Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    Films  in de nacht volgend op de aangegeven datum worden, ook als ze na  24:00 uur starten, aan deze datum toegerekend.

     

    The Shining

    Vrijdag 17 augustus, 20:30 - 23:00 uur

    SBS 9

     

     

    The revenant

    Vrijdag 17 augustus, 23:00 - 01:15 uur

    SBS 9

     

     

     

    Departures

    Zondag 19 augustus, 01:15 - 03:15 uur

    ARD

     

     

    Whisky galore

    Maandag 20 augustus, 13:25 - 14:45 uur

    BBC 2

     

     

    On the waterfront

    Vrijdag 24 augustus, 13:00 - 14:45 uur

    BBC 2

     

     

    Amour

    Vrijdag 24 augustus, 21:05 - 23:10 uur

    Canvas

    Meest recente artikelen

    DE REGISSEUR

    Mike Hodges (1932) is misschien wel meer bekend van zijn televisiewerk dan door zijn bioscoopfilms. Van zijn bioscoopfilms is het op een stripheld gebasseede "Flash Gordon" (1980) de bekendste. Met deze film legde Hodges de basis voor alle Bat-, Super- en Spiderman verfilmingen die in latere deccenia nog zouden volgen. Onder kenners meer gewaardeerd zijn zijn film noirs "Get Carter" (1971) en "Croupier" (1998).

    HET VERHAAL

    Als zijn broer als gevolg van een verkeersongeval om het leven komt, denkt de Londense gangster Jack Carter (Michael Caine) dat er meer achter zit. Hij keert terug naar zijn geboorteplaats Newcastle om de zaak uit te zoeken. Al snel vindt hij de plaatselijke maffia tegenover zich.

    COMMENTAAR

    "Get Carter" is een vreemde mix van Engels "Social realism" en  Amerikaanse "Film noir".  Dit wordt misschien nog wel het beste tot uitdrukking gebracht door toneelschrijver John Osborne die in "Get Carter" maffiabaas Cyril Kinnear speelt. Bedacht dient te worden dat John Osborne met zijn toneelstuk "Look back in anger" aan de wieg stond van de literaire stroming van de "Angry young men". Veel van de stukken van deze "Angry young men" werden vervolgens verfilmd door de regisseurs van het "social realism". Zo werd "Look back in anger" zelf in 1959 verfilmd door Tony Richardson.  

    Het woord waarmee de film het best getypeerd kan worden is "lelijk".

    Lelijk zijn de locaties waar de film zich afspeelt. Dit betreft in de eerste plaats de troosteloze arbeiderswijken van Noord Engeland (zie afbeelding 1, het lichaam van de dode broer wordt opgehaald uit zijn woning), die we ook kunnen aantreffen in een echte  "social realist" film als "A taste of honey" (1961, Tony Richardson) of de documentaire "Of time and the city" (2008, Terrence Davies) (noot 1). Het betreft echter ook de Bijlmerachtige betonbouw in de buitenwijken en de shabby gokhuizen waar Jack Carter op zoek is naar informanten. Zelfs de shoot out aan het eind van de film speelt zich af in een lelijke industriële omgeving (noot 2). 

    Lelijk zijn ook de mensen die we in de film tegenkomen. Dit geldt uiteraard voor de onderwereld van Newcastle. Het geldt echter ook voor de mensen daar omheen, die liever de andere kant uitkijken zolang ze daar niet slechter van worden.

    Ook Jack Carter zelf is alles behalve sympathiek. Werkzaam in de onderwereld van Londen hoeven we natuurlijk geen al te hoge verwachtingen te hebben omtrent zijn moraal. Dit wordt in het begin van de film bevestigd als hij bijv. een barman of de eigenares van de B&B waar hij logeert als lokaas gebruikt en zich vervolgens weinig aantrekt van hun lot. Bij het verdere verloop van zijn onderzoek komt Jack er achter dat niet alleen zijn broer Frank, maar ook zijn nichtje Doreen slachtoffer is van c.q. is misbrukt door de onderwereld van Newcastle. Op dat moment slaan bij Jack alle stoppen door. Als een soort James Bond met een "licence to kill" maakt hij iedereen koud die, direct of indirect, bij de zaak betrokken is. Aan het eind van de film wordt hij uiteindelijk gestopt door de anonieme hitman "J", met een professionaliteit en afstandelijkheid die doen denken aan de Jack Carter uit het begin van de film.

    Lelijk is tenslotte ook de sex.  Er zit veel bloot in de film. Dit hangt mede samen met het feit dat de Newcastelse onderwereld zich niet alleen bezig houdt met gokken en drank (whisky uit de fles drinken is heel normaal in deze film), maar ook met vrouwen. De sex wordt echter nergens opwindend, eerder triest (zie ook de afbeeldingen op de poster). Dit is op zich opmerkelijk omdat één van de (bij)rollen wordt gespeeld door Britt Ekland, die in 1974 Bond-meisje zou zijn in "The man with the golden gun" (Guy Hamilton). In één van de bekendere scenes uit de film heeft Britt zelfs telefoonsex met Jack Carter, lang voordat Theo van Gogh "06" (1994) zou maken (zie afbeelding 2, let ook op het typisch jaren '70 bloemmetjsmotief van de kussens). 

    In 2000 zou Stephen Kay een remake van "Get Carter" maken. Het werd geen succes. In de eerste plaats is Sylvester Stallone in plaats van Michael Caine in de hoofdrol geen goede wissel, Ik vermoed echter ook dat Stephen Kay de achtergrond van het Engelse "social realism" miste en dat de remake (ik heb hem niet gezien) daardoor een pure (en middelmatige) film noir is geworden. De enige verdienste van de remake was dat hij opnieuw de aandacht vestigde op het origineel. Dat dan weer wel. 

     

    Noot 1: "Get Carter" speelt zich af in Newcastle. "A taste of honey" speelt zich af in Manchester. "Of time and the city" speelt zich af in Liverpool. De laatste twee plaatsen liggen weliswaar iets minder Noorderlijk, de arbeiderswijken worden er niet minder troosteloos door.   

    Noot 2: De locatie aan het eind van de film is niet alleen lelijk, maar ook onbegrijpelijk. Een transportband dumpt zijn inhoud op het eerste gezicht doelloos in de zee.

    DATUM: 14 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 7

    Get Carter (1971) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van de loopbaan van Vittorio De Sica, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Antonio zit zonder werk. Op een dag kan hij een baan krijgen als plakker van reclameposters, maar daar heeft hij wel een fiets voor nodig. Het probleem is dat hij, om de eindjes aan elkaar te knopen, zijn fiets beleend heeft. Zo'n gouden kans kan je niet laten liggen. Het beddengoed wordt van het bed gehaald en bij de lommerd geruild voor de fiets (afbeelding 1, de lakens zijn omgeruild voor de fiets).

    Het noodlot slaat al snel toe. Als de fiets gestolen wordt staat ook de baan op het spel. Samen met zijn zoon Bruno struint Antonio de hele dag door Rome. Als hij de dader gevonden denkt te hebben kan hij het bewijs niet leveren.

    Ten einde raad besluit hij zelf een fiets te stelen. Voor de ogen van zijn zoon wordt hij gepakt.

    COMMENTAAR

    Neo realistische films proberen de realiteit van alledag in beeld te brengen. Ze hebben daarom vaak een wat documentaire achtig stijl. Zo niet bij De Sica. Zijn verhalen zijn altijd duidelijk bedacht en in scene gezet maar de moraal van het verhaal is helder. In "Ladri di biclette" krijgt zo iets simpels als een fiets een enorme importantie. De baan van de man en daarmee het welzijn van een gezin is er direct van afhankelijk. 

    Het verhaal dat "Ladri di buciclette" vertelt is overzichtelijk. Het bestaat uit drie delen.

    - De fiets van de man wordt gestolen.
    - De zoektocht naar de fiets.
    - De man steelt zelf een fiets.

    Over elk van deze delen een opmerking.

    Ht eerste deel is indrukwekkend. De mate waarin Italië aan de grond zit na de Tweede Wereldoorlog wordt met een aantal rake observeringen in beeld gebracht. Ik denk dan aan de manier waarop werkloze mannen (waaronder Antonio) zich elke dag verzamelen in de hoop dat ze zich als dagloner kunnen verhuren. Dit beeld zou later ook in "On the waterfront" (1954, Elia Kazan) worden gebruikt. Volgende beeld dat op de netvlies blijft branden is de scene bij de lommerd. de verpande lakens (alleen al het idee) worden opgeborgen in manshoge stellingen. Het lijkt wel of heel Italië zaken doet met de bank van lening. Ten slotte de baan van Antonio. Zelf zo arm als een luis, moet hij posters opplakken van de diva Rita Hayworth (afbeelding 2, het gebruik van de fiets), de tegenstelling kan niet groter zijn. Ook dit beeld zou overigens navolging krijgen. In "The Shawshank redemption" (1994, Frank Darabont) vergapen de ook niet erg gepriviligeerde gedetineerden zich aan dezelfde Rita Hayworth. 

    In het middenstuk zwerven Antonio en Bruno door Rome op zoek naar de gestolen fiets. In dit deel speelt het dagelijkse stadsleven een grote rol. De film krijgt daarmee trekjes van klassieke "stadsfilms" als "Berlin, die Sinfonie der Grossstadt" (1927, Walther Ruttmann) en "Menschen am Sonntag" (1930, diverse regisseurs), zonder het niveau van deze films in dat opzicht te halen. Er is echter wat anders, wat er in het middenstuk bijkomt. Vanaf het middenstuk is "Ladri di biciclette" niet alleen een film over de strijdt tegen de armoede, maar ook een vader - zoon film. Het is duidelijk dat Vittorio de Sica goed naar "The kid" (1921, Charlie Chaplin) heeft gekeken. De interactie tussen deze twee is geweldig. We zien hoe de vader op een gegeven moment uit pure frustratie zijn zoon een klap geeft, en daar meteen spijt van heeft. We zien hoe de vader zijn zoon uiteindelijk beloont voor zijn goede hulp met een bezoekje aan een restaurant, terwijl het huishoudbudget dat natuurlijk helemaal niet toestaat. De zoon mag zelfs een klein glaasje wijn drinken, wat voor Italianen misschien wel zoiets betekent als een initiatierite richting volwassenheid.

    Aan het eind van de film is de vader de wanhoop nabij. Als hij geen fiets heeft, heeft hij binnenkort ook geen werk meer. In Rome wordt op dat moment een voetbalwedstrijd gespeeld en in de buurt rondom het stadion staan overal losse fietsen. Zijn oog valt op een alleenstaande fiets die tegen een woning is geparkeerd (afbeelding 3, het stelen van de fiets). Op een gegeven moment wordt de verleiding te groot. Hij wandelt quasi nonchalant naar de fiets toe en grijpt zijn kans. Natuurlijk komt de bewoner van het huis meteen uit zijn deur rennen en begint (het Italiaanse equivalent van) "Houdt de dief" te roepen. Voor de vader het weet rent een hele groep mensen achter hem aan en wordt hij van de gestolen fiets gesleurd. Als de rechtmatige eigenaar ziet dat de vader een zoon bij zich heeft, besluit hij er verder geen werk van te maken. Dit betekent echter zeker niet dat de vader geen straf krijgt. In de laatste beelden zien we vader en zoon meelopen in de massa die uit het voetbalstadion loopt. Terwijl bij de vader de tranen over zijn wangen lopen, grijpt de zoon zijn vader bij de hand. De rollen zijn totaal omgedraaid. Zelden is verdriet zo intens in beeld gebracht. Ik moest terugdenken aan de laatste scene van "Late spring" (1949, Yasujiru Ozu) waarin een vader triest een appeltje schilt nadat hij terugkomt van de bruiloft van zijn dochter en voor het eerst alleen thuis is. In "Ladri di biciclette" heeft het verdriet van de vader niets te maken met het feit dat hij zijn zoon fysiek kwijt is (die loopt immers naast hem), maar met het feit dat hij in zijn ogen heeft afgedaan als rolmodel voor zijn zoon. Ik heb van deze laatste scene een clip opgenomen.

    DATUM: 20 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 9

     

    Ladri di biciclette (1948) on IMDb


    Reacties

    DE REGISSEUR

    Rainer Sarnet (1969) maakt films sinds 2006. "November" (2017) is de eerste film die in (het arthouse circuit van) het Westen is uitgebracht.

    HET VERHAAL

    Het boerenmeisje Liina is verliefd op Hans. Hans heeft zijn oog echter laten vallen op de (Duitse) barones. Via zwarte magie probeert Liina het hart van Hans alsnog te veroveren.

    COMMENTAAR

    Films uit de Baltische staten worden niet dagelijks vertoond in de Nederlandse bioscoopzalen. Puttend uit mijn eigen herinnering kom ik niet veel verder als "Darkness in Tallin" (1993, Iikka Järvi-Laturi) en "Tries dienos / Three days" (1992, Sharunas Bartas).  Daarbij zit ik dan ook nog een beetje te smokkelen , want eerstgenoemde film speelt wel in Estland maar is gemaakt door een Finse regisseur. Laatstgenoemde film is gemaakt door een Litouwse regisseur maar speelt in Rusland. Met enige goede  wil zou je Kaliningrad, het door Polen, Letland en Littouwen ingeklemde stukje Rusland nog wel Baltisch Rusland kunnen noemen.

    "November" is gemaakt door een Estse regisseur en speelt zich af in Estland. Het is gesitueerd in de Middeleeuwen en bijgeloof, zwarte magie, hekserij en de duivel spelen een belangrijke rol. Dit alles slechts voorzien van een flinterdun laagje Christendom. "November" is echter niet gesitueerd in de historische Middeleeuwen, maar in een soort fantasy variant hiervan. In de overdonderende openingssceene zien we een kratt voor zijn meester een koe stelen. Een kratt is een uit allerlei losse onderdelen in elkaar gezette mecano achtige constructie dat bezieling heeft gekregen doordat zijn meester zijn ziel aan de duivel heeft verkocht. 

    Reeds uit de openingsscene wordt duidelijk dat de Middeleeuwen geen makkelijke tijd waren. Behalve voor de pest zijn de dorpsbewoners ook bang voor elkaar, want als ze maar even de kans zien bestelen ze elkaar als raven. Wat dat betreft springt hoofdpersoon Liina er helemaal niet zo slecht uit. Ook zij gebruikt zwarte magie (afbeelding 2), maar zij gebruikt het tenminste niet om haar dorpsgenoten een loer te draaien. Sterker nog zij weigert haar rivaal in de liefde via zwarte magie te doden. 

    Zoals uit het voorgaande al wel duidelijk is, zijn de Middeleeuwen (zeker de fantasy versie hiervan in "November") een vreemde tijd. Sarnet brengt dat in af en toe oogstrelend zwart-wit in beeld (afbeelding 1). Dit alles kan niet verhullen dat het verhaal over een meisje dat een blauwtje loopt nogal mager is. Buiten dit simpele plot is de film vooral verwarrend zonder dat duidelijk is wat de regisseur nou eigenlijk wil zeggen (als hij al wat wil zeggen). "November" staat hierin overigens niet alleen. Ook andere (bekende) Oost Europese films die spelen in de Middeleeuwen zijn vaak lastig te volgen. Ik noem "The Saragossa manuscript" uit 1965 van de Poolse regisseur Wojciech Has en "Marketa Lazarova" uit 1967 van de Tjechische regisseur Frantisek Vlacil. 

    Uitzondering op de onduidelijkheid is de toespeling op de rijke Duitse adel (baron en barones) tegenover de arme Estse boeren. Wie meer wil lezen over de rol die de Duitse adel in het verleden heeft gespeeld in de Baltische staten kan terecht bij het boek "Baltische zielen" (2010, Jan Brokken).

    DATUM: 9 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 5

    November (2017) on IMDb

    Reacties

    Joseph Mankiewicz (1909 - 1993) begon zijn filmcarrière als scenario-schrijver. Ook zijn broer Herman beoefende dit vak, en leek daarin aanvankelijk succesvoller. Zo schreef Herman het scenario voor "Citizen Kane" (Welles, 1941). Het was echter Joseph die de overstap naar het regisseursvak succesvol wist te maken. Daarbij bleef hij de scenario's voor zijn films vaak wel zelf schrijven. 

    In de periode 1945 - 1960 was hij het meestr productief. Hij maakte films als "The ghost and Mrs Muir" (1947), "Julius Ceasar" (1953), "Suddenly, last summer" (1959) en (misschien wel de meest bekende) "All about Eve" (1950). Laatastgenoemde film viel op door zijn scherpe dialogen, waarin de hand van de voormalige scenarioschrijver is te herkennen.

    Zijn carrière raakte in het slop met de perikelen (onder andere de affaire tussen de hoofdrolspelers Richard Burton en Elizabeth Taylor) tijdens de produktie van het historische spektakel "Cleopatra" (1963). Met "Sleuth" (1972) liet Mankiewicz nog één keer zien wat hij kon.

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het oeuvre van Joseph Mankiewicz, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Andrew Wyke (Laurence Olivier), een succesvol schrijver van detectives, nodigt de minnaar van zijn vrouw (Milo Tindle gespeeld door Michael Caine) uit op zijn landhuis. Hij doet een opmerkelijk voorstel aan Tindle. We zetten samen een inbraak in scene. Jij gaat er vandoor met de juwelen (en later met mijn vrouw). Ik strijk het geld op van de verzekering en ga stil leven met mijn eigen minnares. 

    Op het eerste gezicht een waterdicht plan. Of zou er meer achter zitten?

    COMMENTAAR

    Een man nodigt de minnaar van zijn vrouw uit op zijn buitenhuis. Het is een typische Agatha Christie setting (gekunstelt maar volgeladen met conflictstof) die waarschijnlijk al in 1972 aan de ouderwetse kant was. Daarbij komt dat de gastheer in dit geval slechts één gast heeft uitgenodigd en niet tien, zoals in "Tien kleine negertjes". Het is dan ook voor een niet gering deel te danken aan de acteerprestaties van Laurence Olivier en Michael Caine (afbeelding 1) dat de film uiteindelijk een klassieker is geworden. 

    Laurence Olivier speelt detectiveschrijver Andrew Wyke. Een man die beroepsmatig leeft van zijn fantasie, maar al doende de band met de werkelijkheid een beetje verloren lijkt te hebben. Zijn (in Tudor stijl opgetrokken) landhuis mag dan misschien geen Graceland (Elvis Presley) of Neverland (Michael Jackson) zijn, maar met al die snuisterijen en antieke poppen (afbeelding 2) er in scheelt het niet veel. 

    Naast een beetje wereldvreemd is Wyke ook een echte snob. De vele oorkondes aan de muur getuigen daarvan. Hij ziet zichzelf als een onvervalste "games man", en wil daarmee zeggen dat het hem niet om de knikkers maar om het spel gaat. Daarbij dient bedacht te worden dat hij alles als een spel ziet. Op de vraag of hij bijv. ook het huwelijk als een spel ziet is het antwoord: "It's sex! Sex is the game! Marriage is the penalty". Deze opmerking is nogal denigrerend ten opzichte van zijn vrouw, en het maakt hem er niet sympathieker op. Wat dat betreft identificeren we ons meer met Milo Tindle. Zijn financiële situatie laat het eenvoudig weg niet toe om zich niet om de knikkers te bekommeren. Tindle maakt dit aan Wyke duidelijk door de opmerking: "The only game we played was survival".

    Het spel belangrijker vinden dan de knikkers klinkt erg olympisch, maar zo zit Wyke toch niet in elkaar. Winnen is voor hem (of beter nog voor zijn ijdele ego) wel degelijk belangrijker dan meedoen. Verliezen is hem in elk geval een gruwel. In feite vindt hij de gedachte zijn vrouw kwijt te raken (het resultaat) minder erg dan de gedachte dat zij een andere man boven hem zal preferenen (het spel, de wedstrijd). Wat dat betreft lijkt Wyke wel wat op de figuur van Waldo Lydecker uit "Laura" (1944, Otto Preminger), ware het niet dat Waldo Lydecker zijn frustaties botviert op de vrouw terwijl Wyke de rivaliserende minnaar als doelwit kiest.

    Van dit doelwit wil hij niet alleen "winnen", hij wil hem zo veel mogelijk vernederen. En zo ontstaat een strijd op leven en dood die doet denken aan "Who is afraid of Virginia Woolf (1966, Mike Nichols). Ook een film die het moet hebben van de acteerprestaties van de twee hoofdpersonen (in dit geval Elizabeth Taylor en Richard Burton).

    "Sleuth" (1972) leent zich door zijn plotgedreven karakter niet voor een uitgebreide recensie. Wel kan nog worden opgemerkt dat het de laatste grote film van  Joseph Mankiewicz zou worden. In 2007 maakte Kenneth Branagh (toch niet de eerste de beste waar het gaat om toneelverfilmingen) een remake met dit keer Michael Caine in de rol van Wyke. Zoals zo vaak bij een remake haalde de film het niet bij het origineel.

    DATUM: 14 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

     

    Sleuth (1972) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Marc Rothemund (1968) is vooral bekend van de film "Sophie Scholl" (2005).

    HET VERHAAL

    Sophie Scholl maakte, samen het haar broer, onderdeel uit van de verzetsgroep "die weisse rose".
    Deze groep verzette zich op geweldlose wijze tegen het Nazi-regime, onder andere door het verspreiden van pamfletten.
    Op 18 februari 1943 verspreiden Sophie en haar broer een vlugschrift op de universiteit van Munchen, nog diezelfde dag worden ze gearresteerd.
    Op 22 februari 1943 vindt het (show)proces tegen de twee plaats. Ze worden ter dood veroordeeld. Het vonnis wordt nog dezelfde dag voltrokken.
    Gezien het moordende tempo van het proces is het onderschrift van de film (die letzten Tage) dus geenszins overdreven.

    COMMENTAAR

    De laatste jaren zijn er opvallend veel films die de Tweede Wereldoorlog vanuit Duits perspectief bekijken. Zie bijvoorbeeld "Der Hauptmann" (2017, Robert Schwentke) en de in die recensie genoemde verdere verwijzingen. Deze films staan toch allemaal, in meer of mindere mate, in het teken van boetedoening. Een Duitser die een film maakt over de Tweede Wereldoorlog is al bijzonder, een Duitser die een film maakt over een Duitse oorlogsheld(in) gaat echt over het randje.  Alle Duitsers waren tussen 1940 en 1945 immers slecht. 

    Er zijn een paar films die tegen dit stereotype beeld in gaan. "Sophie Scholl" is gemaakt in een tijd dat de stroom Duitse oorlogsfilms eigenlijk nog moest losbarsten. Van recentere datum is "Elser" (2015, Oliver Hirschbiegel), een film over George Elser die in november 1939 een mislukte aanslag op Hitler heeft gepleegd. In feite is Fritz Bauer uit de film "Der Staat gegen Fritz Bauer" (2015, Lars Kraume) ook een held, maar geen echte verzetsheld. Hij verzet zich niet (in een oorlogssituatie) tegen het Nazi-regime, maar (in vredestijd) tegen het stilzwijgen rondom dit regime in het Duitsland van de jaren '50. 

    Niet zo lang geleden zag ik "Het meisje met het rode haar" (1981, Ben Verbong). De overeenkomsten tussen de twee films liggen voor het oprapen.

    - Het gaat over een verzetsheld.
    - De verzetsheld is een jonge vrouw.
    - De films zijn in beide gevallen gebaseerd op feiten c.q. historische personages.
    - Beide vrouwen krijgen aan het eind de doodstraf.

    Filmisch kan daar nog aan toegevoegd worden dat in beide films de kleur rood een sterk accent krijgt. Bij "Het meisje met het rode haar" heeft dit (uiteraard) betrekking op het haar van het meisje, bij "Sophie Scholl" op haar trui en het swastika vaandel (zie poster en afbeelding 2). 

    Er zijn echter ook duidelijke verschillen aan te wijzen. Waar Hannie Schaft op een gegeven moment de overstap naar geweld (liquidaties) maakt, zweert "die weisse rose" bij geweldloos verzet. Dit verschil in het karakter van de acties zien we ook terug in het karakter van zowel de verzetsgroep als het hoofdpersonage. Zowel Hannie Schaft als Sophie Scholl zijn student. Hannie Schaft zet haar studie echter "on hold" om in het verzet te gaan terwijl "die weisse rose" een studentikoos karakter blijft houden (afbeelding 1). Hannie Schaft verhard tijdens haar verzetsperiode, Sophie Scholl blijft een idealistisch, enigszins wereldvreemd meisje. 

    Niet alleen de hoofdpersonen zijn anders, ook de manier waarop de film hun verhaal verteld is dat. In "Het meisje met het rode haar" wordt Hannie Schaft pas tegen het eind van de oorlog gearresteerd. De nadruk van de film ligt op de ontwikkeling die ze doormaakt richting harder geweld, en de morele dilemma's die daarmee samenhangen. In "Sophie Scholl" vindt de arrestatie al aan het begin van de film plaats. De nadruk van de film ligt op de verhoren en het proces. "Sophie Scholl" is dan ook een film met veel meer dialoog dan "Het meisje met het rode haar".

    In de vergelijking met "Het meisje met het rode haar" is al het één en ander gezegd over het karakter van Sophie Scholl. Daarnaast vallen nog een aantal andere zaken op aan de film.

    In de eerste plaats is daar de strafmaat (doodstraf voor verzet dat geweldloos is en zich beperkt tot het verspreiden van pamfletten) en de snelheid (op dezelfde dag) waarmee het vonnis wordt voltrokken. Ik denk dat dat niet los kan worden gezien van de fase waarin de oorlog zich op dat moment bevond. De Duitsers hadden in februari 1943 net de slag bij Stalingrad verloren en de oorlog was bezig een voor het Duitse leger ongunstige wending te nemen. De filosofische kritiek van "die weisse rose" ("In naam van het gehele Duitse volk vragen we aan de staat van Adolf Hitler onze persoonlijke vrijheid terug, het kostbaarste bezit van de Duitsers, omdat hij ons op de erbarmelijkste manier bedrogen heeft.") deed misschien wel minder pijn dan hun militair strategische kritiek ("Bedankt, Führer voor de zinloze dood van 330.000 Duitse mannen in de slag om Stalingrad.") in de oren van de top van het Duitse rijk die steeds nerveuzer werd. 

    Het tweede wat opvalt is het grote verschil tussen de Nazi rechercheur (Robert Mohr gespeeld door Alexander Held) en de Nazi rechter (Roland Freisler gespeeld door André Hennicke). De verhoren van Sophie vallen uiteen in twee delen. In het eerste deel draait het om de vraag OF ze het heeft gedaan. Nadat dit vast staat ("Ja, und ich bin stolz darauf") gaat het in het tweede deel vooral om de vraag WAAROM ze het heeft gedaan. Het is opmerkelijk in hoeverre de rechercheur bereid is met Sophie deze filosofische discussie aan te gaan. Heeft hij niet zijn werk gedaan nu hij haar een bekentenis heeft ontfutselt? Tijdens deze discussies geeft hij haar een paar keer de kans haar huid te redden door spijt te betuigen, hetgeen Sophie weigert. Een lid van de Gestapo met zoveel inlevingsvermogen. Het is haast te mooi om waar te zijn, ware het niet dat de film vrij letterlijk is gebaseerd op de processen verbaal van de verhoren. "Over the top" vond ik dan wel weer de Bijbelse verwijzing waarin de rechercheur na afloop van de verhoren demonstratief zijn handen wast.

    Nee, dan de rechter. Dat is een ouderwetse Nazi bullebak. Het proces tegen Sophie Scholl was een showproces, maar dit is toch wel erg veel show en erg weinig proces. De rechter is tevens opbaar aanklager. Hij schreeuwt, intimideert en kleineert de verdachten. De advovaten durven niets te zeggen ("geen vragen"). Ook hier geldt weer, de film is gebaseerd op werkelijke feiten (processen verbaal en beeldopnamen). Rechter Freisler sprak in 90% van de gevallen een doodvonnis uit. Hij nam de helft van de doodvonissen in Nazi Duitsland voor zijn rekening. Tijdens een proces heeft hij een keer een wetboek de publieke tribune ingesmeten met het commentaar "Ik heb geen wetboek nodig, ik ben hier de wet". Om verdachten belachelijk te maken liet hij ze een te grote broek aantrekken zodat ze voor het hekje letterlijk hun broek moesten ophouden. 

    Zo bezien heeft de regisseur zich nog ingehouden bij het in beeld brengen van het proces.

    DATUM: 29 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Sophie Scholl - Die letzten Tage (2005) on IMDb



    Reacties

    DE REGISSEUR

    David Mackenzie (1966) werd geboren in Schotland. Hij debuteerde als regisseur in 2002 en won in 2007 een zilveren Beer op het filmfestival van Berlijn met "Hallam Foe". Tot een doorbraak bij het grote publiek kwam het echter niet. Daarin kwam verandering met de Amerikaanse productie "Hell or high water". Deze film werd niet alleen genomineerd voor diverse Oscars, maar was in Amerika ook de film die in 2016 het meest in het laadje bracht bij de bioscoopkassa.

    HET VERHAAL

    De boerderij van de familie Howard dreigt, na generaties, verloren te gaan. Tanner Howard (Ben Foster) kan de hypotheekschuld na het overlijden van zijn moeder niet afbetalen. 

    Om de boerderij toch binnen de familie te houden begint hij samen met broer Toby (Chris Pine), die net uit de gevangenis is, een serie bankovervallen. Niet toevallig overvallen ze alleen filialen van de bank waar ook de hypotheek uitstaat.

    Al spoedig wordt het tweetal achterna gezeten door Sheriff Hamilton (Jeff Bridges) en zijn assistent Parker (Gil Birmingham).

    COMMENTAAR

    Hoewel ik geen groot liefhebber van de Western ben, valt de Neo Western bij mij vreemd genoeg vaak wel in de smaak. De reden is denk ik dat in de Neo Western aan de klassieke genreconventies een eigentijdse twist wordt gegeven. Dat is ook het geval bij "Hell or high water". 

    Men kan zich zelfs afvragen of de film uberhaupt wel in het Western stramien valt. Behoren verhalen over bankovervallen niet veel meer thuis in het crime genre? Voor de Western pleit in dit geval het optreden van een ordehandhaver die veel meer het karakter heeft van een ouderwetse sheriff dan van een detective. Deze sheriff wordt gespeeld door Jeff Bridges in misschien wel zijn beste rol sinds "The big Lebowski" (1998, Joel en Ethan Coen). Beslissend voor de "Western uitstraling" van "Hell or high water" is naar mijn mening echter nog veel meer de rol die het Texaanse landschap in deze film speelt. Waar crime typisch een stads genre is, speelt een Western zich af op het platteland en in de dorpen.

    Alleen al als Western (dus nog zonder het Neo) is het een plezier om naar "Hell or High water" te kijken. Het verhaal gaat niet alleen over de sheriff en zijn assistent (afbeelding 2) die achter de twee bankovervallers (afbeelding 1) aanzitten, maar ook over de rolverdeling binnen deze twee koppels. Zo is bij de bankovervallers Tanner het brein terwijl Toby de (wispelturige) handjes levert. De (tegen zijn pensioen aanzittende) sheriff is een ouderwetse racist die het niet kan laten zijn assistent, die half Indiaans en half Mexicaans is, te beledigen. Zie bijvoorbeeld het onderstaande citaat (noot 1):

    Alberto Parker: I'm starving.
    Marcus Hamilton: I doubt they serve pemmican (een van oorsprong Indiaans gerecht).
    Alberto Parker: You know I'm part Mexican, too.
    Marcus Hamilton: Yeah, well, I'm gonna get to that when I'm through with the Indian insults, but it's gonna be a while.

    Overigens kunnen Hamilton en Parker niet zonder elkaar en slaat Parker, als het zo uitkomt, verbaal net zo hard terug. Als Hamilton het filiaal dat de bankovervallers gaan overvallen juist voorspelt blijkt te hebben, ontspint zich de volgende dialoog.

    Marcus Hamilton: This is what they call white man's intuition.
    Alberto Parker: Sometimes a blind pig finds a truffle.

    Waar de Western op een komische manier lichtvoetig is en veel scherpe dialogen bevat, geldt dat in veel mindere mate voor de Neo toevoegingen. "Hell or high water" speelt nadrukkelijk in de nasleep van de financiële crisis, die veroorzaakt werd door zogenaamde "subprime" Amerikaanse hypotheken. Het lijkt er op dat de ouders van Tanner en Toby een dergelijke hypotheek hebben afgesloten en nu is de familie met huid en haar overgeleverd aan de bank. Er zijn de nodige films gemaakt over het financiële systeem, maar die gingen voornamelijk over de "daders". Denk aan films als "Wall street" (1987, Oliver Stone), "Margin call" (2011, Jeffrey Chandor) en  "The wolf of Wall street" (2013, Martin Scorsese). "Hell or high water" gaat over de verliezers van de financiële crisis, en dat is niet alleen de  familie Howard. Overal langs de snelweg staan reclameborden van financieel adviseurs die "debt relief" beloven.

    Ergens in het midden van de film zegt Parker tegen Hamilton dat lang geleden de blanken het land van de Indianen hebben ingepikt en dat nu de banken op hun beurt het land van de blanken  inpikken. Deze film gaat over het inpikken door de banken. Een jaar later zou scenarioschrijver Taylor Sheridan als regisseur de film "Wind river" (2017) maken, die over de tegenstelling tussen Indianen en blanken gaat. Gil Birmingham, die in "Hell or high water" de rol van assistent Parker speelt, zou in deze film opnieuw een Indiaans personage spelen.

    De film gaat niet alleen over de financiële crisis, in feite stelt hij de hele Amrikaanse droom ter discussie.

    Toby Howard: I've been poor my whole life, like a disease passing from generation to generation. But not my boys, not anymore. 

    Armoede als erfelijke afwijking, dat past toch niet in het beeld van de krantenjongen die het tot miljonair schopt. Dat past niet bij de filosofie dat succes een keuze is en de armen hun armoede dus wel aan zichzelf te danken zullen hebben. Maar zoals blijkt uit de tweede zin van bovenstaand citaat laten de Howards het er niet bij zitten ("hell or high water laat zich in het Nederlands vertalen met "kost wat het kost"). In plaats van op Trump te stemmen (de Howards passen naadloos in het plaatje van de "forgotten people" waar Trump voor op zegt te komen) komen ze in actie. Als twee moderne Robin Hoods met zichzelf als het goede doel gaan ze banken overvallen. Je zou ze bijna gelijk geven.

    Noot 1: Sheriff Hamilton is niet de enige Texaan op leeftijd met racistische ideeën. Wat te denken van de volgende dialoog middenin de tweede bankoverval.

    Old Man: You fellas robbin' the bank?
    Tanner Howard: What's it look like, old man?
    Old Man: But you ain't Mexicans.

    DATUM: 7 juli 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Hell or High Water (2016) on IMDb







    Reacties

    DE REGISSEUR

    Ben Verbong (1949) was vooral in de jaren '80 actief in de Nederlandse bioscoop ("Het meisje met het rode haar" (1981), "De schorpioen" (1984) en "De kassière"(1989)). Sinds 1997 is hij actief in Duitsland.

    HET VERHAAL

    "Het meisje met het rode haar" vertelt het verhaal van Hannie Schaft (1920 - 1945). Na een examen rechten vertelt Hannie (Renée Soutendijk) de hoogleraar dat ze voorlopig stopt met haar studie en het verzet in gaat. In het verzet begint ze met het rondbrengen van illegale krantjes. Na verloop van tijd krijgt ze een mentor (Hugo gespeeld door Peter Tuinman). Samen met deze mentor zet ze zich aan het "zwaardere werk", zoals het executeren van collaberateurs. Er ontstaat een romance tussen deze twee, maar Hugo verliest het leven bij een mislukte actie. Aangezien hij een foto van zijn verloofde op zak had, moet Hannie haar haar verven en weer wat meer op de achtergrond opereren. Het is echter ook Hannie niet vergund het einde van de oorlog te halen. Ze wordt gesnapt met illegale krantjes in haar fietstas en drie weken voor het einde van de oorlog in de duinen gefusilleerd.

    COMMENTAAR

    De film begint met een examen. Dit doet sterk denken aan het 6e deel ("Gij zult niet doden") van "De dekaloog" (1989, Kieslowski). In "De dekaloog" wordt de student vervolgens advocaat en moet een moordenaar verdedigen. De studente Hannie Schaft blijft minder langs de zijlijn staan en zal in de loop van de film zelf mensen ombrengen. De film staat herhaaldelijk stil bij de morele dillema's die dit oplevert. Als een soort "toelatingsexamen" wordt Hannie een kamer binnengeleid met een geblinddoekte man. Ze krijgt de opdracht hem dood te schieten, elke verdere toelichting ontbreekt. Als Hannie weigert, vindt de verzetsgroep dat ze vooralsnog gezakt is voor het examen. Een merkwaardige conclusie.

    Later in de film zal Hannie wel mensen doodschieten, mensen waarvan ze weet dat die bloed aan hun handen hebben. Ook dan zijn de morele dillema's echter niet van de lucht. Het neerschieten van een vrouw die onderduikers verraadt waar haar jonge kind bij is. Welke verantwoordelijkheid heb je als verzetstrijder voor de slachtoffers van represailles? 

    Na de dood van haar minnaar radicaliseert Hannie. Bij het uitzoeken van haar slachtoffers komt het persoonlijke motief steeds meer op de voorgrond te staan, het begint op wraak en afrekening te lijken. Met dit laatste deel loopt de film vooruit op kritiek op de Nederlandse verzetsbeweging die pas vele jaren later de kop op zou steken. Was het Nederlandse verzet altijd wel zo zorgvuldig in het uitkiezen van zijn "targets"? Zijn er wellicht ook mensen doelwit geweest die hun (openlijke) samenwerking met de Duitsers gebruikten als dekmantel voor (verborgen) daden van verzet? Ik noem hier het boek "Recht op wraak" van Jack Kooistra en Albert Oosthoek uit 2009 en de bekentenis van Atie Ridder-Visser uit 2011. Kortom, de romance zit er niet alleen in om de kijkcijfers te verhogen. Een pluspunt van de film.

    Het is grappig om "het meisje met het rode haar" te vergelijken met "Soldaat van Oranje" (1977, Paul Verhoeven) van een paar jaar eerder. In beide gevallen is sprake van een film over een Nederlandse verzetsheld, maar daarmee houdt de gelijkenis ook wel op. Erik Hazelhoff Roelfzema (soldaat van Oranje) een celebrity die op goede voet stond met het Koninklijke huis, Hannie Schaft een overtuigd communist. Dit laatste lag in naoorlogs Nederland zeer gevoelig. Zelfs zo gevoelig dat in 1951 de jaarlijkse Hannie Schaft herdenking werd verboden. Pas in 1982 zou er een beeld van haar in Haarlem worden onthuld door prinses Juliana en zouden de jaarlijkse herdenkingen worden hervat. In 2015 zou het naoorlogse verschil in waardering bijna 180 graden draaien toen Sytze van der Zee in een biografie van Koningin Wilhelmina onthulde dat Erik Hazelhoff Roelfzema in de jaren vlak na de oorlog mogelijkerwijs een staatsgreep heeft beraamd. 

    In de film zien we van al deze historische wetenswaardigheden weinig terug, maar het valt me wel op dat mannelijke verzetshelden in het algemeen "flitsender" worden voorgesteld dan vrouwelijke. Waar Erik Hazelhoff Roelfsema piloot was verricht Hannie haar activiteiten voornamelijk met de fiets. Ze staat daarin niet alleen want in bijvoorbeeld de film "Barbara" (2012, Christian Petzold) legt het titelpersonage (een dissidente in Oost-Duitsland, maar dat is toch ook een beetje een verzetstrijder) ook heel wat kilometers af op haar stalen ros.

    "Het meisje met het rode haar" is een langzame film. Dit wordt nog eens benadrukt door de filmmuziek, die aan films van de gebroeders Taviani doet denken. Inderdaad wijst nader onderzoek uit dat componist Nicola Piovani ook de filmmuziek voor bijvoorbeeld "Fiorile" (1993) heeft gemaakt. De dialogen in "Het meisje met het rode haar" zijn schaars en de film moet het meer van beeldtaal hebben. Het platte Noordhollandse landschap wordt mooi in beeld gebracht, en hetzelfde geldt voor station Haarlem (dat zich natuurlijk bij uitstek leent voor een dergelijke historische film). Het voelt een beetje als Hollands glorie in vervlogen tijden als aan het eind van de film niet Tata, niet Corus maar de Hoogovens bedank worden voor hun medewerking. 

    De echte sterke punten van de film zijn naar mijn mening de hoofdrolspeelster en het camerawerk. Hoofdrolspeelster Renée Soutendijk bevond zich destijds op het hoogtepunt van haar carrière. Zij speelde zowel in commerciële films van Paul Verhoeven (denk aan "Spetters" (1980) en "De vierde man" (1983)) als in meer art house achtige films als  "Van de koele meren des doods" (1982, Nouchka van Brakel). Tevens speelde ze in het seizoen 1979-1980 mee in de televisieserie "Dagboek van een herdershond en in het seizoen 1981-1982 in  "Zeg 'ns Aaa".

    De film is, lang voor "Sleepy Hollow" (1999, Tim Burton), gedraaid tussen zwart - wit en kleur in. Het lijkt zwart - wit, maar soms wordt er een accent gelegd door bepaalde delen van het beeld in kleur te brengen. Het spreekt, gezien de titel van de film, bijna voor zich dat het in deze film gaat om het rode haar van Hannie Schaft. Op een gegeven moment moet Hannie haar haar verfen omdat haar signalement bekend is bij de politie. Met haar geverfde zwarte haren ziet ze er een stuk strenger uit (zie afbeeldingen). Het is tevens het moment in de film dat Hannie zich steeds meer door persoonlijke wraakzucht laat leiden.

    DATUM: 29 juni 2018

    EIGEN WAARDERING: 8

    Het meisje met het rode haar (1981) on IMDb

    Reacties

    Francis Ford Coppola (1939) leerde het vak van regisseur bij B-film koning Roger Coreman. In 1969 richte hij samen met George Lucas (Starwars films) het productiebedrijf American Zoetrope op. 

    Francis Ford Coppola is misschien wel de meest karakteristieke representant van de New Hollywood regisseurs die eind jaren '60 opkwamen en in de jaren '70 het Amerikaanse filmlandschap beheersten. De New Hollywood regiseurs vormen een bont gezelschap, waarvan sommigen geheel buiten het studiosysteem stonden en anderen het studiosysteem juist van binnenuit wilden veranderen. Francis Ford Coppola behoorde samen met onder andere George Lucas, Steven Spielberg en Martin Scorsese tot de tweede categorie. Wat alle "New Hollywood" regisseurs (binnen en buiten het studiosysteem) verenigde was het feit dat zij zich niet beschouwde als een vervangbaar radartje, maar als de "auteur" van hun films. Wat dat betreft zijn er overeenkomsten met de filosofie van de Franse "Nouvelle vague". 

    De (financiële) flop van "Heaven's gate" (1980, Michael Cimino) luidde het einde van "New Hollywood" in. De (financiële) touwtjes werden weer strakker aangehaald en de studio's haalde een deel van de macht die ze aan de nieuwe regisseurs hadden gegeven weer terug. Het is dan ook niet toevallig dat de grootste successen van Francis Ford Coppola ("The Godfather" (1972), "The Godfather part II" (1974), "The conversation" (1974) en "Apocalypse now" (1979)) in de jaren '70 liggen.

    DE REGISSEUR

    Ferenc Török (1971) is een in het Westen nog weinig bekende regisseur. In 2001 maakte hij met "Moszkva tér", een film over tieners in het Hongarije van 1989 die zich veel drukker maakte over tienerdingen dan over de historische omwentelingen waar ze middenin zaten. Zijn Tweede Wereldoorlog film "Homecoming 1945" (2017)  bereikte wel de filmhuizen in het Westen.

    HET VERHAAL

    In augustus 1945 arriveert er een trein in een Hongaars dorpje. Er stappen twee orthodoxe Joden uit die twee kisten bij zich hebben. De kisten worden op een paard en wagen geladen en de Joden zelf lopen achter de kar aan. Zo beginnen ze aan hun tocht door het dorp, waar de voorbereidingen voor het huwelijk van de zoon van de gemeentesecretaris in volle gang zijn.

    COMMENTAAR

    Ongeveer tegelijkertijd kwamen twee opmerkelijke films over de Tweede Wereldoorlog in de bioscoop. In "Der Hauptmann" (2017, Robert Schwentke) wordt de Tweede Wereldoorlog vanuit Duits perspectief belicht. "Homecoming 1945" speelt na afloop van de Tweede Wereldoorlog. Het thuiskomen uit de titel betreft echter in dit geval niet soldaten (zoals in "The best years of our lives" (1946, William Wyler)) maar Joden die de kampen hebben overleefd. Gold voor de soldaten in "The best years of our lives" al dat de ellende die ze hadden doorstaan niet helemaal in evenwicht was met de mate waarin de burgermaatschappij hen welkom heette, dit evenwicht is (zoals uit de rest van deze recensie zal blijken) helemaal zoek in het geval van de Joden. 

    De film ontleent de nodige stijlelementen aan de Western, en met name "High noon" (1952, Fred Zinnemann) wordt in dit kader veel genoemd. Evenals in "High noon" is er sprake van een aankomst per trein, een bang stadje en een dorpsbestuurder (in "High noon" de sheriff en in "Homecoming 1945" de gemeentesecretaris). Per trein arriveren echter in dit geval geen misdadigers, maar slachtoffers van de Holocaust. Het stadje is niet bang voor een uitbarsting van geweld, maar voor het feit dat de Joden misschien wel hun bezittingen komen opeisen. Waar in "High noon" de sheriff pal staat voor rechtvaardigheid, heeft in "Homecoming 1945" de gemeentesecrtaris net zo veel boter op zijn hoofd als alle andere dorpsbewoners.

    Het merkwaardige aan de film is dat de Joden praktisch gesproken de hele film niets anders doen dan achter paard en wagen aanlopen, maar desondanks voor verschrikkelijk veel onrust weten te zorgen.  Enkele dorpsbewonerrs hebben namelijk actief meegewerkt aan de deportaties. De anderen hebben in elk geval geen verzet geboden, terwijl iedereen zich maar wat graag "ontfermde" over de spulletjes van hun verdwenen Joodse buren.

    Toch is het, met uitzondering van de dorpsdronkaard, niet schuldgevoel dat de boventoon voert bij de dorpsbewoners. Hebzucht heeft ze nog steeds stevig in zijn greep. Dit blijkt onder andere uit het volgende.

    - Ze zijn als de dood de ingepikte spulletjes kwijt te raken.
    - Ze kunnen zich niet voorstellen dat de Joden voor iets anders zijn gekomen dan het terugeisen van hun bezittingen.
    - Het huwelijk dat die dag zal plaatsvinden is vanuit de bruid gezien een verstandshuwelijk. De zoon van de gemeentesecretaris is financieel gezien een aantrekkelijke partij, maar op de ochtend van haar huwelijksdag gaat ze nog vreemd met haar echte minnaar.

    "Homecoming 1945" is erg gestyleerd. Vergeleken met "Son of Saul" (2015, Laszlo Nemes), een Hongaarse film van een paar jaar geleden over de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog, zijn de beelden erg gepolijst. Volgens sommige critici had het hier en daar (gezien ook het onderwerp) wel wat rauwer gemogen. Waar "der Hauptmann" in het tweede deel van de film misschien teveel schokkende beelden heeft, had "Homecoming 1945" misschien best een paar kunnen gebruiken.

    Wat daar verder ook van zij, ik vond de aangevoerde verklaring wel interessant. In "Homecoming 1945" werkt een relatief onbekende en onervaren regisseur samen met de door de wol geverfde cameraman Elemer Ragalyi (geboren in 1939, maar de laatste jaren  nog steeds actie, bijvoorbeeld ook in "Corn island" (2014, George Ovashvili)). Misschien lag het "machtsevenwicht" tussen regisseur en cameraman in deze film wel een beetje te veel in de richting van de camaraman. 

    DATUM: 12 mei 2018

    EIGEN WAARDERING: 7

    1945 (2017) on IMDb


    Reacties
    Filmposters