Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    Films  in de nacht volgend op de aangegeven datum worden, ook als ze na  24:00 uur starten, aan deze datum toegerekend.

     

    Touchez pas au grisbi

    Donderdag 14 december, 13:50 - 15:25 uur

    Arte

     

    Meest recente artikelen

    DE REGISSEUR

    In het oeuvre van Darran Aronofsky (1969) zijn twee typen films te onderscheiden. 

    Enerzijds de wat meer kleinschalige psychologische drama's. Deze draaien vaak om een obsessie van de hoofdpersoon. Zo is in "Pi" (1998) een wiskundige geobsedeerd met het vinden van een magisch getal. "Requiem for a dream" (2000) gaat over verslaving, wat je de ultieme obsessie zou kunnen noemen. In "The wrestler" (2008) probeert de hoofdpersoon tegen beter weten in zich vast te klampen aan zijn (afnemende) succes. In "Black swan" (2010) gaat een prima ballerina de concurrentie aan met haar "tegendanseres".

    Tussen deze psychologische drama's door maakte Aronofsky ook een paar grootschalige science fiction films met een apocalyptische tendens, namelijk: "The fountain" (2006) en "Noah" (2014). 

    Het oeuvre van Aronofsky lijkt wat dit betreft wel een beetje op dat van David Lean. Het oeuvre van Lean bestaat immers ook uit kleinschalige films enerzijds (vaak Dickens verfilmingen) en grote epics anderzijds.  Overigens wisselde Lean deze films niet af,  maar maakte hij eerst alleen maar kleinschalige films en later alleen maar epics.  

    In "Mother !" (2017) komen beide elementen uit het oeuvre van Aronofsky samen.

    Over het algemeen worden de psychologische drama's van Aronofsky beter gewaardeerd dan zijn science fiction projecten. 

    HET VERHAAL

    Een echtpaar woont in een afgelegen landhuis. De vrouw (Jennifer Lawrence) heeft het huis (dat door brand verwoest was) in de afgelopen tijd opgeknapt, de man (een bekende dichter, gespeeld door Javier Bardem) kampt met een writers block.

    De rust in het huis wordt verstoord als fans van de man arriveren (waar komen ze opeens vandaan?), die vervolgens mogen blijven logeren (het huis is immers afgelegen). Het loopt totaal uit de hand als de fans steeds talrijker maar ook steeds geweldadiger worden.

    COMMENTAAR

    "Mother !" is een film waarin de regisseur een paar schijnbewegingen maakt. Dat begint al met de poster, die verdacht veel lijkt op op de poster van "Rosemary's baby" (1968, Roman Polanski) (zie posters linksboven). Kijken we naar de inhoud van het verhaal dan doet de combinatie van een verlaten huis en een schrijver (in dit geval dichter) met een writers block iedere filmliefhebber natuurlijk meteen denken aan "The shining" (1980, Stanley Kubrick). Als de dichter uiteindelijk bevallen is van zijn gedicht en dit wil gaan voorlezen aan zijn vrouw had ik bijna iets verwacht in de trant van "All work and no play makes Jack a dull boy".

    Maar nee, het verhaal gaat een andere kant uit, en uiteindelijk heeft het thema van de film wel wat weg van "The wrestler" (2008, Aronofsky). De dichter laat zijn fans niet logeren omdat zijn huis zo afgelegen is, hij laat ze logeren omdat hij verslaafd is aan het nemen van een warm bad in hun bewondering. Aan deze verslaving offert hij zijn gezinsleven rucksichtlos op. 

    Daarmee lijkt "Mother !" te behoren tot de psychologische drama's in het oeuvre van Aronofsky. Een drama dat mooi in beeld wordt gebracht door veel close up shots en weinig establishing- of overwiew shots. Als kijker voel je je daardoor net zo overvallen door al die wildvreemden die in het huis rondlopen als de vrouw des huizes. De voortdurende shock waarin de vrouw des huizes lijkt te verkeren (afbeelding 1) maakt het spelen van deze rol er echter niet makkelijker op. Jennifer Lawrence, die in bijvoorbeeld "Winter's bone" (2010, Debra Granik) nog zo goed op voor de dag kwam, overtuigt dan ook niet en valt tegenover de altijd op dreef zijnde Javier Bardem een beetje door de mand.

    Tegen het einde van de film lopen de zaken echter compleet uit de hand en krijgt de film alsnog een apocalyptische dimensie. Voortekenen hiervoor waren wellicht dat de regisseur de titel van de film van een uitroepteken had voorzien (je neemt je eigen film dan wel erg serieus) en de personages geen naam geeft maar slechts aanduidt naar hun rol (zoals "moeder", "hij", "man" en "vrouw"). Deze aanpak, die Friedrich Murnau ook in "Sunrise" (1927) heeft toegepast, suggereert een mate van onpersoonlijkheid en generalisatie die boven het psychologische drama uitstijgt.

    Wat hier ook van zij de gewelduitbarsting die op ongeveer 3/4 van de film plaatsvindt is niet alleen schokkend, maar kwam voor mij ook als een donderslag bij heldere hemel. Voor het langzaam opbouwen van een sinistere sfeer zou Aronofsky eens bij "Werckmeister Harmoniak" (2000, Bela Tarr) te raden moeten gaan. 

    Wat zich na de geweldsuitbarsting in het laatste kwart van de film afspeelt is niet te volgen en grenst aan het lachwekkende. Ik bedoel dit letterlijk, want in de bioscoop ontstond daadwerkelijk iets van een lacherige sfeer. Ongetwijfeld niet de bedoeling van de regisseur, die met "Mother !" allesbehalve een komedie beoogde te maken.

    DATUM: 1 oktober 2017

    EIGEN WAARDERING: 4

    Mother! (2017) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Martin Ritt (1914 - 1990) was een sociaal bewogen regisseur, die gedurende de jaren '50 enige tijd op de zwarte lijst stond vanwege vermeende communistische symphatieën. In 1976 maakte hij met "The front" een film over deze periode. Meest bekend is Ritt geworden door "Hud" (1963) en "The spy who came in from the cold" (1965). In beide films blijven zijn progressieve opvattingen enigszins op de achtergrond. Duidelijker treden ze naar voren in "Norma Rea" (1979), waarin een vrouw zich op haar werk actief inzet voor de vakbond. Ritt heeft in zijn carrière herhaaldelijk met Paul Newman samengewerkt.

    HET VERHAAL

    Hud (Paul Newman) runt samen met zijn vader (Melvyn Douglas), neefje (zoon van de overleden oudere broer van Hud, gespeeld door Brandon de Wilde) en huishoudster (Patricia Neal) een boerenbedrijf. Als bij één van de koeiem mond- en klauwzeer wordt vastgesteld wil Hud de veestapel zo snel mogeijk verkopen. Zijn vader kiest voor de eerlijke weg, al ruïnneert de daaropvolgende ruiming van de veestapel zijn bedrijf. Deze episode zegt wat over de moraal van Hud, die verder flink drinkt en niet kijkt op een avontuurtje meer of minder met een getrouwde vrouw.

    Teenager Lonnie wordt ondertussen heen en weer geslingers in de bedwondering voor de morele standvastigheid van zijn opa en de bravour van zijn oom. De bewondering van Lonnie voor zijn oom jaagt de spanning tussen vader en zoon overigens alleen maar verder op, aangezien opa vindt dat Hud zijn kleinzoon op het verkeerde pad brengt (afbeelding 1). Dat laatste gebeurd echter niet want als Hud zich bij het overlijden van zijn vader wederom van zijn gevoelloze kant heeft laten zien keert Lonnie zich definitief van hem af en verlaat de boerderij.

    COMMENTAAR

    In het verhaal van "Hud" staat (net als in "Rams" (2015, Hakonarson)) de ziekte in de veestap centraal. De scene waarin de veestapel uiteindelijk geruimd wordt is zeer indrukwekkend. De essentie van "Hud" zit  echter niet in dit verhaal, maar in de botsing tussen de zeer verschillende karakters van Hud en zijn vader. De vader wil voor alles eerlijk zakendoen, en merkt (net als in "A most violent year" (2014, Jeffrey Chandor)) hoe moeilijk dat is. Daar komt nog bij dat in "Hud" de neiging tot corruptie en vals spel niet bij de concurrenten zit maar bij zijn bloedeigen zoon.

    Toch werd "Hud" anders ontvangen dan de regisseur zich had voorgesteld. Het personage van Hud Bannon werd door de bioscoopbezoekers namelijk helemaal niet als de ultieme slechterik ervaren. Aan de ene kant zal dat te maken hebben met het feit dat dit personage werd vormgegeven door een zo grote ster als Paul Newman. Aan de andere kant zijn de vader van Hud en zijn kleinzoon zo rechtschapen dat je de slechte kanten van Hud daardoor als het ware vanzelf als normale menselijke zwakheden gaat zien. De vader van Hud die zo eerlijk is dat hij passief blijft toekijken als zijn bedrijf te gronde gaat en het neefje van Hud dat zo naief is dat de twee samen bijna een soort Jekyll en Hide worden.

    Naast de verhouding tussen Hud en zijn vader is de relatie van Hud en Lonnie met de huishoudster opmerkelijk. Op een gegeeven moment valt de dronken Hud de huishoudster lastig en komt Lonnie haar te hulp. Niet veel later zegt ze haar baan op en vertrekt, Lonnie brengt haar naar het busstation. Tot zover goed te volgen, ware het niet dat ze vlak voor het vertrek van de bus Hud tegen het lijf loopt (zie clip, de teksballonetjes in de clip corresponderen niet helemaal met de beelden omdat de tekstballonetjes het script weergeven, waravan de uiteindelijke film op onderdelen dus afwijkt). Er onspint zich een veelzeggende discussie waaruit blijkt dat de huishoudster al langer een oogje op Hud had. Onmiddellijk gaan je gedachten als kijker terug naar de scene waarin de dronken Hud haar lastig valt en ze opvallend gereserveerd reageert op de hulp van Lonnie. Wat is hier aan de hand? Wordt hier een poging tot verkrachting "goedgepraat"? De film zelf gaat er verder niet op in, en ook in geen enkele andere recensie wordt een woord vuil gemaakt aan deze toch wel opmerkelijke scenes.

    Het moment waarop de huishoudster wegrijdt in de bus zou een prachtig einde zijn geweest, 180 graden verschillend van het einde van "The graduate" (1967, Mike Nichols) waarin de twee geliefden juist samen in de bus hun toekomst tegemoet gaan. De film gaat echter nog even door want we kijgen nog de dood en begrafenis van opa, de breuk tussen Lonnie en Hud en het vertrek van Lonnie. De film herneemt in dit slot haar (iets te) moralistische toon. Dat wil overigens niet zeggen dat er geen mooie beeldtaal in wordt gebruikt, zoals Hud die aan het eind van de film alleen is overgebleven op de boerderij en (gewoonte getrouw) een biertje uit de koelkast haalt. Bovendien is het camerawerk van James Wong Howe van de bovenste plank. "Hud" laat je, net als "The last picture show" (1971, Peter Bogdanovich) proeven hoe het was om in de jaren '50 in een klein Texaans stadje te wonen.

    DATUM: 10 november 2017

    EIGEN WAARDERING: 9

     

    Hud (1963) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Sofia Coppola (1971), dochter van regisseur Francis Ford Coppola, maakte al op jonge leeftijd haar filmdebuut. Zij verscheen namelijk als baby in "The godfather" (1972, Francis Ford Coppola). Na een korte film in 1998 maakte zij haar regisseursdebuut een jaar later met "The virgin suicides". Na het succesvolle "Lost in translation" (2003) verschenen een aantal mindere films. In 2017 maakte zij een remake van "The beguiled" (1971, Don Siegel) en won daarmee de prijs voor beste regisseur op het filmfestival van Cannes.

    HET VERHAAL

    Het verhaal speelt zich af tijdens de Amerikaanse burgeroorlog (1861 - 1865). John McBurney (Colin Farrell), een soldaat van de Noordelijke Unionisten, is gewond geraakt in vijandelijk gebied. Hij wordt gevonden door een leerling van een meisjesschool, en daarna in deze meisjesschool verpleegd. De aanwezigheid van een man zorgt voor de nodige opschudding en opwinding in deze school.  Om niet uitgeleverd te worden aan de vijandelijke Zuidelijke "Confederates" gooit John al zijn charmes in de strijd. Hij begint de meisjes ook tegen elkaar uit te spelen. De jaloezie die hij daarmee opwekt keert zich uiteindelijk tegen hem. De meisjes nemen op een verschrikkelijke manier wraak.

    COMMENTAAR

    De essentie van het "The beguiled" is naar mijn mening de wederzijds manipulatie / gebruik van omstandigheden / misbruik van omstandigheden (doorhalen wat je niet van toepasisng vindt) die plaatsvindt.

    Aan de ene kant manipuleert de gewonde soldaat McBurney de vrouwen. Hij probeert meerdere vrouwen de indruk te geven dat zij zijn favoriet zijn. Niet zo netjes, maar aan de andere kant verkeert hij als gewonde soldaat in een vijandelijke omgeving in een kwetsbare positie.

    Aan de andere kant maken meerdere vrouwen graag gebruik van het feit dat er een man in een hun midden is die geen kant op kan. Dat gebeurt al tijdens het wassen op het moment dat John McBurney nog ernstig gewond is (afbeelding 1) maar gaat door als McBurney voldoende hersteld is om aan de dinertafel te verschijnen (alle vrouwen hebben zich opgedofd alsof ze naar een gala gaan, noot 1) en als hij voldoende hersteld is om in de tuin te werken (de manier waarop de vrouwen hem aangapen heeft wel wat weg van de "sexy gardener" reclame voor een Diet coke).

    In heel veel recensies lees ik terug dat waar in de 1971 versie van Siegel het mannelijk perspectief centraal staat, de 2017 versie van Coppola veel meer uitgaat van het perspectief van de vrouwen. De film van Coppola zou daardoor vrouwvriendelijker zijn. De opmerking over de verschuiving van perspectief is zonder meer waar (in 1971 wordt het verhaal verteld door de ogen van John McBurney alias Clint Eastwood), maar hoe staat het met de vrouwvriendelijkheid van de film? Op dit punt ben ik het maar ten dele met de andere recensenten eens (noot 2).

    Sofia Coppola brengt naar mijn mening de vrouwen niet met meer diepgang in beeld. Verschillende vrouwen willen verschillende dingen van McBurney. Directrice Miss Martha verlangt naar aanspraak, lerares Edwina smacht naar romantiek en teenager Alicia is vooral nieuwgierig naar sex. Dit was in de 1971 versie van Siegel echt(er) niet anders.

    Wat wel anders is, is de manier waarop Coppola de vrouwen als groep portretteert. De vrouwen zitten opgesloten in het huis terwijl het wereldgebeuren langstrekt (afbeelding 2). In de verte zien zij af en toe een rookpluim opstijgen als herinnering aan het feit dat het toch echt oorlog is. Binnen in het huis houden ze zich bezig met het leren van Franse woordjes en musiceren, als een soort circusdieren die worden getraind om mooi te zijn en pootje te geven. Terugkerend naar de scene waarin McBurney in de tuin werkt, opvallend in deze scene is ook de onhandige manier waarop de meisjes in hun smetteloos witte jurken staan te "schoffelen". Deze smetteloos witte jurken doen denken aan "Picnic at hanging rock" (1975, Peter Weir), ook een film over meisjes in de pubertijd op een strenge kostschool. Ter vergelijking zijn afbeeldingen opgenomen uit "The beguiled" (afbeelding 3a) en "Picnic at hanging rock" (afbeelding 3b).

    Ten opzichte van de 1971 verfilming ontbreekt in de kostschool de zwarte huishoudster / slavin Hallie. Dit is Sofia Coppola op veel kritiek komen te staan. Was de afschaffing van de slavernij niet de voornaamste aanleiding tot de Amerikaanse burgeroorlog? Als verdediging voerde Coppola aan dat ze een zo belangrijk thema als (de afschaffing van) de slavernij niet in een bijrol wilde wegstoppen. Voor beide opvattingen valt wat te zeggen.      

    Noot 1: In de recensie van de 1971 versie verwijs ik naar "Barry Lyndon" (1975, Stanley Kubrick).  Deze verwijzing had toen inhoudelijke redenen. Ook Barry Lyndon is een personage dat vrouwen manipuleert, al heeft hij hiervoor een aanzienlijklijk minder goed excuus  dan John McBurney. In het kader van de versie van Sofia Coppola verdient de overeenkomst qua vormgeving de aandacht. In beide films worden met kaarslicht verlichte ruimtes bijzonder mooi in beeld gebracht.

    Noot 2: Wat mij overigens bij dit soort commentaar opvalt is dat regelmatig wordt beweerd dat een vrouwelijke regisseur vrouwelijke personages beter begrijpt (en dus met meer diepgang kan portretteren), maar dat de omgekeerde opmerking (dat een mannelijke regisseur mannelijke personages beter begrijpt) zelden wordt gemaakt.

     

     

    DATUM: 15 september 2017

    EIGEN WAARDERING: 8

    The Beguiled (2017) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Terence Young (1915 - 1994) is vooral bekend om zijn James Bond films "Dr No" (1962), "From Russia with love" (1963) en "Thunderball" (1965). "Wait until dark" (1967) is zijn meest bekende "niet Bond film".

    HET VERHAAL

    Een drugskoerier voorziet problemen bij de douane, en weet een met heroine gevulde pop in de handen te drukken van de man die naast haar zat in het vliegtuig. Door complicaties weet ze de pop na de douane niet meer in ontvangst te nemen.

    Gevolg is dat een bende criminelen het gemund heeft op het huis van deze man, op zoek naar de pop. Zij vereren zijn huis met een bezoek juist op het moment dat de man op zakenreis is en zijn (nog niet ze lang geleden door een ongeluk blind geworden) vrouw alleen thuis is.

    COMMENTAAR

    In "Wait until dark" zien we hoe een onschuldige en tamelijk hulpeloze buitenstaander te maken krijgt met gewetenloze criminelen. Op zich opmerkelijk voor een Bond-regisseur, die meestal de alles behalve hulpeloze 007 tegenover de criminelen zet. Wat dat betreft heeft de film wel wat weg van "The ladykillers" (1955, Alexander Mackendrick). In laatstgenoemde film zit het hulpeloze met name in de leeftijd van Mrs Wilberforce terwijl de hulpeloosheid van Mrs Hendrix in "Wait until dark" uiteraard in haar handicap zit. Een andere overeenkomst tussen beide films is dat er onenigheid ontstaat onder de criminelen, omdat sommigen (blijkbaar niet helemaal gewetenloos) te doen krijgen met hun slachtoffer.

    Het echte thema van "Wait until dark" is naar mijn mening echter de angst voor het donker. Een vergelijkbaar thema zien we ook terug aan het eind van "The silence of the lambs" (1991, Jonathan Demme) en "Blink" (1993, Michael Apted). In "Blink" doet zich precies de tegenovergestelde situatie voor van "Wait until dark". In "Blink" is sprake van een hoofdpersoon die blind was en (na een operatie) pas sinds kort  weer kan zien, waarbij de beelden echter nog met vertraging in haar hersenen verwerkt worden. In "Wait until dark" hebben we juist te maken met een hoofdpersoon die nog niet zo lang blind is en nog met deze handicap moet leren omgaan.

    Het op een natuurlijke manier spelen van een blinde is lang niet altijd makkelijk. Als hulpmiddel kreeg Audrey Hepburn speciale lenzen in waardoor haar ogen "dood" moesten lijken. Of het nu door dit hulpmiddel kwam of niet, Hepburn sleepte voor haar rol diverse nominaties in de wacht. Vergelijk ik haar spel echter met dat van Al Pacino als de blinde Frank Slate in "Scent of a woman" (1992, Martin Brest) dan ben ik allesbehalve onder de indruk.

    Het is overigens niet (alleen) aan de acteerprestatie van Audrey Hepburn te danken (wijten) dat ik niet ondersteboven ben van de film. Ook het scenario rammelt aan alle kanten. Laat ik twee voorbeelden noemen:

    - De criminelen lopen in de film in en uit bij Mrs Hendrix zonder dat ze blijkbaar op het idee komt om de voordeur eens op slot te doen.
    - De criminelen voeren toneelstukjes op waarbij ze zich in allerlei gedaanten voordoen (een politieagent, de man van de vrouw waarmee Mr Hendrix zogenaamd vreemd gaat). Bij deze toneelstukjes verkleden ze zich, maar voor wie? Voor ons als filmkijker misschien, want voor de blinde Mrs Hendrix hoeven ze het niet te doen?

    Soms zit een verhaal niet logisch in elkaar, maar vergeet je dat als je eenmaal "in het verhaal zit". Op de één of andere manier is dat bij "Wait until dark" nooit het geval.

    DATUM: 19 oktober 2017

    EIGEN WAARDERING: 6 

     

    Wait Until Dark (1967) on IMDb


    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Robert Aldrich, zie de recensie van "Kiss me deadly".

    HET VERHAAL

    "Baby" Jane Hudson (Bette Davis) was in haar jeugd een kindsterretje. Zij wist, mede door een alcoholverslaving, haar succes niet te continueren toen ze eenmaal volwassen was. Blanche Hudson (Joan Crawford) was tijdens haar "early twenties" een gevierd filmactrice. Door een ongeval kwam ze in een rolstoel terecht en dat betekende einde carrière.

    Nu zijn de zussen op leeftijd en wonen samen in een huis. Blanche is afhankelijk van Jane. Als op de televisie oude films van Blanche herhaald worden laait bij Jane de jaloezie op.

    COMMENTAAR

    "What ever happened to baby Jane?" was in feite de tweede come back van Bette Davis. Haar eerste come back maakte ze met "All about Eve" (1950, Joseph Mankiewicz). Davis was toen 42 jaar, en in het toen vigerende studiosysteem was dat voor een vrouwelijke actrice best oud. Met ingang van "All about Eve" was Davis niet meer in dienst van een vaste studio (in haar geval Warner Brothers), maar werd ze freelance actrice. Ten tijde van "What ever happened to Baby Jane?" was Davis inmiddels 54 en lagen de rollen, ook als freelance actrice, niet meer voor het oprapen.

    In de film spelen Bette Davis en Joan Crawford twee zussen die elkaar niet echt aardig vinden. In werkelijkheid gunden deze twee actrices elkaar het licht in de ogen ook niet. Zo heeft Bette Davis eens over haar tegenspeelster gezegd dat ze "met elke mannelijke ster van MGM naar bed was geweest, met uitzondering van Lassie". Wellicht gedwongen door het teruglopen van de aanbiedingen zagen de dames zich genoodzaakt om tegen het einde van hun carrière toch samen in een film te spelen. Misschien speelde de wens om de ander af te troeven op de achtergrond ook een rol. Vanuit het standpunt van de regisseur is de casting beter te begrijpen. In feite hoefden zijn hoofdrolspelers zich niet in te leven in hun rol, ze konden gewoon zichzelf zijn. Wel schijnt hij aan het begin van de film gezegd te hebben dat hij er niet helemaal zeker van was of hij nu een film ging regisseren of scheidsrechter zou worden bij een gevecht.


    Als we tegenwoordig naar de film kijken kunnen we ons niet meer voorstellen hoe schokkend het in 1962 voor de toenmalige bioscoopbezoers moet zijn geweest. De norm was destijds dat er alles aan gedaan werd om actrices zo mooi mogelijk in beeld te brengen. In "What ever happened to baby Jane?" is eerder het omgekeerde het geval. Bette Davis ziet er met de dikke laag make-up op haar gezicht veel ouder uit dan 54.

    Op het eerste gezicht is baby Jane Hudson de kwade genius van de film. Gedreven door jaloezie terroriseert zij haar zus, die (met de trap als onneembare hindernis) zit opgesloten op de 1e verdieping. De combinatie van trap (hindernis) en telefoon onderaan de trap (enige mogelijkheid om met de buitenwereld te kunnen communiceren, afbeelding 1) geven de film een onvervalst claustrofobisch effect.

    Hoe beter je kijkt, hoe meer medelijden je echter krijgt met de "dader". Wat dat betreft is er wel enige overeenkomst met bisschop Edvard Vergerus in "Fanny en Alexander" (1982, Ingmar Bergman). Ook dit personage is slecht op het eerste gezicht, maar tevens tragisch bij nader inzien. Als baby Jane, die droomt van een come back, als oude vrouw het nummer oefent waar ze als kindsterretje zo veel succes mee had (zie clip) lopen de rillingen je over de rug (noot 1). De film krijgt dan duidelijke ondertonen van "Sunset boulevard" (1950, Billy Wilder), waarin Norma Desmond (Gloria Swanson) ook maar niet wil inzien dat haar carrière al lang voorbij is. Zo bekeken zit er zelfs een lijn in de come backs van Bette Davis. In haar eerste come back speelt ze een actrice op het hoogtepunt van haar roem, die scherp in de gaten heeft dat de neergang over niet al te lange tijd zal inzetten. In haar tweede come back speelt ze een kindsterretje die de neergaande lijn allang achter de rug heeft, maar hardnekkig weigert in te zien dat iedereen haar allang vergeten is.

    "What ever happened to baby Jane?" begint met een optreden van de kleine baby Jane. Na afloop spoort vader Hudson het publiek aan om toch vooral een baby Jane doll te kopen (afbeelding 2a). Deze pop blijft gedurende de hele film een rol spelen (afbeelding 2b). Op een gegeven moment gaat de pop kapot en krijgt een gat in haar hoofd (afbeelding 2c), daarmee de mentale neergang van haar eigenares markerend.

     

    Noot 1: Op de één of andere manier is het eng als onze verwachtingen omtrent de leeftijd van een personage plotseling gelogenstraft worden. In "What ever happened to baby Jane?" gaat het om een oude vrouw die zich plots als kleuter begint te gedragen. Ook het omgekeerde bezorgt ons echter de kriebels. Denk aan "Don't look now" (1973, Nicolas Roeg) en "The others" (2001, Alejandro Alemabar), waarin scenes zitten waar een jong meisje opeens een oude vrouw blijkt te zijn. 

     

    DATUM: 19 oktober 2017

    EIGEN WAARDERING: 8 

    Wat is er toch van Baby Jane terechtgekomen? (1962) on IMDb


    Reacties

    DE REGISSEUR

    Christian Petzold (1960) vormt samen met Angele Schanelec en Thomas Arsian de Berlijnse school. De regisseurs van de Berlijnse school filmen vrij afstandelijk, zij doen geen al te grote moeite om de kijker zich te laten identificeren met de hoofdpersoon. Wat dat betreft doen zij wel wat denken aan Robert Bresson. 

    Christian Petzold werkt in de meeste van zijn films samen met actrice Nina Hoss.

    HET VERHAAL

    Het is 1980, de val van de muur is nog niet in zicht. Barbara (Nina Hoss) is een arts die in een ziekenhuis in Oost Berlijn werkt. Zij heeft een uitreisvisum voor het buitenland aangevraagd. In plaats daarvan wordt ze overgeplaatst naar een provincieziekenhuis in de buurt van de Baltische zee. André Reiser (Ronald Zehrfeld) is daar hoofd van de medische staf. Ook hij heeft eerder in een meer prestigieus ziekenhuis gewerkt. In ruil voor het onder het tapijt vegen van een beroepsfout is hij informant van de Stasi geworden. Tussen de twee collega's ontwikkelt zich een moeizame relatie (afbeelding 2). 

    COMMENTAAR

    In het begin van de nieuwe eeuw is er onder regisseurs een opmerkelijke belangstelling voor de Duitse geschiedenis.

    Deze belangstelling geldt zowel de West- Duitse geschiedenis ("Lore" (2012, Cate Shortland), "Im labyrith des schweigens" (2014, Giulio Ricciarelli) en "Der Staat gegen Fritz Bauer" (2015, Lars Kraume)), als Oost Duitsland ("Goodbye Lenin" (2003, Wolfgang Becker"), "Das leben der anderen" (2006, Florian Henckel von Donnersmarck)).

    "Barbara" is wat dat betreft de laatste in de rij inzake Oost Duitsland. De film is duidelijk anders dan de (n)ostalgie van "Goodbye Lenin" en het goed (dissident) tegen kwaad (Stasi agant) in "Das leben der anderen". Het centrale thema in "Barbara" is het feit dat je in Oost Duitsland niemand kon vertrouwen (iedereen kon informant van de Stasi zijn) en de schizofrene samenleving waar dat feit toe leidt.

    Hoewel "Barbara" een spannend plot heeft dat het gezegde dat "het leven datgene is wat gebeurd terwijl je iets anders aan het plannen bent" uitstekend illustreert, is de overtuigende manier waarop Nina Hoss als Barbara vorm weet te geven aan dit unheimische levensgevoel misschien wel het grootste pluspunt van deze film. Dat blijkt meteen in de beginscene, haar eerste werkdag bij het provinciale ziekenhuis. Ze arriveert met de bus en gaat demonstratief op een bankje voor het ziekenhuis zitten, pas als haar werkdag begint (en geen minuut eerder) gaat ze naar binnen. Terwijl ze op het bankje zit rookt ze achteloos een sigaret, terwijl ze heel goed weet dat ze door het raam door haar nieuwe chef in de gaten gehouden wordt. Hoezeer ze haar nieuwe collega's (niet) vertrouwt blijkt diezelfde dag tijdens de middagpauze, als ze (al even demonstratief) aan een apart tafeltje gaat lunchen. Ook thuis kan ze geen moment relaxen. Bij elke auto die voor haar huis stopt spitst ze de oren (afbeelding 1), en niet zonder reden want telkens als de Stasi haar een paar uur uit het oog verloren is volgt een huiszoeking.

    Naast het overtuigende spel van Hoss is de film ook met oog voor detail gemaakt. Zo is daar het provinciestadje aan de kust, waar het altijd lijkt te waaien (noot 1). Alleen deze locatie al geeft de film een andere karakter dan de andere twee films over Oost Duitalsand, die zich allebei in Oost Berlijn afspelen (noot 2). Barbara leest een jonge patiënte waar ze zich erg verbonden mee voelt af en toe voor. Ze leest dan voor uit "The adventures of Huckleberry Finn" van Mark Twain, een boek over de zoektocht naar vrijheid. Veelzeggend is tenslotte het mandje groenten uit de eigen moestuin dat Barbara krijgt van de famile van een Stasi agent (dezelfde Stasi agent die haar in de gaten houdt) als ze als arts deze famile bezoekt. In "Das leben der anderen" krijgt de Stasi agent aan het eind van de film twijfels over zijn werk. Daar is hier geen sprake van! Tijdens werktijd is hij de Stasi agent en zij degene die niet volledig overtuigd is van de zegeningen van het communistische regime (noot 3) zodat ze met een huiszoeking vereerd wordt. Na werktijd is hij de man van de patiënt en zij de dokter die wat groente uit de moestuin meekrijgt. Hoe schizofreen wil je het hebben? 

    Noot 1: Regelmatig zien we Barbara tegen deze wind in fietsen. Afgezien van "24 eyes" (1954, Keisuke Kinoshita) ken ik geen enkele andere film waarin de hoofdpersoon zoveel fietst.

    Noot 2: In "Barbara" is het feit dat de twee hoofdpersonen (om verschillende redenen) zijn overgeplaatst uit de grote stad een centraal element in het verhaal.

    Noot 3: Merk op dat nergens uit de film blijkt dat Barbara een dissidente is, zoals de schrijver in "Das leben der anderen" dat wel was. Ze is bij het regime in ongenade gevallen omdat ze wilde emigreren, en daarmee aangaf niet in de zegeningen van het communisme te geloven. 

     

    DATUM: 23 september 2017

    EIGEN WAARDERING: 8 

    Barbara (2012) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Ceyda Torun (?) heeft al een paar films als assistent regisseur gemaakt. Kedi is haar eerste film als regisseur.

    HET VERHAAL

    In "Kedi" worden een aantal straatkatten gevolgd die in Istanbul hun kostje bij elkaar scharrelen.

    COMMENTAAR

    Uit wat ik vooraf gelezen had over "Kedi" maakte ik op  dat de film de stad Istanbul in beeld zou brengen door de ogen van straatkatten. Een orgineel maar niet helemaal uniek idee. In 1998 maakten Peter Brosens en Durjkhandyn Turmunkh met "State of dogs" een documentaire over een straathond in Ulan Bator (Mongolië).

    Dat "door de ogen van de katten" moeten we heel letterlijk nemen. Cameraman Charlie Wuppermann (de man van regiseusse Ceyda Torun) ontwikkelde voor de film een ingenieus apparaat waarmee hij op "katooghoogte" kon filmen en bovendien snel door de straten kon manoeuvreren.

    Gedurende de film worden een aantal katten gevolgd en elk van hen blijkt zo zijn eigen karakter te hebben. Ook de mensen die geïnterviewd worden geven, terwijl ze vertellen over hun relatie met hun favoriete straatkat, verrassend veel van hun eigen levensverhaal prijs.

    Afgezien van wat mooie overview-plaatjes, die als tussenshot dienen, vertelt de film mijns inziens (te) weinig over de stad Istanbul.

    Het meest opmerkelijk vond ik nog de verantwoordelijkheid die mensen in Istanbul op zich nemen voor straatkatten. Dat ging duidelijk verder dan een schoteltje melk. Ook een bezoek aan de dierenarts viel hieronder, en één winkelier besteedde zelfs zijn hele fooienpot aan de straatkatten. Ook in Nederland gaat dierenliefde soms ver, maar het is dan toch altijd de huiskat die het object van affectie is. Misschien dat dit nog wel het meeste zegt over Istanbul: de verantwoordelijkheid die mensen bereid zijn te nemen voor de publieke ruimte. Straatkatten worden in Istanbul gezien als onderdeel van de publieke ruimte (en niet als probleem), maar men zou ook kunnen denken aan het bijhouden van een gezamenlijk plantsoen. In Nederland zijn we toch meer gericht op het onderhouden van de eigen (private) ruimte (de huiskat, de eigen tuin), terwijl de publieke ruimte (het plantsoen, het sneeuwvrij maken van de stoep voor ons huis) al heel snel als een verantwoordelijkheid voor de gemeente wordt gezien.

    DATUM: 2 september 2017

    EIGEN WAARDERING: 7

    Kedi (2016) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Ingmar Bergman, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Fanny en Alexander groeien in het begin van de vorige eeuw op in een theaterfamilie. Na de dood van hun vader hertrouwd hun moeder met een Lutherse bisschop, en komen Fanny en Alexander in een heel ander milieu terecht. Door het ingrijpen van de Joodse vriend van hun grootmoeder weten ze aan dit milieu te ontsnappen.

    COMMENTAAR

    "Fanny en Alexander" was bedoeld als het laatste project van Ingmar Bergman, en het werd zijn laatste grote project. De film duurt ruim 3 uur, de miniserie voor televisie (de versie die ik bekeken heb) zelfs ruim 5 uur.

    In de film worden de Katholieke, de Protestantse en de Joodse wereld tegenover elkaar gesteld.

    Het huis van de familie Ekdahl staat symbool voor de Katholieke wereld (afbeelding 1). De familie Ekdahl is een theaterfamilie: uitbundig, creatief en minder rationeel ingesteld. We leren de familie kennen op kerstavond en het kerstfeest wordt uitgebreid in beeld gebracht (in de miniserie duurt deze acte ruim een uur). Niet alleen is dit een ideale gelegenheid om alle personages aan ons voor te stellen, we zien hier ook (bijna in real time) een echt kerstfeest. De familie Ekdahl is een warme en hechte familie, maar als de echtparen na afloop van het diner in de beslotenheid van hun kamers zijn wordt er flink op los geroddeld. Wat dat betreft komt de viering in "Fanny en Alexander" veel "echter" over dan de geïdealiseerde versie in "It's a wonderful life" (1946, Frank Capra), misschien wel de meest bekende kerstklassieker ooit.  

    De zetel van bisschop Edvard Vergerus staat symbool voor de Protestantse wereld (afbeelding 2). De Spartaanse koude inrichting van zijn huis staat in schril contrast met de warme inrichting van het huis van de familie Ekdahl. De manier waarop cameraman Nykvist de twee huizen met elkaar contrasteert doet denken aan de manier waarop in "The phantom carriage" (1921, Victor Sjöström) binnenscenes (warm, bruin getint) worden gecontrasteerd met buitenscenes (koud, blauw getint).

    De rol van de bisschop was voor mij de laatste keer dat ik de film zag de grootste ontdekking. Ik heb de bisschop altijd als het duivelse personage van de film gezien. Dit was voor mij ook het grote verschil met "Babettes gaestebud" (1987, Gabriel Axel), een andere film waarin de tegenstelling tussen Katholieke "joie de vivre" en Protestantse strengheid centraal staat. In "Babettes" zijn de twee Protestantse oudere dames wel sober, maar zeker niet onsymphatiek. Hoe anders is het gesteld met bisschop Edvard Vergerus in "Fanny en Alexander", dacht ik altijd. Ook na de laatste keer kijken blijft de bisschop een sadist in de manier waarop hij Alexander straft en vernedert. Een ontdekking voor mij is dat de bischop straft omdat hij serieus van mening is dat dit noodzakelijk is in de opvoeding van Alexander. Rechtlijnig als hij is kan hij geen onderscheid maken tussen een op hol geslagen kinderfantasie en de meineed van een misdadiger. Iets is waar of het is een leugen, daar zit voor hem niets tussen. De bisschop wordt zelfs een wat tragische figuur als hij ontdekt dat hij door Alexander echt gehaat wordt (hij zag zichzelf als de strenge maar rechtvaardige vader) en als zijn wereldbeeld begint te wankelen. Zelf maakt de bisschop een vergelijking met zijn vrouw, die als toneelspeelster van masker kan wisselen, terwijl hij maar één masker kent, dat als het ware in zijn huid is gebrand. Dan is het inderdaad erg lastig als je tot de ontdekking komt dat dit masker niet meer past.

    De beeldspraak met het masker is echt iets voor Bergman, die graag naar het theater verwijst (noot 1). Ook in de Joodse wereld is er de verwijzing naar het theater in de vorm van het poppenspel van Aron Retzinsky (afbeelding 3). Model voor de Joodse wereld staat overigens Isak Jacobi, de minaar van de grootmoeder van Alexander, met zijn chaotisch antiquariaat. De Joodse wereld is een wereld van (oud testamentische) mystiek, waarin de fantasie van Alexander als een deugd en niet als een zonde wordt beschouwd. Hoogtepunt in de Joodse wereld vond ik het verhaal dat Isak Jacobi Alexander vertelt over de exodus en hoe iemand op zoek is naar het paradijs zonder in de gaten te hebben dat hij al gearriveerd is. Ik moest denken aan de parabel die in "The trial" (1962, Orson Welles) wordt verteld over de man die zijn hele leven zit te wachten voor de poort van een gerechtgebouw, op zoek naar gerechtigheid. Aan het eind verteld de wacht hem min of meer dat hij zo door had kunnen lopen, de poort was speciaal voor hem gemaakt.

    Het verschil tussen de Katholieke, Protestantse en Joodse wereld is het centrale thema van de film. Qua "battle of the sexes" is de film heel erg Bergmaniaans met sterke vrouwenrollen. De drie broers Ekdahl (Oscar, Gustav Adolf en Oscar) denken alle drie dat ze "in charge" zijn, terwijl op de achtergrond het gezin gerund wordt door hun resp. vrouwen (Emilie, Alma en Lydia). Matriarch Helena (de grootmoeder) heeft op haar beurt de regie over haar schoondochters in handen. Ingmar Bergman heeft weleens gezegd dat in elke mannelijke rol in Fanny en Alexander wel iets van hem zelf zit. Hopelijk heeft hij dit (gedeeltelijk) in scherts gezegd, want als we bij de tekortkomingen van de drie broers die van de bisschop optellen ontstaat toch wel een raar personage.  

    Noot 1: De titel van een eerdere film uit zijn oeuvre is "Persona" (1966), waarbij Persona afkomstig is uit het Latijn en verwijst naar een theatermasker.

    DATUM: 13 oktober 2017

    EIGEN WAARDERING: 10

    Fanny och Alexander (1982) on IMDb

    Reacties

    DE REGISSEUR

    Voor een overzicht van het werk van Terence Davies, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

    HET VERHAAL

    Aan de hand van een collage van archiefmateriaal blikt de regisseur terug op zijn jeugd in het Liverpool van de jaren '50 en '60.

    COMMENTAAR

    In de jaren '30 was het een tijdje in de mode om films te maken over het leven in een grote stad. Deze mode heerste vooral in Duitsland ("Berlin, die sinfonie der grosstadt" (1927, Walther Ruttmann) en "Menschen am Sonntag" (1930, diverse regisseurs)), maar ook in andere landen werden dit soort films gemaakt ("Man with a movie camera" (1929, Dziga Vertov)). 

    Met "Of time and the city" (2008) blaast Terence Davies dit subgenre van de documentaire weer nieuw leven in, en alleen al voor dat feit verdient hij alle lof. In hetzelfde jaar verscheen overigens een soortgelijke documentaire over Montreal ("The memories of angels", Luc Bourdon) (waarschijnlijk toeval) en tevens was Liverpool in het jaar van het verschijnen van de film culturele hoofdstad van Europa (noot 1) (waarschijnlijk geen toeval).

    De documentaire bestaat uit een collage van bestaand materiaal, dus de regisseur kan alleen wat extra's toevoegen door middel van de montage en de geluidsband. Bij "Of time and the city" ligt de toegevoegde waarde van de regisseur mijns inziens vooral in de geluidsband (muziekkeuze en commentaar).

    De muziekkeuze bestaat uit een mengeling van pop en klassiek, waarbij de nadruk toch wel op klassiek ligt. De regisseur maakt van zijn voorkeur geen geheim door zelfs onder het deel van de film dat over de Mercybeat en de opkomst van de Beatles gaat klassieke muziek te zetten!

    Het is echter vooral het commentaar dat deze film een heel persoonlijk karakter geeft. Naast de karakteristieke stem van de regisseur valt vooral de afwisseling van poëtisch en meer alledaags commentaar op. Zo zitten er aan de ene kant talloze citaten van gedichten in het commentaar (noot 2), maar kan de regisseur aan de andere kant zijn sarcasme niet onderdrukken als hij de uitgebreide festiviteiten rondom de kroning van koningin Elizabeth in 1953 (veel artikelen zijn in het naoorlogse Engeland dan nog schaars) de "grote Betsy Windsor show" noemt.

    Een belangrijk thema in de film vormt de stadsvernieuwing, waarbij oude wijken moeten wijken voor hoogbouw. De waardering die Davies kan opbrengen voor moderne architectuur / stedebouw vertoont de nodige overeenkomsten met de visie die Jacques Tati tot uitdrukking brengt in "Mon oncle" (1958). Nergens wordt "Of time and the city" echter suikerzoet nostalgisch. Een homosexuele man die terugkijkt op zijn puberteit in de jaren '50 kan dit immers op zijn best met gemengde gevoelens doen.

    Noot 1: Tezamen met het Noorse Stavanger.

    Noot 2: Er wordt ook een gedicht van Emily Dickinson (1830 - 1886) geciteert. Aan deze dichteres zou Davies in 2016 met "A quiet passion" een film wijden. 

     

    DATUM: 2 september 2017

    EIGEN WAARDERING: 7

    Of Time and the City (2008) on IMDb

    Reacties

    Terence Davies (1945) ging na school werken op de administratie van een rederij. Hij kwam pas op latere leeftijd in de filmindustrie terecht met "Distant voices, still lives" (1988) en "The long day closes" (1992). Aangezien Davies weinig concessies doet met betrekking tot de onderwerpen en de vormgeving van zijn films, is het rondkrijgen van de financiering vaak niet makkelijk. Zijn oeuvre is dan ook vrij klein.

    Met name aan het begin van het nieuwe millenium zit er een gat in zijn "CV". Met de documentaire "Of time and the city" (2008) maakte hij echter een veel geprezen come back. Daarna ging de frequentie van zijn producties weer omhoog en dreigt de periode na zijn 70e de meest productieve uit zijn leven te worden.

    DATUM: 26 augustus 2017

    Filmposters