dietrich (ik volg hier de beschrijving van Cinemagazine). De film werd opgenomen in Duitsland, maar om de interesse van de Amerikaanse markt te bevorderen werd in eerste instantie gedacht aan een Amerikaanse hoofdrolspeelster (Gloria Swanson of Louise Brooks). Toen dat niet mogelijk bleek kwam een bekende Duitse actrice als tweede optie in beeld (Brigitte Helm of Leni Riefenstahl). Uiteindelijk viel de keuze verrassend op Marlene Dietrich, die zich (overtuigd van het feit dat ze nauwelijks een kans maakte) bij de auditie behoorlijk uitdagend had gedragen (wat precies paste bij de rol die ze moest spelen).

    Het oordeel achteraf in veel commentaren op de film is dat in "Der blaue engel" een soort van "wisseling van de wacht" plaatsvond. De oude Emil Jannings blijft hangen in het (overdreven) acteren uit de tijd van de stomme films en wordt overklast door de veel meer naturel spelende Dietrich. Hier mag een kern van waarheid in zitten, het gaat voorbij aan het feit dat het personage van Professor Rath veel interessanter is dan het personage van LolaLola. Professor Rath maakt in de loop van de film een ontwikkeling door. LolaLola is van het begin tot het eind een femme fatale ("Ich bin von kopf bis fuss aus liebe eingestellt") . Ik kom hier later in deze recensie op terug.

    In het verleden besprak Pieter Steinz boeken in de NRC. Hij plaatste het besproken boek in een context door inzichtelijk te maken welke boeken van invloed waren geweest op het besproken boek, en op welke boeken het besproken boek juist zelf invloed had gehad. Op deze manier ontstond een soort van intellectuele stamboom van boeken. Deze methode laat zich natuurlijk ook toepassen op films, en in het onderstaande doe ik een poging deze methode toe te passen op "Der blaue engel".

    Invloed op "Der blaue engel"

    - Het Duits expressionisme in het algemeen. Dat lijkt voor de hand liggend, het is immers een Duitse film gemaakt in een tijd dat het expressionisme weliswaar in zijn nadagen verkeerde maar nog steeds een gangbare stroming was. Bedenkt men echter dat de regisseur afkomstig was uit de VS en na een paar jaar naar dat land zou terugkeren dan is het eigenlijk helemaal niet zo voor de hand liggend dat hij voor deze typisch Duitse stroming kiest. Meer specifiek kan worden verwezen naar de volgende films.
    - "Nosferatu" (1922, Friedrich Murnau). De leerlingen van Professor Rath halen de nodige kattekwaad bij hem uit. Er is echter één leerling die bij hem een wit voetje wil halen. Op een gegeven moment wordt deze leerling door zijn klasgenoten overvallen in bed om hem een lesje te leren. Vlak voor de overal zien we de schaduwen van de klasgenoten op de muur van de slaapkamer. Het doet denken aan het moment waarop de vampier Nosferatu op bezoek komt bij één van zijn slachtoffers.
    - "Das Cabinet des Dr Caligari"  (1920, Robert Wiene). De nachtclub "Der blaue engel" is gelegen in het havendistrict. Deze buurt kent een wirwar van nauwe steegjes. Ook aan de huizen valt geen rechte lijn te ontdekken (afbeelding 3). Het lijkt verdacht veel op het droomlandschap van "Das Cabinet des Dr Caligari".

    Tijdgenoot van "Der blaue engel"

    - "M" (1931, Fritz Lang). Samen met "M" vormt "Der blaue engel" de toonaangevende film van het einde van de expressionistische periode. Evenals in "M" wordt de sfeer in "Der blaue engel" voor een balangrijk deel bepaald door louche, rokerige achterafkamertjes (van, in dit geval, de nachtclub).

    Invloed van "Der blaue engel"

    - Ook in films als "Cabaret" (1972, Bob Fosse) en "The damned" (1969, Luchino Visconti) staan "the roaring twenties" in Duitsland centraal. In deze films wordt het einde van dit tijdperk nadrukkelijk gekoppeld aan de opkomst van het nazisme. Er zijn ook wel interpretaties in omloop die de opkomst van het nazisme een plek geven in "Der blaue engel". Dit zou naar mijn mening een wel erg vooruitziende blik van de regisseur veronderstellen en valt naar mijn mening in de categorie wijsheid achteraf.
    - In het oeuvre van Fellini  speelt het vaudeville theater een grote rol. Het is als het ware zijn natuurlijke habitat. "Der blaue engel" speelt zich heel nadrukkelijk af binnen zo'n theater.
    - In de films van Bergman worden vaak (fysieke) beelden gebruikt in tussenshots. Vaak gaat het hier om godsdienstige beelden. Ook in "Der blaue engel" komen regelmatig van deze tussenshots voor. Ik wijs op de klok, waar bij het slaan van het hele uur een parade van beelden voorbij komt marcheren, maar ook aan het beeld van de zeemeermin in de nachtclub, dat zowel verwijst naar de locatie van de nachtclub (havengebied) als de functie van de nachtclub (erotisch geladen vertier) (afbeelding 4). 

    "Der blaue engel" is gebaseerd op een boek van Heinrich Mann. In dit boek komt mede de hypocrisie van de middenklasse aan de orde, die niets wil weten van een relatie tussen een Professor en een nachtclub zangeres. Dit element ontbreekt grotendeels in de film, die zich met name concentreert op de ontzettende smak op de sociale ladder die Professor Rath maakt (de ontwikkeling waarnaar ik eerder in deze recensie verwees). In een enkele recensie wordt vewezen naar de rol die Emil Jannings speelde in "Der letzte mann" (1924, Friedrich Murnau). Daar speelde hij een oude portier die ook aan lager wal raakte. Deze verwijzing mist naar mijn mening de essentie van de neergang van het hoofdpersonage. In "Der letzte mann" worden de problemen van de portier veroorzaakt door zijn ouderdom. In "Der blaue engel" lijkt Professor Rath onbewust zijn eigen ondergang op te zoeken. Er is onmiskenbaar een element van sadomasochisme in de film aanwezig. Illustratief is de eerste keer dat Professor Rath naar club "Der blaue engel" toeloopt, dan nog met de bedoeling zijn leerlingen weer op het rechte pad te brengen. Hij loopt door de kronkelstraatjes van het havendistrict, en het lijkt wel alsof dit een afdaling in de verborgen verlangens van zijn onderbewuste symboliseert. Tijdens de wandeling horen we het geluid van de mishoorn van een schip, en het klinkt als een onheilspellend soort sirenenzang.

    Opvallend aan "Der blaue engel" is wat ik zou willen noemen echo-scenes. Vergelijkbare scenes op verschillende momenten in de film bezorgen de kijker een déja vu gevoel. Inmiddels is de emotionele lading van de scene echter drastisch van kleur verschoten. Ik noem drie voorbeelden.

    1) Tijdens de eerste bezoeken aan "Der blaue engel" (en de kleedkamer van LolaLola) loopt Professor Rath herhaalde malen een zwijgende, treurige clown tegen het lijf. Aan het eind van de film is hijzelf deze clown geworden (in exact hetzelfde rare kostuum).
    2) Tijdens het huwelijk van Rath en LolaLola haalt de goochelaar zogenaamd eieren uit de neus van Rath. Om het spelletje mee te spelen kraait Rath als een haan. Later wordt datzelfde kraaien van hem verwacht als onderdeel van de goochelshow. Het gekraai klinkt nu een stuk minder spontaan, om niet te zeggen wanhopig.
    3) Nadat zijn verhouding met LolaLola is "gelekt" naar zijn leerlingen hebben deze allerlei schunnige tekeningen op het bord gekalkt. Na het einde van de les zien we een gebroken Rath alleen achter zijn lessenaar zitten, de camera zoomed langzaam uit. Aan het eind van de film zijn de vernederingen van de goochelshow (Rath staat als een domme August op het toneel, de gochelaar haalt eireren uit zijn neus en als Rath als een haan gekraaid heeft slaat de goochelaar de eieren op zijn hoofd kapot) Rath teveel geworden. Hij vlucht in paniek naar zijn oude school en vindt uiteindelijk rust achter zijn lessenaar. We zien de inmiddels overleden  Rath alleen achter zijn lessenaar zitten, de camera zoomed langzaam uit.

    DATUM: 31 december 2017

    EIGEN WAARDERING: 9

    Der blaue Engel (1930) on IMDb





    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Ken Loach, zie het openngsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Bob is (één van de vele) werklozen in Noord Engeland. Zijn gezin heeft het niet breed, maar als zijn dochter ter communie moet gaan, is het voor Bob een erezaak dat dit gebeurd in een mooie jurk. Om deze jurk te kopen gaat Bob schulden aan bij de verkeerde personen, met fatale afloop.

    COMMENTAAR

    De twee werkloze vrienden Bob en Tommy rennen over het Engelse platteland. Op een zeer onhandige manier trachten ze een schaap te vangen. Na de nodige uitglijders hebben ze er één te pakken en transporteren het beest in hun bestelbusje naar de achtertuin. Eenmaal daar aangekomen blijkt geen van tweeën het over zijn hart te kunnen verkrijgen om het dier te doden. Terug de bestelwagen in en naar de slager, kijken of die het dier van hun wil kopen. Dat wil hij niet, want het schaap is te oud en te taai. Hij wil het wel voor ze slachten. Een tijdje later zien we Bob en Tommy de pubs langsgaan om te kijken of ze daar hun "overheerlijke" schapenbouten kunnen slijten. Helaas heeft Tommy vergeten het bestelbusje af te sluiten, zodat dit busje verdwenen is als ze terugkomen van hun  verkooprondje.

    Zie hier het (hilarische) begin van "Raining stones". "Een ongeluk komt zelden alleen", denken we in Nederland. "Als je aan de grond zit regent het zeven dagen per week stenen", zeggen ze in Engeland. Daarmee is meteen de titel van de film verklaard. De openingsscene zegt ook wat over de hoofdpersonen Bob en Tommy. Ze zijn kansarm, maar het zijn ook mannen van 12 ambachten en 13 ongelukken. Als zich al een keer een kans voordoet, weten ze die meestal vakbekwaam te verprutsen.

    Hoofdthema van de film is hoe Bob en Tommy, ondanks de armoede en de continue strijd om rond te komen toch hun gevoel voor eigenwaarde proberen te bewaren. Dat lukt niet altijd, zoals in de scene waarin Tommy wat geld krijgt toegestopt van zijn tienerdochter. Een tienerdochter die haar vader geld toestopt zodat hij ook eens een keer lol kan hebben, het is de wereld op zijn kop. Tommy zakt dan ook door de grond van schaamte.

    Desndanks hebben Bob en Tommy "keeping up appearances" tot een kunst verheven. Zo wijst Bob de suggestie van de pastoor inzake een tweedehands communiejurk voor zijn dochter (de pastoor kent de financiële situatie van zijn parochianen) verontwaardigd van de hand. Voor een nieuwe jurk moet echter geleend worden, en daarmee zijn de poppen aan het dansen. Ze zullen de rest van de film blijven doordansen.

    Als je "Raining stones" (1993) na zoveel jaar weer terug ziet valt bijna niet te ontkomen aan een vergelijking met "I, Daniël Blake" (2016), de meest recente fllm van Ken Loach. Beide films hebben een werkeloze hoofdpersoon. Beide films spelen in de nasleep van een economische recessie. "Raining stones" speelt in de nasleep van de economische crisis van de jaren '80 en de Thatcher jaren. "I, Daniël Blake" speelt in de nasleep van de financiële crisis die in 2008 begon. 

    Toch kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat Ken Loach er in de loop van de jaren niet milder op is geworden, zoals je misschien wel zou verwachten met het voortschrijden van de jaren (bij het maken van "I, Daniël Blake" was Loach bijna 80). Ik baseer mijn indruk op de volgende vergelijking.

    - De hoofdpersoon in "I, Daniël Blake" wordt werkloos vanwege een hartaanval. Geheel buiten zijn schul dus. Hij is een prima vakman. De hoofdpersonen in "Raining stones" zijn meer van het type sjacheraars. Je sympathie als kijker ligt volledig bij Bob en Tommy, maar om nu te zeggen dat ze 0% schuld hebben aan de situatie waarin ze zich bevinden gaat wat ver.

    - De tegenstander van Daniël Blake is vooral de overheidsbureauratie, die op een zeer geloofwaardige wijze (onpersoonlijk en ongevoelig, niet in staat af te wijken van de regeltjes en protocollen) wordt neergezet. De tegenstander van Bob in "Raining stones" is vooral de loan shark (ik ken geen goede Nederlandse vertaling van dit woord) die in het tweede deel van de film achter hem aan zit. Alles aan deze man (maar toch vooral zijn opzichtige gouden opsmuk) is zodanig fout dat alleen maar van een karikatuur gesproken kan worden. Ook zijn incassomethoden (geweldadig binnenvallen in het huis van Bob en daarna zijn vrouw en dochter bedreigen) vallen royaal buiten het kader van de verder overigens vrij realistisch opgezette film.

    - "I, Daniël Blake" eindigt in mineur. Uiteindelijk begeeft zijn hart het. "Raining stones" heeft een veel gelukkiger, maar vooral ook een veel spannender einde. Nadat hij er achter is gekomen hoe de "loan shark" zijn vrouw en dochter heeft bedreigd, gaat Bob gewapend met een combinatietang verhaal halen. Loach weet van deze laatste scene een soort van "shoot out" te maken die in een Western niet zou misstaan. Toch wel een opvallend einde voor een sociaal geëngageerd drama.

    DATUM: 17 december 2017

    EIGEN WAARDERING: 8

    Raining Stones (1993) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een inleiding op het werk van Alan Parker, zie de recensie van "Mississippi burning" (1988). 

    HET VERHAAL

    Jimmy Rabbitte is werkloos maar droomt van een popband. Aangezien hij niet kan zingen en ook geen instrument bespeelt, ziet hij zichzelf in de rol van manager. Hij plaatst een advertentie in de krant en weet op het laatst zowaar een band bij elkaar te sprokkelen. Met het eerste succes lopen ook de spanningen tussen de bandleden op. Iedereen ziet zichzelf als de ster. Het lijkt wel een echte popband.

    COMMENTAAR

    "The Comittments" (1991) is de verfilming van het eerste deel van een drieluik geschreven door Roddy Doyle (The Barrytown trilogy). De andere twee delen van deze trilogy werden later verfilmd door Stephen Frears in respectievelijk "The snapper" (1993) en "The van" (1996).

    De verfilming van "The Barrytown trilogy" past in de opkomst van de regisseurs van het "New social realism" (zie de inleiding op de Engelse film) en de aandacht die deze regisseurs hadden voor de problemen aan de onderkant van de samenleving in de jaren (vlak na) Thatcher.

    In de inleiding op het werk van Alan Parker wordt gewezen op de tweedeling in zijn oeuvre tussen lichtvoetig werk en de meer controversiële onderwerpen. "The Comittments" wordt hierbij ingedeeld bij de meer lichtvoetige films. Op het eerste gezicht lijkt dat, gezien het verhaal over de opkomst en ondergang van een fictieve popband, juist. Lijken de leden van deze band, in hun streven naar succes, niet erg op de studenten uit "Fame" (1980, Alan Parker)? Kan "The Comittments" niet worden gezien als een "Fame" voor tokkies? Ik denk dat het antwoord op beide vragen "ja" is, maar juist in dit tokkies gehalte ligt de sociale betrokkenheid van Parker verborgen. Ik kom daar later in deze recensie op terug. 

    In de eerste plaats is "The Comittments" natuurlijk een muziekfilm, en één van de betere. De soundtrack staat als een huis en deed mij denken aan die van  "Baby driver" (2017, Edgar Wright), waarmee het het nummer "Nowhere to run" van Martha & The Vandellas gemeen heeft. Veel geprezen aan laatstgenoemde film werd de manier waarop de beelden het ritme van de muziek volgen.  "The Comittments" heeft op dit gebied een briljante gimmick: een bandlid zit wat te oefenen op zijn werk en de varkenskarkassen (hij werkt in een abattoir) bungelen aan de lopende band mee op de maat van de muziek (zie poster).

    Tegen het eind van de film (als de band succesvol wordt) is de muziek zeer nadrukkelijk aanwezig. Volgens sommigen zelfs iets te nadrukkelijk. De film begint karakteristieken van een concertregistratie te krijgen. De kritiek op de dosering van de regisseur is misschien niet helemaal onterecht, aan de andere kant maakt het overtuigende optreden van lead zanger Deco Cuffe (gespeeld door Andrew Strong) veel goed. Deze leadzanger heeft het postuur van Meatloaf en de motoriek van Joe Cocker (afbeelding 2 midden).

    Zoals gezegd komt in het tokkies gehalte van de film de sociale bewogenheid van Alan Parker tot uitdrukking. De bandleden zijn (net als de studenten uit "Fame") uit op succes. Het alternatief dat buiten de band op hen wacht is echter aanmerkelijk minder rooskleurig dan dat van de genoemde  studenten. Bijna in elke bespreking van de film wordt wel het citaat aangehaald waaruit de driedubbele achterstelling blijkt waar de bandleden mee te maken hebben:

    "The Irish are the blacks of Europe. And Dubliners are the blacks of Ireland. And the Northside Dubliners are the blacks of Dublin."

    Zelf vind ik de dialoog waarin Jimmy tegen een medebandlid zegt dat ze toch allemaal lid zijn van de "working class", waarop deze cynisch antwoord dat dat waar zou zijn als er tenminste werk was, grappiger. Indringender dan elke dialoog (beelden zeggen meer dan 1000 woorden) is de scene waarin Jimmy langsgaat bij één van de drie achtergrondzangeressen (afbeelding 2 links). Ze heeft een aantal repetities gemist en hij is van plan haar uit de band te zetten. Temidden van talloze broertjes is ze aan het zorgen voor de jongste gezinsuitbreiding, daarbij een moeder vervangend die het ook allemaal niet meer aankan. Ze smeekt Jimmy om haar in de band te laten, aangezien de band het enige is dat ze heeft om naar uit te kijken. 

    De Katholieke kerk speelt een grote rol in Ierland, en in "The Comittments" wordt deze rol vertolkt door een sympathieke, progressieve, misschien zelfs wel hippe priester. Hij weet oefenruimte te regelen en als één van de bandleden komt biechten dat hij tijdens de hymnen in de kerk aan "When a man loves a woman" van Marvin Gaye denkt wijst de priester hem er op dat dit nummer toch echt van Percy Sledge is. Kortom de priester van "The Comittments beantwoort aan het symphatieke beeld dat ook uit bijv. een serie als "Ballykissangel" naar voren komt. Uit "The Magdalene sisters" (2002, Peter Mullan) zou 10 jaar later een heel ander beeld van de Katholieke kerk in Ierland naar voren komen.

    De acteurs in "The Comittments" waren geen van alle professionals. Na het succes van de film waagden diversen van hen een gokje in de muziekindustrie. Helaas waren geen van deze pogingen een beter lot beschoren dan dat van de filmband waar het allemaal mee begon.

    DATUM: 17 december 2017

    EIGEN WAARDERING: 8 

    The Commitments (1991) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Jean Pierre Melville (1917 - 1973) werd geboren als Jean Pierre Grumbach. Hij koos zijn artiestennaam als eerbetoon aan de Amerikaanse schrijver Herman Melville. Jean Pierre Melville stond in hoog aanzien bij de regisseurs van de "Nouvelle vague", maar was zeker geen onderdeel van deze stroming. Zijn films bevatten duidelijk Amerikaanse invloeden en kunnen qua genre als neo noirs worden geclassificeerd.

    HET VERHAAL

    Een pas vrijgelaten gevangene (Corey gespeeld door Alain Delon) en een zojuist ontsnapte gevangene (Vogel gespeeld door Gian Maria Volontè) ontmoeten elkaar toevallig en zette gezamenlijk een juwelenkraak op.

    COMMENTAAR

    In "De rode cirkel" komt een overval-scene op een juwelierszaak voor die bijna in real time gefilmd lijkt te zijn. Aan alle details wordt aandacht besteed. Als vanzelf gaan je gedachten uit naar de (minimaal net zo lange) overval scene uit "Du Rififi chez les hommes" (1955, Jules Dassin). De vergelijking ligt zo voor de hand dat Melville na het verschijnen van "Rififi" zijn plannen om "De rode cirkel" te maken voorlopig even uitstelde. Misschien niet onverstandig, want als ik heel eerlijk ben, valt de vergelijking niet in het voordeel van "De rode cirkel" uit. Met name het verhaal van "Rififi" heeft toch wat meer body. "De rode cirkel" moet het vooral hebben van de sfeertekening.

    Tijdens het kijken kwamen er ook andere films bij mij op. Zo deed de executiescene in het bos mij erg denken aan "Millers crossing" (1990, Joel & Ethan Coen). Meestal check ik dergelijke associaties na de film nog even. Ben ik de enige die het is opgevallen? Bij "Millers crossing" trof ik wel een verwijzing aan naar het werk van Jean Pierre Melville, echter naar een andere film ("Le doulos" (1963)). De beïnvloeding van de gebroeders Coen door het werk van Melville is overigens een aardig voorbeeld van een cinematografische omweg. Via Melville doen Joel en Ethan Coen in feite inspiratie op uit de filmtraditie van hun geboorteland.

    Last but certainly not least een vergelijking met het werk van Jacques Becker, en dan met name met "Touchez pas au grisbi" (1954). Ook hier trof ik na enig zoeken op het internet een relatie met het werk van Melville, maar wederom met een andere film. Op "The cine tourist" (een website die een link legt tussen geografische plaatsen en de films die zich op deze plaatsen afspelen) trof ik een essay aan over gangsterfilms spelend in het Parijs van de jaren '50. In dit verband werden genoemd:  (1) "Touchez pas au grisbi" (1954, Jacques Becker), (2) "Du Rififfi chez les hommes" (1955, Jules Dassin) en "Bob le flambeur" (1956, Jean Pierre Melville). 

    Toch is ook een vergelijking tussen "Touchez pas au grisbi" en "De rode cirkel" verhelderend, al was het maar vanwege de verschillen. Op het eerste gezicht heeft Corey (Alain Delon) veel gemeen met Max (Jean Gabin), de crimineel uit "Touchez pas au grisbi". Beiden frequenteren nachtclubs en gebruiken deze locaties om hun netwerk in stand te houden en op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen in de onderwereld. Max heeft daarnaast echter een onderduikadres dat hij zo huiselijk mogelijk heeft ingericht en waar hij graag verblijft. Deze huiselijkheid is geheel vreemd aan Corey. De film wrijft dit er nog eens in door tegenover de gangsters een rechercheur te zetten die elke avond als hij thuis komt een uitgebreide welkomsritueel heeft met zijn vele katten.

    De gangsters Corey en Vogel leven volgens een erecode waarin naast professionaliteit slechts plaats is voor onpersoonlijkheid. De film brengt deze onpersoonlijkheid (noem het gerust eenzaamheid) over op de kijkers door:

    - kadrering van de opnamen;
    - kleurstelling (koude kleuren als groen en blauw (zie afbeelding 2 waarin de uitdrukking "leven vanuit een koffer" wel zeer letterlijk genomen is));
    - afwezigheid van dialoog;
    - afwezigheid van elke achtergrond.

    Corey is vrijgelaten en Vogel is ontsnapt, maar waarvoor zaten ze vast? Wat was hun verleden? We komen het de hele film niet te weten. Aan het begin van dit commentaar zei ik dat "Du Rififi chez les hommes" qua verhaal meer body heeft. Misschien is de afwezigheid van verhaal / achtergrondinformatie echter wel het stijlmiddel waarmee Melville ons de eenzaamheid van zijn personages wil later ervaren.

    DATUM: 9 december 2017

    EIGEN WAARDERING: 7

    De Rode Cirkel (1970) on IMDb


    Reacties
    Filmposters