Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    Films  in de nacht volgend op de aangegeven datum worden, ook als ze na  24:00 uur starten, aan deze datum toegerekend.

     

    Blade runner

    Donderdag 17 mei, 23:00 - 01:15 uur

    SBS 9

     

     

    Inside Llewyn Davis

    Maandag 21 mei, 20:15 - 21:55 uur

    Arte

     

     

     

    Meest recente artikelen

    Francis Ford Coppola (1939) leerde het vak van regisseur bij B-film koning Roger Coreman. In 1969 richte hij samen met George Lucas (Starwars films) het productiebedrijf American Zoetrope op. 

    Francis Ford Coppola is misschien wel de meest karakteristieke representant van de New Hollywood regisseurs die eind jaren '60 opkwamen en in de jaren '70 het Amerikaanse filmlandschap beheersten. De New Hollywood regiseurs vormen een bont gezelschap, waarvan sommigen geheel buiten het studiosysteem stonden en anderen het studiosysteem juist van binnenuit wilden veranderen. Francis Ford Coppola behoorde samen met onder andere George Lucas, Steven Spielberg en Martin Scorsese tot de tweede categorie. Wat alle "New Hollywood" regisseurs (binnen en buiten het studiosysteem) verenigde was het feit dat zij zich niet beschouwde als een vervangbaar radartje, maar als de "auteur" van hun films. Wat dat betreft zijn er overeenkomsten met de filosofie van de Franse "Nouvelle vague". 

    De (financiële) flop van "Heaven's gate" (1980, Michael Cimino) luidde het einde van "New Hollywood" in. De (financiële) touwtjes werden weer strakker aangehaald en de studio's haalde een deel van de macht die ze aan de nieuwe regisseurs hadden gegeven weer terug. Het is dan ook niet toevallig dat de grootste successen van Francis Ford Coppola ("The Godfather" (1972), "The Godfather part II" (1974), "The conversation" (1974) en "Apocalypse now" (1979)) in de jaren '70 liggen.

    DE REGISSEUR

    Ferenc Török (1971) is een in het Westen nog weinig bekende regisseur. In 2001 maakte hij met "Moszkva tér", een film over tieners in het Hongarije van 1989 die zich veel drukker maakte over tienerdingen dan over de historische omwentelingen waar ze middenin zaten. Zijn Tweede Wereldoorlog film "Homecoming 1945" (2017)  bereikte wel de filmhuizen in het Westen.

    HET VERHAAL

    In augustus 1945 arriveert er een trein in een Hongaars dorpje. Er stappen twee orthodoxe Joden uit die twee kisten bij zich hebben. De kisten worden op een paard en wagen geladen en de Joden zelf lopen achter de kar aan. Zo beginnen ze aan hun tocht door het dorp, waar de voorbereidingen voor het huwelijk van de zoon van de gemeentesecretaris in volle gang zijn.

    COMMENTAAR

    Ongeveer tegelijkertijd kwamen twee opmerkelijke films over de Tweede Wereldoorlog in de bioscoop. In "Der Hauptmann" (2017, Robert Schwentke) wordt de Tweede Wereldoorlog vanuit Duits perspectief belicht. "Homecoming 1945" speelt na afloop van de Tweede Wereldoorlog. Het thuiskomen uit de titel betreft echter in dit geval niet soldaten (zoals in "The best years of our lives" (1946, William Wyler)) maar Joden die de kampen hebben overleefd. Gold voor de soldaten in "The best years of our lives" al dat de ellende die ze hadden doorstaan niet helemaal in evenwicht was met de mate waarin de burgermaatschappij hen welkom heette, dit evenwicht is (zoals uit de rest van deze recensie zal blijken) helemaal zoek in het geval van de Joden. 

    De film ontleent de nodige stijlelementen aan de Western, en met name "High noon" (1952, Fred Zinnemann) wordt in dit kader veel genoemd. Evenals in "High noon" is er sprake van een aankomst per trein, een bang stadje en een dorpsbestuurder (in "High noon" de sheriff en in "Homecoming 1945" de gemeentesecretaris). Per trein arriveren echter in dit geval geen misdadigers, maar slachtoffers van de Holocaust. Het stadje is niet bang voor een uitbarsting van geweld, maar voor het feit dat de Joden misschien wel hun bezittingen komen opeisen. Waar in "High noon" de sheriff pal staat voor rechtvaardigheid, heeft in "Homecoming 1945" de gemeentesecrtaris net zo veel boter op zijn hoofd als alle andere dorpsbewoners.

    Het merkwaardige aan de film is dat de Joden praktisch gesproken de hele film niets anders doen dan achter paard en wagen aanlopen, maar desondanks voor verschrikkelijk veel onrust weten te zorgen.  Enkele dorpsbewonerrs hebben namelijk actief meegewerkt aan de deportaties. De anderen hebben in elk geval geen verzet geboden, terwijl iedereen zich maar wat graag "ontfermde" over de spulletjes van hun verdwenen Joodse buren.

    Toch is het, met uitzondering van de dorpsdronkaard, niet schuldgevoel dat de boventoon voert bij de dorpsbewoners. Hebzucht heeft ze nog steeds stevig in zijn greep. Dit blijkt onder andere uit het volgende.

    - Ze zijn als de dood de ingepikte spulletjes kwijt te raken.
    - Ze kunnen zich niet voorstellen dat de Joden voor iets anders zijn gekomen dan het terugeisen van hun bezittingen.
    - Het huwelijk dat die dag zal plaatsvinden is vanuit de bruid gezien een verstandshuwelijk. De zoon van de gemeentesecretaris is financieel gezien een aantrekkelijke partij, maar op de ochtend van haar huwelijksdag gaat ze nog vreemd met haar echte minnaar.

    "Homecoming 1945" is erg gestyleerd. Vergeleken met "Son of Saul" (2015, Laszlo Nemes), een Hongaarse film van een paar jaar geleden over de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog, zijn de beelden erg gepolijst. Volgens sommige critici had het hier en daar (gezien ook het onderwerp) wel wat rauwer gemogen. Waar "der Hauptmann" in het tweede deel van de film misschien teveel schokkende beelden heeft, had "Homecoming 1945" misschien best een paar kunnen gebruiken.

    Wat daar verder ook van zij, ik vond de aangevoerde verklaring wel interessant. In "Homecoming 1945" werkt een relatief onbekende en onervaren regisseur samen met de door de wol geverfde cameraman Elemer Ragalyi (geboren in 1939, maar de laatste jaren  nog steeds actie, bijvoorbeeld ook in "Corn island" (2014, George Ovashvili)). Misschien lag het "machtsevenwicht" tussen regisseur en cameraman in deze film wel een beetje te veel in de richting van de camaraman. 

    DATUM: 12 mei 2018

    EIGEN WAARDERING: 7

    1945 (2017) on IMDb


    Reacties

    DE REGISSEUR

    Robert Schwentke (1968) studeerde in 1992 in Los Angelos af aan de filmacademie. Zijn carrière speelt zich dan ook hoofdzakelijk af in de Verenigde Staten (actiefilms). "Der Hauptmann" (2017) is zijn eerste Duitse film sinds "Eierdiebe" (2003).

    HET VERHAAL

    In "Der Hauptmann" wordt het verhaal verteld van Willy Paul Herold. Op de vlucht in de chaotische laatste maanden van de Tweede Wereld oorlog, stuit hij op een verlaten jeep. In deze jeep bevindt zich een officiersuniform. Willy trekt het aan (mooi in beeld gebracht via de spiegel van de jeep, zie afbeelding 1) en geeft zich uit voor officier. Hij verzamelt een troepje andere loslopende soldaren om zich heen, en tezamen vormen ze een rondtrekkende bende. Door net te doen alsof hij een onderzoeksopdracht rechtstreeks van de Fuhrer heeft, weet Herold het gezag in het gevangenkamp Aschendorfermoor over te nemen. In dit kamp zijn veel deserteurs geïnterneerd. Op bevel van Herold vinden er massaexecuties plaats.

    COMMENTAAR

    De laatste jaren verschijnen er opvallend veel films waarin de Tweede Wereldoorlog vanuit Duits perspectief wordt belicht. In "Im Labyrinth des Schweigens" (2014, Giulio Ricciarelli) en "Der Staat gegen Fritz Bauer" (2015, Lars Kraume) staat de verwerking (of verdringing?) van de Tweede Wereldoorlog in de jaren '50 centraal. "Lore" (2012, Cate Shortland) en "Der Hauptmann" (2017, Robert Schwentke) spelen zich af in de chaotische laatste maanden van de oorlog. In beide gevallen is de hoofdpersoon op de vlucht, maar er is wel een verschil tussen het jonge meisje Lore Dressler (die tijdens haar opvoeding de nationaal socialistische ideologie met de paplepel naar binnen heeft gekregen) en Willy Herold (bij wie de motieven voor zijn gedrag wat gecompliceerder liggen). Ik kom hier later in deze recensie op terug.

    Het begin van "Der Hauptmann" is overdonderend. De film opent met een leeg landschap. Na een tijdje komt Herold als vluchteling het beeld binnen rennen. Hij wordt achterna gezeten door een groepje soldaten in een jeep, die op hem schieten als ware het een video game "avant la lettre". De scene deed mij denken aan de speciale eenheden die in "Artificial Intelligence: AI" (2001, Steven Spielberg) achter verouderde robots aanjoegen, hetgeen het geheel een wat science fiction achtig karakter geeft. Tegelijkertijd heeft het landschap ook iets middeleeuws, met hier en daar dode lichamen met een bord "Zo worden plunderaars gestrafd" om hun nek. De sfeer in het eerste halfuur doet vaag denken aan de films van Bela Tarr.

    Na het eerste halfuur zakt de film naar mijn gevoel wat in, en dat is een beetje vroeg. Dat de soldaat op de vlucht Herold zich, eenmaal in een officiersuniform, totaal anders gedraagd is na de scene in de 1e herberg (waarbij hij een (uit honger geboren) plunderaar neerschiet) wel duidelijk. Diezelfde boodschap wordt op een steeds geweldadiger manier herhaald en herhaald. Dat wordt op den duur een beetje ongemakkelijk. In een interview brengt de regisseur daar tegenin dat films over de Tweede Wereldoorlog uit de aard der zaak ongemakkelijk horen te zijn. Bovendien, de executies in het kamp komen niet voort uit de verbeelding van een regisseur die een beetje aan het overdrijven is, ze zijn gebaseerd op historische gebeurtenissen. 

    Aan het eind van de film verdwijnt de hoofdpersoon langzaam in een donker dennenbos. Op de voorgrond een open plek bezaaid met lijken (zie afbeelding 2). Het lijkt een mooi einde van een film die begon met een open landschap waar de hoofdpersoon al rennend op verschijnt. In de laatste scene (tijdens de aftiteling) worden we dan nog getracteerd op beelden van Willy Herold die in de tegenwoordige tijd rondrijdt met zijn auto met daarop "schnellgericht Herold" geschildert, als een soort diabolische rijdende rechter. Wil de regisseur hiermee het belang van zijn film voor het heden benadrukken? Misschien, en het is zeker waar dat democratische waarden (en dan in het bijzonder de scheiding der machten) minder weerbaar blijken dan we altijd dachten (denk aan Polen, Hongarije en Trump). Ook in dit geval wordt de boodschap er echter weer met een moker ingeramd.

    Wat misschien wel het grootste minpunt van "Der Hauptmann" is, is dat veel van wat in deze film aan de orde komt in andere films al beter of overtuigender is gedaan. Zo wordt in "Werckmeister harmoniak" (2000, Bela Tarr) de opbouw naar de uiteindelijke geweldsexplosie dreigender en meer benauwend in beeld gebracht. De afwisseling van geweld en orgie is decadenter in "The damned" (1969, Luchino Visconti). De doorgedraaide officier tenslotte wordt op een meer spectaculaire wijze behandeld in "Apocalypse now" (1979, Francis Ford Coppola).

    Niettegenstaande deze minpunten snijdt Schwentke een interessant thema aan. Zoals ik in het begin al opmerkte kan Willy Herold niet vergeleken worden met de door en door geïndoctrineerde Lore Dressler. Nergens in de film wordt de indruk gewekt dat het gedrag van Herald is terug te voeren op zijn geloof in het nationaal socialisme. Maar wat verklaart zijn gedrag dan wel? Wanhoop? In het begin zondermeer, hij heeft met moeite het vege lijf weten te redden. Noodzaak? Ook dit zal deels een verklaring zijn, eenmaal begonnen met de persoonsverwisseling zal hij het spel verder moeten spelen en zich blijven uitgeven voor officier. Een belangrijk deel van de verklaring moet echter worden gezocht in pure machtswellust. Eenmaal "on top" is Herold meteen vergeten hoe het was om de underdog te zijn. 

    Machtswellust kan alleen bestaan bij de gratie van de passiviteit van meelopers en slachtoffers, en ook daarvan zijn in de film enkele fraaie (of  beter gezegd onthutsende) voorbeelden te vinden. Interessante vraag is of de rol die het uniform hierbij speelt typisch Duits is? Een film als "Der letzte Mann" (1924, Friedrich Murnau) en het verhaal "Der Hauptmann von Köpenick" (1931, Carl Zuckmayer) laten zien dat op deze vraag zeker niet onmiddellijk "nee" kan worden geantwoord. Het feit dat Herold zonder zijn uniform een melkmuil gespeend van enig charisma is (afbeelding 2) geeft hierbij nog een extra indicatie.

    DATUM: 12 mei 2018

    EIGEN WAARDERING: 6

    Der Hauptmann (2017) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    John Krasinski (1979) is vooral bekend als acteur in de TV serie "The office" (2005 - 2013) waarin het Amerikaanse kantoorleven op de korrel werd genomen.  Als regisseur had hij voor "A quiet place" (2018) een tweetal kleinere films op zijn naam staan die allebei de Nederlandse bioscoop niet gehaald hebben.

    HET VERHAAL

    De familie Abbott is één van de schaarse overlevenden van een invasie van buitenaardse monsters. Deze monsters kunnen niet zien, maar des te beter horen. Op elk geluid reageren ze met een aanval. 

    COMMENTAAR

    Ik heb niets tegen het genre van de horror film, behalve dan dat dat genre zoveel middelmatige B-films oplevert. Telkens als er een horrorfilm verschijnt die zijn kop boven het maaiveld lijkt uit te steken ga ik vol goede moed naar de bioscoop. De laatste zogenaamd goede horrorfilm "The cabin in the woods" (2012, Drew Goddard) stelde mij echter behoorlijk teleur.

    Dat lijkt aanvankelijk niet te gebeuren met "A quiet place". De opening grijpt je gelijk bij de lurven. Het is de 89e dag na de invasie van de geheimzinnige maar dodelijke buitenaardse monsters. Het overgrote deel van de bevolking is al uitgemoord. We zien een stad (afbeelding 1). Het blijkt een verlaten en vervallen stad te zijn (afbeelding 2). De familie Abbott vult hun voorraad aan in de verlaten supermarkt. Dat dient geruisloos te gebeuren, dus een artikel van het bovenste schap pakken vergt de uiterste concentratie. De spanning is te snijden. Als de familie is "uitgewinkeld", gaan ze naar huis. Ze lopen op door henzelf aangelegde zandpaden (afbeelding 3).

    De film maakt een sprong in de tijd van ongeveer een jaar. De familie Abbott (vader, moeder, dochter en zoon) zijn nog steeds bij elkaar. Door goed samen te werken hebben ze tot nog toe de monsters het hoofd weten te bieden. Die samenwerking en harmonie (afbeelding 4, wel een beetje Amerikaans zo'n gebedskring) staat in schril contrast met de onderlinge verdeeldheid in "The night of the living dead" (1968, George Romero), een andere horrorfilm waarin een handjevol overlevenden het opneemt tegen monsters. Wat de films daarentegen met elkaar gemeen hebben, is het ontbreken van zelfs maar een poging om de aanwezigheid van de monsters te verklaren. Ze zijn er gewoon.

    In het tussenliggende jaar is de vrouw (Emily Blunt) zwanger geworden. Dit houdt de spanning er flink in. Wie heeft er immers ooit van een geluidloze bevalling gehoord, om nog maar te zwijgen van de baby als deze eenmaal geboren is? De familie werkt dan ook hard aan een aparte ruimte die het onvermijdelijke geluid zoveel mogelijk zal dempen.

    Uiteraard gaat de bevalling niet volgens plan. Moeder en kind worden belaagd door de monsters, die ook steeds vaker in beeld komen. Hoe vaker ze in beeld komen, hoe meer de kwaliteit van de film naar mijn mening daalt. Wat Jacques Tourneur reeds wist ten tijde van "Cat people" (1942), namelijk dat zaken overlaten aan de fantasie van de kijker vaak effectiever is dan de beste special effects, heeft regisseur Krasinski in dit gedeelte van de film even vergeten. Daarbij komt dat ik de special effects rondom de monsters wat vond tegen vallen. Ondanks het verloop van bijna 30 jaar waren de monsters niet echt "enger" dan in "Alien" (1979, Ridley Scott).  

    Maar er is meer aan de hand dan alleen filmtechniek waardoor de film "afglijdt" in het laatste deel. In dit laatste deel worden family values en de daarbij horende standaard rolpatronen steeds nadrukkelijker benadrukt. Opvallend in de schaarse dialoog (de meeste communicatie in de film vindt plaats door middel van (gelukkig wel ondertitelde) gebarentaal) is de vraag die de vrouw aan haar man stelt "Wie zijn wij als we geeneens onze eigen kinderen kunnen beschermen?". Een interessante vraag, maar niet een vraag waarop het antwoord noodzakelijkerwijs gezocht moet worden in "the battle with the monsters" uit het laatste deel. Ligt het antwoord niet evenzeer besloten in het voorbereiden van de geluidsdichte kamer of zelfs in de beslissing om zwanger te worden uit het eerste deel?

    En zo viel ook deze horror film aan het eind weer een beetje tegen. Dit doet echter niets af aan het feit dat John Krasinski voor wat betreft de eerste helft een ijzersterke film aflevert. Dit heeft te maken met de casting. Millicent Simmonds is overtuigend als de dove dochter. Millicent is in het echte leven ook doof. John Krasinski speelt zelf de vader. Hij is in de film, evenals in het echte leven, getrouwd met Emily Blunt. Het heeft zeker ook te maken met de uitstekende geluidsband. Na "The conversation" (1974, Francis Ford Coppola) is dit één van de meest overtuigende films met geluid in de hoofdrol. 

    DATUM: 6 mei 2018

    EIGEN WAARDERING: 7

    A Quiet Place (2018) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Samuel Maoz (1962) deed als twintigjare mee in de Libanese oorlog van 1982. Deze ervaring speelt een belangrijke rol in de twee speelfilms die hij tot nog toe maakte ("Lebanon" (2009) en "Foxtrot" (2017)).

    HET VERHAAL

    "Foxtrot" bestaat uit drie episoden. De eerste episode speelt zich af in het appartement van de familie Feldmann (afbeelding 1). Er wordt aangebeld en Israelitische militairen komen vertellen dat zoon Jonathan is omgekomen. Een uur later blijkt er sprake te zijn van een persoonsverwisseling. In de tweede episode verplaatst de film zich naar de grenspost waar Jonathan is gestationeerd (afbeelding 2). Het blijkt een totaal verlaten grenspost te zijn. Af en toe moeten de slagbomen worden geopend voor een langskuierende kameel. In de derde episode keert de film terug naar het appartement van de familie Feldmann.

    COMMENTAAR

    "Foxtrot" is na "Waltz with Bashir" (2008, Ari Folman) de tweede Israelitische film op deze site. In beide gevallen is de regisseur (Ari Folman resp. Samuel Maoz) geboren in 1962 en gevormd door de oorlog in Libanon in 1982. "Foxtrot" is ook de tweede film van Samuel Maoz en, gegeven de beperkte omvang van zijn oeuvre, is het opmerkelijk hoe zelfbewust deze film is. 

    In het april 2018 nummer van de ''De Filmkrant" geeft de regisseur een interview. Hij vertelt daarin het verhaal van zijn dochter die zich altijd versliep en dan de taxi naar school moest nemen. Op een gegeven moment werd dat Maoz te gortig en hij gaf zijn dochter te verstaan dat ze maar eens op tijd moest zijn voor de bus. De volgende dag werd haar bus opgeblazen bij een aanslag. Gelukkig had ze hem net gemist, maar het geeft wel aan dat een ongeluk (zeker in Israel) in een klein hoekje zit. Op het verkeerde moment op de verkeerde plaats zijn is voldoende. 

    In "Foxtrot" slaat het noodlot op een vergelijkbaar grillige manier toe. Moaz maakt in het interview met "De Filmkrant" een vergelijking met de Griekse tragedie. De held die onbedoeld zijn eigen lijden veroorzaakt (zoals hijzelf bijna onbedoeld de dood van zijn eigen dochter had veroorzaakt). Mij lijkt dat een dergelijke grilligheid van het noodlot vooral aanzet tot een "carpe diem" (pluk de dag) mentaliteit, en ook daarvan vinden we een mooi voorbeeld in de film. De familie Feldmann bezat sinds mensenheugenis een familiebijbel. Deze wordt van vader op zoon overgedragen zodra de zoon volwassen is. De vader van Jonathan heeft echter de keten verbroken. In zijn jeugd heeft hij de familiebijbel verpatst voor een nummer van Playboy. Voor de rest heeft hij de familietraditie overigens wel in ere gehouden, want toen zijn zoon 18 werd, heeft hij hem het betreffende nummer van Playboy gegeven. In het interview geeft Samuel Maoz aan de keus voor Playboy te zien als een keus voor het leven, waarvan acte.

    De film is opgebouwd als een drieluik. De eerste episode vertelt het gezichtspunt van de vader, de tweede dat van de zoon en de derde tenslotte dat van de moeder. De overheersende emotie in de eerste episode is boosheid, in de tweede episode onschuld (meer een geesteshouding dan een emotie, maar ik kan geen betere omschrijving vinden) en in de derde episode gelatenheid en rouwverwerking.  Ook filmisch hebben de episoden een totaal ander karakter. Het middenstuk deed mij denken aan Aki Kaurismaki. De soldaten die aan deze verlaten grenspost gestationeerd zijn zullen nu niet bepaald tot het elitecorps van het Isrealische leger behoren, net zoals de hoofdpersonen van Kaurismaki vaak mensen aan de rand van de (in zijn geval burgerlijke) maatschappij zijn. Verder doet het feit dat de soldaten verblijven in een container denken aan de hoofdpersoon uit "The man without a past" (2002, Kaurismaki)). In het middenstuk zit ook de meeste humor. Zo lijkt geen van de (schaarse) passanten van de grenspost op zijn pasfoto en zakt de container waarin de soldaten bivakkeren langzaam weg.

    De eerste en de laatste episode, die zich allebei afspelen in het appartement van de familie Feldmann, deden mij daarentegen erg denken aan Michael Haneke. De sfeer in het appartement is licht claustrofobisch en het echtpaar Feldmann is een voorheen progressief koppel dat erg zijn best doet om de oude idealen niet te laten overwoekeren door de in de loop van de tijd opgebouwde welstand. Kortom het echtpaar Feldmann doet sterk denken aan het echtpaar Laurent uit "Caché" (2005, Michael Haneke). 

    Eén van de sterkste punten van de film is de manier waarop de kijker steeds op het verkeerde been wordt gezet en waarop een vervreemdende sfeer wordt opgeroepen. Films waarin dezelfde gebeurtenis vanuit diverse gezichtspunten wordt verteld zijn er meer, de meest bekende misschien wel "Rashomon" (1950, Akira Kurosawa). In "Foxtrot" wordt niet dezelfde gebeurtenis maar opeenvolgende gebeurtenissen uit verschillende invalshoeken verteld. Hierbij blijft lang onduidelijk of deze opeenvolgende gebeurtenissen wel afkomstig zijn uit hetzelfde verhaal. De Jonathan Feldmann, waar we in episode 2 naar overschakelen, is dat nu de Jonathan Feldmann die wel of die juist niet is omgekomen. We weten het als kijker heel lang niet.

    Niet alleen tussen de episoden wordt de kijker op het verkeerde been gezet, ook binnen de episoden heerst een vervreemdende sfeer. Dat begint al meteen in episode 1. Natuurlijk zijn soldaten die tot taak hebben om ouders op de hoogte te stellen van de dood van hun kind er op getrained de boodschap zo tactisch mogelijk te brengen. Maar de soldaten uit "Foxtrot" gaan wel heel ver en nemen met hun kalmeringsmiddelen en goedbedoelde (?) adviezen de situatie in huize Feldmann zo'n beetje helemaal over. Ze bemoeien zich zelfs met de tekst van de rouwadvertentie (geen "gestorven" maar "gesneuveld"). Als vader Feldmann zijn moeder (de oma van Jonathan) gaat informeren (voordat de persoonsverwisseling uit komt), krijg je als kijker na een tijdje wederom een unheimisch gevoel. Oma snapt de boodschap namelijk wel, maar vertoont geen enkele emotie. Wat is hier aan de hand? Is oma dementerend? Zijn alle emoties bij (de Duitstalige) oma, die de Holocaust heeft overleefd, afgestompt? 

    Eerder in deze recensie schreef ik dat de tweede episode zich kenmerkt door ee n sfeer van onschuld. We hebben hier te maken met soldaten die in de echte wereld een kameel doorlaten en hooguit in virtual reality met oorlogvoeren bezig zijn. Toch moeten we de onschuld van deze jonge jongens niet te letterlijk nemen. Als een ouder echtpaar de grensovergang over wil, dwingen de soldaten hen om uit te stappen en in de regen te blijven staan. Zowel man als vrouw zijn in galakostuum en het kapsel van de vrouw verregent waar ze bij staat. De actie van de soldaten kan op zijn best zinloos en op zijn slechtst sadistisch worden genoemd, onschuldig is zij zeker niet. Hoewel een verregent kapsel niet het grootste oorlogsleed vormt, is de scene verrassend ongemakkelijk voor de kijker. De behandeling van het oudere echtpaar valt overigens nog in het niet bij wat een wagen vol met jonge discogangers te wachten staat. Ik zal hier verder niet over uitwijden, maar kan mij wel voorstellen dat de film door deze scene in israel zelf controversieel is. 

    "Foxtrot" staat, voor wie er oog voor heeft, bol van de symboliek. Dat begint met de titel, die verwijst naar een dans waarbij je altijd uitkomt op de plek waar je begonnen bent (de eeuwige herhaling van een ronde cirkel). In de loop van de film wordt deze dans uitgevoerd door: bewoners van het bejaardenhuis van oma (episode 1), Jonathan Feldmann (met zijn geweer als danspartner, episode 2) en tenslotte door Michael en Daphna Feldmann (episode 3). Moeilijker te duiden vond ik de zwarte band die we op de poster voor de ogen van Michael Feldmann zien zitten. Deze band verhulde eerst de tepels van de pin up op de cover van de Playboy. Omdat haar borsten op de middenpagina wel helemaal bloot waren ruilde Michael de familiebijbel voor deze Playboy. Blijkbaar daardoor hechte de zwarte band zich ook aan hem, maar wat de regisseur hier duidelijk mee heeft willen maken? Wie het weet mag het zeggen.

    DATUM: 28 april 2018

    EIGEN WAARDERING: 10 

    Foxtrot (2017) on IMDb

    Reacties

    Toen Rob Reiner (1947) begon als regisseur, had hij al een carrière als acteur achter de rug. Hij speelde onder andere de schoonzoon van Archie en Edith Bunker in de bekende TV-comedy "All in the family".

    Als regisseur liet hij zich kennen als een veelzijdig man, die diverse genres beheerst, zoals coming of age ("Stand by me", 1986), sprookje ("The princess bride", 1987), relatiesdrama ("When Harry met Sally", 1989) en tenslotte een rechtbank drama ("A few good man" ,1992).

    Met name in de laatste film laat Reiner zijn bewondering voor mensen met een "rechte rug" duidelijk blijken. Zelf steekt hij in politiek opzicht zijn mening ook niet onder stoelen of banken. Hij is al heel lang actief aan de linker c.q. democratische kant van het politieke spectrum.

    Wie uit bovenstaande selectie van films denkt dat het zwaartepunt van de regisseurscarrière van Reiner in de tweede helft van de jaren '80 ligt, heeft gelijk. Toch maakt hij ook nu nog goede films, zoals het coming of age drame "Flipped" uit 2010.

    DE REGISSEUR

    Albert Dupuntel (1964) begon zijn carrière als stand-up comedian, waarna hij de overstap maakte naar acteur. Af en toe regisseert hij ook films. Zijn bekendste film tot nog toe is "Au revoir la-haut", waarin hij tevens de hoofdrol speelt.

    HET VERHAAL

    In één van de laatste slagen van de Eerste Wereldoorlog raakt Edouard Péricourt  (Nahuel Perez Biscayart) ernstig verminkt aan zijn gezicht. Na de oorlog neemt zijn mede soldaat Albert Maillard (Albert Dupontel) de zorg voor hem op zich. Edouard heeft namelijk niet lang daarvoor het leven van Albert gered. Om te overleven beginnen de twee een handel (zeg maar zwendel) in niet bestaande oorlogsmonumenten.

    In een andere verhaallijn zien we hoe  officier Pradelle (degene die, in het zicht van de vrede, opdracht gaf tot de totaal zinloze actie waarbij Edouard verminkt raakte) rijk wordt door te frauderen met oorlogsgraven en grafkisten.

    Uiteindelijk komen de twee verhaallijnen natuurlijk bij elkaar.

    COMMENTAAR

    De afgelopen periode gingen twee films over de Eerste Wereldoorlog in première, "Les gardiennes" (2017, Xavier Beauvois) en "Au revoir la-haut". Dit zal veel te maken hebben met het feit dat het dit jaar honderd jaar geleden is dat de Eerste Wereldoorlog eindigde. "Au revoir la-haut" gaat ook over het einde van de oorlog en de manier waarop de soldaten hun "normale leven" weer oppakken. Veel filmliefhebbers zullen hierbij denken aan "The best years of our lives" (1946, William Wyler), dat voor wat betreft de Tweede Wereldoorlog ingaat op hetzelfde onderwerp. Deze filmliefhebbers zullen bedrogen uitkomen. Bij "Au revoir la-haut" is de oorlog meer de aanleiding dan het onderwerp van de film. Alleen in het eerste kwartier is de film nadrukkelijk een oorlogsfilm. Wat is de film dan voor de rest van de speeltijd? Goede vraag. Genres als crime, komedie en drama komen naar boven.

    Hierbij gaan de crime en de de komedie overigens hand in hand. Malversaties met betrekking tot oorlogsmonumenten en oorlogsgraven, wie verzint het? Zoals altijd is de werkelijkheid merkwaardiger dan de wildste fantasie want gesjoemel met oorlogsgraven schijnt zich werkelijk te hebben voorgedaan. Toen "La vitta e bella" (1997, Roberto Benigni) uitkwam gaf dit aanleiding tot verhitte discussies over de vraag of je wel de spot mocht drijven met zo iets verschrikkelijks als de Tweede Wereldoorlog. Deze discussies hoor ik niet met betrekking tot "Au revoir la-haut". Blijkbaar zijn we daar in de afgelopen 20 jaar wat relaxter over gaan denken (of we vinden de Tweede Wereldoorlog verschrikkelijker dan de Eerste Wereldoorlog, maar dat kan ik mij in Frankrijk niet voorstellen). 

    Dat relaxte geldt ook voor de wijze waarop de film omgaat met de verminking die Edouard aan zijn gezicht heeft opgelopen. Zijn hele onderkaak is weggeslagen. Hij weet dit te maskeren door middel van een gezichtsmasker, en aangezien Edouard kunstenaar is worden deze gezichtsmaskers gedurende de film steeds mooier en extravaganter.  Het geeft de film een "joie de vivre" die zich, als je er goed over nadenkt, moeilijk te verenigen is met een weggeslagen onderkaak. Het punt is echter dat de regisseur er gedurende de hele film flink de vaart in houdt, zodat je niet echt tijd hebt om er eens goed over na te denken. Wat dat betreft doet de stijl van de film qua absurdisme wel wat denken aan Jean Pierre Jeunet, bekend geworden van onder andere "Amelie" (2001). De relatie is niet zo ver gezocht want in 2004 maakte Jean Pierre Jeunet een film over de Eerste Wereldoorlog ("Un long dimanche de fiancailles") en laat nu Albert Dupontel als acteur in deze film meespelen.

    Tijdens het kijken naar deze film werd ik mij nog weer eens bewust van de mate waarin het medium film ons weet te manipuleren. Zowel Edouard en Albert als officier Pradelle lopen na de oorlog de boel behoorlijk te belazeren. Omdat eerstgenoemde twee echter slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog zijn en de laatste een "dader", kiezen we onvoorwaardelijk partij voor Edouard en Albert. Vermeldenswaard is overigens nog wel de scene waarin Edouard en Albert een ambtenaar tippen met betrekking tot het bedrog van Pradelle. Edouard kiest hiervoor een ambtenaar uit die al 30 jaar hetzelfde werk heeft gedaan en nog nooit promotie heeft gemaakt. Volgens Edouard is deze man of een sukkel of integer. Een opmerkelijk inkijkje in het Franse ambtenarencorps. 

    De film draait ook en misschien zelfs wel vooral om een vader - zoon relatie (genre drama). Na zijn verminking durft Edouard zijn vader niet meer onder ogen te komen. Hij neemt dan ook een andere identiteit aan, wat (met al die gesneuvelde frontsoldaten) nog geen eens zo moeilijk is in het Frankrijk van net na WO I. Niet alleen zijn uiterlijk heeft echter met het verbreken van de relatie te maken. Hoewel het nergens expliciet wordt gezegd kan je je zo voorstellen dat de vader/bankier (afbeelding 2) en de zoon/kunstenaar (afbeelding 1) sowieso op een andere golflengte zitten. Als de vader een monument wil sponsoren loopt hij zijn zoon (die monumenten, of beter gezegd ontwerpen van monumenten die hij niet van plan is te bouwen, verkoopt) toch weer tegen het lijf.

    Wie naar "Au revoir la haut" toegaat met de gedachte een Franse versie van "The best years of our lives" te gaan zien, komt ongetwijfeld teleurgesteld de bioscoop uit. Wie in de film een Franse (en extravagante) versie van "Karakter" (1997, Mike van Diem) ziet heeft waarschijnlijk een geslaagde avond.

    DATUM: 20 april 2018

    EIGEN WAARDERING: 8  

      

    Au revoir là-haut (2017) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Lewis Milestone (1895 - 1980)  werd als Leib Milstein geboren in het deel van Rusland dat toen nog Bessarabia heette (het tegenwoordige Moldavië). Hij emigreerde reeds op 17 jarige leeftijd naar de Verenigde Staten en nam een meer Amerikaanse naam aan. Hij is vooral bekend geworden door "All quiet on the Western front" (1930). In 1939 verfilmde hij "Of mice and men" van John Steinbeck. 

    HET VERHAAL

    Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog melden Paul Baumer (Lew Ayres) en veel van zijn klasgenoten zich aan bij het Duitse leger. Zij zijn daartoe aangezet door de "vaderlandsliefende" betogen van hun leraar (clip). Eenmaal aan het front valt de werkelijkheid hen rauw op het dak (afbeelding 1). Als de spreekwoordelijke tien kleine negertjes valt de één na de ander (noot 1).

    Als hij voor een paar dagen thuis op verlof is, loopt hij langs zijn oude schoolgebouw. Hij hoort zijn voormalige leraar opnieuw zijn nationalistische preek houden, ditmaal tegen nog jongere kincderen. Als de leraar Paul herkent nodigt hij hem uit om te vertellen hoe heroïsch het leven aan het front wel niet is. Tot groot ongenoegen van de leraar vertelt Paul het werkelijke verhaal.

    COMMENTAAR

    Qua aantal vallen films over de Eerste Wereldoorlog in het niet bij flms over de Tweede Wereldoorlog. Het is dan ook bijzonder dat op het moment dat ik dit schrijf twee films over de Eerste Wereldoorlog in de bioscoop draaien (("Les gardiennes", 2017. Xavier Beauvois) en ("Au revoir la-haut", 2017, Albert Dupontel)). Uiteraard speelt mee dat het dit jaar precies honderd jaar geleden is dat de "grote oorlog" eindigde.

    "All quiet on the Western front" was een vroege film over de Eerste Wereldoorlog. Eigenlijk moet ik zeggen DE vroege film over de Eerste Wereldoorlog, alhoewel ik daarmee "Comrades of 1918" van Georg Wilhelm Pabst uit het zelfde jaar 1930 misschien wat tekort doe.  

    Aan de ene kant is "All quiet on the Western front" een moderne film. Ik zag er allerlei dingen in terug uit latere (oorlogs)films. Onderstaand een paar voorbeelden.

    - De drilsergeant uit "Full metal jacket" (1987, Stanley Kubrick).
    - De nervous breakdown uit "The deer hunter" (1978, Michael Cimino).

    Verder valt de voor die tijd erg mobiele camera op. Tijdens een scene komen een Duitse en een Franse soldaat in het niemandsland tussen de loopgraven samen vast te zitten in een kuil. Aanval en tegenaanval golven boven hun hoofd heen en weer. Deze scene is opgenomen vanuit de kuil en het camerastandpunt heeft wel wat weg van de manier waarop Leni Riefenstahl in 1938 de Olympische spelen van Berlijn in beeld bracht ("Olympia deel 1 en 2").

    Tegelijkertijd is "All quiet on the Western front" ook een erg ouderwetse film. De film is wel heel expliciet over het feit dat oorlog iets verschrikkelijks is. Een feit dat zeker na de Tweede Wereldoorlog nogal een open deur is. Maar ja de film is dan ook van voor de Tweede Wereldoorlog. "All quiet on the Western front" is gebaseerd op het boek "Im Westen nichts Neues" (1929, Erich Maria Remarque). In de dikke Steinz (gids voor de wereldliteratuur) lees ik over dit boek "Een aanklacht noch een bekentenis maar een verslag over een generatie die door de oorlog vernield werd". Als dit het oogmerk was van de schrijver, gebied de eerlijkheid te zeggen dat de film niet helemaal recht doet aan het "geen aanklacht" voornemen.

    Centraal in de film staat ook de boodschap dat de soldaten die in de loopgraven tegenover elkaar liggen, buiten het leger helemaal niets tegen elkaar zouden hebben. Dit is de boodschap van de (reeds genoemde) scene waarin een Duitse en een Franse soldaat samen in een kuil terecht komen. Het is ook de boodschap van de scene waarin Duitse soldaten een rivier overzemmen een een leuke avond (of misschien wel meer) hebben met Franse boerenmeisjes. Het is tenslotte de boodschap van de volgende dialoog, waarin Duitse soldaten discussiëren over de vraag waarom het nu oorlog is geworden.

    Tjaden: Well. how do they start a war?
    Albert Kropp: Well, one country offends another.
    Tjaden: How could one country offend another?
    Tjaden: You mean there's a mountain over in Germany gets mad at a field over in France?
    [Everyone laughs]
    Albert Kropp: Well, stupid, one people offends another.
    Tjaden: Oh, well, if that's it, I shouldn't be here at all. I don't feel offended.
    Katczinsky: It don't apply to tramps like you.
    Tjaden: Good. Then I could be goin' home right away.

    Deze boodschap was volgens mij reeds in 1930 gedateerd. Voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog was men er in linkse kringen van overtuigd dat Duitse arbeiders nooit de wapens zouden oppakken tegen Franse arbeiders. De strijd waar het om ging, was immers de klassenstrijd tussen arbeiders en kapitalisten en niet de strijd tussen verschillende landen. Deze droom werd door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog wreed verstoord, maar "All quiet on the Western front" lijkt in 1930 nog even verder te dromen.

    Modern, ouderwets, wat maakt het uit. "By the end of the day" is "All quiet on the Western front" vooral een goede film waar we nog steeds veel van kunnen leren. Zo is elk heldendom de film vreemd. De hoofdpersonages doen het in hun broek als ze voor het eerst onder vuur komen te liggen en het eindeloze wachten in de loopgraven leidt er herhaaldelijk toe dat de zenuwen van één van de soldaten het begeeft. Niet alleen de leraar weet thuis mooie verhalen te vertellen, ook in de kroeg van zijn woonplaats hebben oude mannen (waaronder de vader van Paul) het hoogste woord over de te volgen strategie aan het front. Op afbeelding 2 zien we Paul teleurgesteld zijn rug toekeren naar alle "stuurlui aan de wal".

    Qua beeldtaal kent elke filmliefhebber de film van de vlinder die neerstrijkt op de modder van het slagveld. Niet minder indrukwekkend is echter de laatste scene waarin een groep marcherende soldaten langzaam overgaat in de beelden van een oorlogskerkhof (afbeelding 3, de soldaat die zich half omdraait en de kijker recht in het gezicht kijkt maakt het beeld nog verontrustender dan het al is).

    Noot 1: In de "tien kleine negertjes" van Agatha Christie hebben de personages stuk voor stuk wat op hun geweten. Het wrange van "All quiet on the Western front" is dat het stuk voor stuk naïeve schooljongens zijn.

    DATUM: 20 april 2018

    EIGEN WAARDERING: 8   

    All Quiet on the Western Front (1930) on IMDb










    Reacties

    DE REGISSEUR

    Warwick Thornton (1971) begon als cameraman, maar maakte in 2009 zijn regisseursdebuut met "Samson and Delilah". Ook in de films die hij zelf regisseert, geeft hij in het algemeen de camera niet uit handen. Zelf een Aboriginal, speelt het lot van deze oorspronkelijke bewoners van Australië vaak een grote rol in zijn films. Zo gaat "Samson and Delilah" over de huidge situatie van Aboriginals, terwijl "Sweet country" (2017) hun situatie schetst in de jaren '20 van de vorige eeuw.

    HET VERHAAL

    Sam (afbeelding 1), een landarbeider, schiet uit zelfverdedging, de buurman van zijn baas neer. Aangezien Sam een Aboriginal is en de buurman een blanke, heeft Sam geen enkel vertrouwen in een eerlijk proces. Hij vlucht samen met zijn vrouw de Australische wildernis in. Na een klopjacht komt het door Sam gevreesde proces er aan het einde van de film toch.

    COMMENTAAR

    In een interview in de Filmkrant geeft Warwick Thornton aan dat hij in zijn jeugd helemaal niet van Westerns hield. Het was dan ook zeker niet zijn bedoeling met "Sweet country" een klassieke Western te maken. Sweet country schendt in diverse opzichten de genre conventies van de Western.

    In de eerste plaats zijn in de klassieke Western de blanken de "good guys" en de Indianen de "bad guys". In dit opzicht wijkt "Sweet country" af van de klassieke Western, want de blanken zijn in deze film allesbehalve de "good guys". Deze afwijking van de klassieke Western is overigens allesbehalve vernieuwend. Sinds de jaren '60 werden er steeds meer vraagtekens geplaatst bij de rol van de blanken. Dit culmineerde in 1990 in een film als "Dances with wolves" (Kevin Costner) waarin de rolverdeling geheel was omgedraaid (de blaken "bad" en de Indianen "good").

    Wel vernieuwend is het feit dat in "Sweet country" de blanken het niet opnemen tegen Indianen, maar tegen Aboriginals. In een recensie las ik dat deze film weinig nieuws heeft te bieden voor diegenen die de geschiedenis van Australië kennen. Dat mag waar zijn, maar het betekent aan de andere kant dat deze film voor een heleboel andere mensen wel degelijk een onbekend verhaal vertelt.

    Samenhangend met het bovenstaande is het feit dat de film zich niet afspeelt in de klassieke biotoop van de Western (Monument valley op het vierlandenpunt tussen Utah, Arizona, Colorado en New Meixco, door mij ook wel eens "John Ford" country genoemd), maar in het binnenland van Australië. In eerdere recensies ("McCabe & Mrs Miller" (1971, Robert Altman), "The Revenant" (2015, Alejandro Inarritu) en "Brimstone" (2016, Martin Koolhoven)) vond ik het al heel wat als de locatie naar het Noorden van de Verenigde Staten was verplaatst. Nu verlaat een Western zelfs het geboorteland van het genre.  Het Australische binnenland rondom Alice Springs (de enige grote stad in het binnenland van Australië en de geboorteplaats van de regisseur) is prachtig. De scenes in de woestijn, met de hete lucht trillend boven het aardoppervlak (afbeelding 2), doen denken aan "Lawrence of Arabia" (1962, David Lean). 

    De regisseur doet zijn uiterste best om de grens tussen "good guys" en "bad guys" niet al te scherp te maken. Zo is er een nogal opportunistisch Aboriginal jochie en is de baas van Sam een goede blanke (ik zou bijna zeggen Roomser dan de Paus). Zelfs binnen één persoon tracht Thornton nuances aan te brengen. Zo is de buurman die door Sam gedood wordt een onverbeterlijk racist, maar tegelijkertijd ook iemand die gebroken en aan de drank verslaafd uit de Eerste Wereldoorlog is teruggekomen.  Zelf vond ik dit onderdeel van de film iets te nadrukkelijk in beeld gebracht en bij vlagen zelfs irritant. Bovendien, zo dacht ik bij mezelf, hoeveel Australische mannen zullen in de Eerste Wereldoorlog (helemaal aan de andere kant van de Wereld) hebben meegevochten? Wat dat laatste betreft had ik mij behoorlijk vergist. Ongeveer 10% van de Australische mannen heeft aan de kant van Engeland meegevochten. 

    De film kent enerzijds een strikte chronologie (de dood van de buurman, de vlucht en de achtervolging en tenslotte de rechtzaak). In deze chronologie zijn echter talrijke "flashbacks" en flash forwards" opgenomen, die in eerste instantie voor de kijker niet exact te plaatsen zijn in de tijd. Het had op mij een beetje hetzelfde effect als het lezen van een boek van de Poolse schrijver Wieslaw Mysliwski. In boeken van deze schrijver vertelt de hoofdpersoon een verhaal waarbij hij vaak van de hak op de tak springt. Pas gaandeweg krijgt de lezer zicht op de daadwerkelijke chronologie. Ook bij films is deze techniek dus mogelijk. Het maakt "Sweet country" tot een spannende film. 

    Op een gegeven moment wordt in de film zelf een film vertoond. Het is een openluchtvoorstelling van "The story of the Kelly gang" (1906, Charles Tait) (afbeelding 3). Ned Kelly (1854 - 1880) is in Australië (en meer algemeen in de Angelsaksische wereld) een bekende figuur. In Nederland is hij stukken minder bekend. In Australië is deze roverhoofdman uitgegroeid tot een Robin Hood achtige figuur. Zijn daadwerkelijke levenswandel, waarin hij de buit van zijn misdaden toch vooral voor zichzelf hield, geeft geen verklaring voor deze roem. Waarschijnlijk heeft het iets te maken met het feit dat de van afkomst Ierse Ned Kelly werd gezien als een "outsider" tegenover de Britse autoriteiten. Voorzover deze verklaring hout snijdt, past de verwjzing naar Ned Kelly in "Sweet country". Ook de boeren in het gehucht waar de film speelt voelen zich "outsider" / "underdog" tegenover de centrale autoriteiten (in deze film vertegenwoordigt door de rechter die speciaal naar het dorp toekomt om recht te spreken over Sam). Underdog of niet, de "buit" die ze binnenhalen c.q de winst die ze maken door Aboriginals te onderdrukken houden ze toch vooral zelf. 

    DATUM: 6 april 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

     

    Sweet Country (2017) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Nicolas Roeg (1928) begon zijn carrière in de filmindustrie als cameraman. Bekende films uit deze fase van zijn loopbaan zijn: "The masque of the red death" (1964, Roger Coreman) en "Fahrenheit 451" (1966, Francois Truffaut). Begin jaren '70 schakelde hij over naar de rol van regisseur. Het succes liet niet lang op zich wachten. "Walkabout" (1971), waarin Roeg de camera nog niet uit handen wilde geven, werd een klassieker. Nog bekender werd "Don't look now" (1973), waarin Roeg de camera weliswaar afstond aan een aparte collega cameraman, maar zich ongetwijfeld intensief met zijn werk bleef bemoeien. Hoewel daarna nog vele films volgenden haalden deze het niveau van de eerste twee "regisseursfilms" van Roeg niet meer. 

    HET VERHAAL

    Een tienermeisje en haar jongere broertje worden door hun vader achtergelaten in de Australische wildernis. Tot hun geluk lopen ze een Aboriginal jongen tegen het lijf in zijn periode van "Walkabout". "Walkabout" is in de Aboriginal cultuur een "rite de passage" van jongen naar man, waarbij tienerjongens gedurende een periode van 6 maanden alleen door de natuur zwerven en op eigen kracht moeten zien te overleven. De drie trekken gezamenlijk op (afbeelding 2), maar de communicatie blijft moeilijk.

    COMMENTAAR

    Tegen het einde van "Walkabout" zien we een naakte jongen en een naakt meisje samen op een idyllisch eilandje. Het doet bijna denken aan "The blue lagoon" (1980, Randal Kleiser), maar schijn bedriegt hier.

    In "Walkabout" staan twee thema's nadrukkelijk centraal. Aan de ene kant natuur versus cultuur. Aan de andere kant is "Walkabout"ook een "coming of age" film. Soms lees je dat "Walkabout" een film met diepere lagen is, die je eigenlijk meerdere keren gezien moet hebben. Ik heb zo mijn twijfels. De twee hoofdthema's liggen er nogal nadrukkelijk bovenop, en de zogenaamde diepere lagen zijn wat mij betreft vooral overbodige scenes die van niets naar nergens gaan. Ik denk dan aan de scenes over het team dat onderzoek naar het weer doet en over de fabriek waar toeristische prullaria gemaakt worden. Ten tijde van "Walkabout" had Roeg nog niet het niveau van "Don't look now" (1973) bereikt.

    De tegenstelling tussen cultuur en natuur is vanaf het begin van de film aan de orde. Tijdens de scenes die in de stad horen we natuurgeluiden en tijdens de scenes in de wildernis horen we cultuurgeluiden. Bij natuurgeluiden moeten we dan denken aan didgeridoo (de lange dijk pijp) muziek. Bij cultuurgeluicden moeten we denken aan het nieuwasbericht dat de blanke kinderen (krakend en wel) ontvangen op hun transistorradio. 

    Wat betreft de Aboriginal jongen is er met betrekking tot dit thema een grote overeenkomst met het titelpersonage uit "Dersu Uzala" (1975, Akira Kurosawa). Hij is in zijn element in de vrije natuur, maar raakt van slag in de "beschaafde" wereld. Wat betreft het blanke meisje moeten we veeleer denken aan "Picnic at Hanging Rock" (1975, Peter Weir), ze raakt juist in de vrije natuur heel snel de weg kwijt. Als ik de jaartallen van de genoemde films nog eens naloop was het thema cultuur versus natuur blijkbaar populair in de eerste helft van de jaren '70.   

    In dit verband is het ook aardig een vergelijking te maken tussen "Walkabout" en "Don't look now".
    - Beide films beginnen met een onbegrijpelijke dood (in "Don't look now" van een kind, in "Walkabout" van een vader (afbeelding 1)).
    - Na deze dood beginnen de overlevenden (in "Don't look now" dus de ouders en in "Walkabout" de kinderen) aan een odyssee.
    - Bij deze odyssee raken de ouders in "Don't look now"  verstrikt in de achteraf steegjes van Venetië (cultuur) terwijl de kinderen in "Walkabout" verdwalen in het binnenland van Australië.

    Dan het coming of age gedeelte van de film. Dit wordt er nogal nadrukkelijk bovenop gelegd, misschien zelfs wel iets te nadrukkelijk. Ik denk dan aan: het ultra korte rokje van het schooluniform van het meisje (afbeelding 2), de scene waarin het meisje naakt in een beekje zwemt (deze scene doet sterk denken aan "Extase" (1933, Gustav Macchaty)) en de suggestief in elkaar verstrengelde takken van een boom.  Bij het "coming of age" thema moest ik in eerste instantie denken aan "The beguiled" (1971, Don Siegel) & (2017, Sofia Coppola), waarin vrouwen vallen voor een potentieel gevaarlijke man. Deze associatie was echter geheel onterecht. Het meisje laat totaal geen interesse blijken in de Aboriginal jongen en lijkt zich ook totaal niet bewust te zijn van het feit dat ze hem opwindt. Meer in het algemeen lukt het haar jongere broertje beter de communicatiekloof met de Aboriginal te overbruggen. Het meisje reageert gedurende een groot deel van de film op zijn (haar kleine broertje) nieuwsgierige vragen met het nietszeggende "I don't know".

    Dan komen we tenslotte bij de laatste scene uit (de "Blue lagoon" scene). De kinderen zijn weer veilig terug in de grote stad en het meisje is inmiddels getrouwd met een keurig nette man. Terugkomend van zijn werk geeft hij haar een zoen, en meteen daarna heeft het meisje een erotische fantasie over de tijd met de Aboriginal in de wildernis. Diezelfde Aboriginal waar ze destijds nauwelijks aandacht voor had, althans geen romantisch getinte aandacht. Ik denk dat ik de film nog maar een keer moet bekijken. 

    DATUM: 6 april 2018

    EIGEN WAARDERING: 7

    Walkabout (1971) on IMDb

    Reacties
    Filmposters