Filmklassiekers op het tweede gezicht
Abonneren

Abonneer je op nieuw verschenen recenties!

Voor meer informatie over het gebruik van deze website klik HIER.

    Laatst geplaatst

     

     

    Verwacht

     

     

    Filmposters

    2011: The artist (Michel Hazanavicius)

    DE REGISSEUR

    Michel Hazanavicius (1967) was vooral bekend (in Frankrijk) als regisseur van parodieën op het James Bond Genre. Zijn James Bond heet echter Hubert Bonisseur en staat bekend als OSS 117. In 2011 had hij een wereldhit met "The artist" , waarmee hij in 2012 de Oscar won. "The artist" is niet zo zeer een persiflage als wel een hommage, in dit geval aan de stomme film. Met zijn volgende film ("Les infidèles", 2012) wist Hazanavicius het succes niet te continueren.

    HET VERHAAL

    George Valentin (Jean Dujardin) is een grote ster in de wereld van de stomme film. Op een dag botst hij op tegen Peppy Miller (Bérénice Bejo) en gaat voor de grap met haar op de foto. Dit levert de volgende dag een artikel op de voorpagina van "Variety" op ("Who's that girl?"). Wat later komt hij Peppy weer tegen als ze auditie doet voor een bijrol in zijn volgende film. Hij doet een goed woordje voor haar bij de regisseur en geeft haar enkele tips (zoals het plaatsen van het  schoonheidsvlekje dat later haar handelsmerk zal worden).

    Voor Peppy Miller zijn deze ontmoetingen het begin van een grootse carrière in Hollywood. Met George Valentin gaat het ondertussen minder goed. Met de komst van geluid loopt de stomme film op zijn einde. George verzet zich hier heftig tegen, de geluidsfilm is volgens hem slechts een hype. Als de productiestudio geen stomme films meer wil maken, financiert hij zijn volgende film wel zelf. Dat wordt echter een groot fiasco. Niet alleen stort in 1929 de beurs in, wat het begin is van de grote depressie, ook kan zijn film niet op tegen de nieuwe film van Peppy Miller.

    Door dit financiële debacle moet George zijn persoonlijke spullen veilen om zijn schuldeisers te kunnen betalen. Depressief en dronken steekt hij op een avond de fik in zijn privécollectie aan films. Deze brand loopt al snel uit de hand. In paniek pakt hij zijn lievelingsfilm en probeert het huis uit te vluchten. Overmand door de rook mislukt dat echter, maar gelukkig heeft zijn hond inmiddels de aandacht van omstanders weten te trekken, zodat hij alsnog gered wordt en met brandwonden in het ziekenhuis terecht komt.

    Het noodlot dat George getroffen heeft, is niet ongemerkt aan Peppy voorbij gegaan. Zij koestert nog steeds sympathie voor George, die er niet minder op wordt als blijkt dat de film die George heeft proberen te redden de eerste film van hen samen was. Zij regelt met het ziekenhuis dat George in haar huis verder kan herstellen. Zij is trouwens ook degene die op de veiling alle persoonlijke spulletjes van George heeft opgekocht en veilig heeft opgeslagen. Als George weer voldoende herstelt is, heeft zij de regisseur van haar volgende film (een musical) inmiddels flink onder druk gezet om ook George in deze film een rol te geven. In de laatste scene van de film zien we George en Peppy bezig met de opnamen van een spetterende tapdance scene.

    HET COMMENTAAR

    De thema's die in "The artist" aan de orde komen zijn niet nieuw. Het thema van de filmcarrière die gebroken wordt door de opkomst van de geluidsfilm is ook aan de orde in "Sunset boulevard" (Wilder, 1950). Het thema van de ster die voorbijgestreefd wordt door een fan/protegé zien we terug in "All about Eve" (Mankiewicz, 1950).  Beide thema's worden gecombineerd in "Singing in the rain" (Donen, 1952). Wat nieuw is voor "The artist" is dat de opkomende en de neergaande ster een liefdesrelatie hebben. Meestal is het haat en nijd tussen die twee. Het maakt "The artist" tot een romantische,  maar bij tijd en wijle ook een beetje zoetsappige film. Niet te vergelijken met de vonken die er vanaf spatten tussen Margot en Eve in "All about Eve".

    Anders dan in "Singing in the rain" is de bedreiging die van de geluidsfilm uitgaat voor de carrière van George niet alleen een kwestie van niet kunnen (bijv. omdat hij zo'n beroerde stem heeft) maar vooral een kwestie van niet willen. Voor George is de geluidsfilm inferieur aan de stomme film. Een mening die trouwens gedeeld werd door mensen als Charlie Chaplin (die pas heel laat in zijn carrière de overstap naar geluid maakte) en F.W. Murnau (die door zijn vroege overlijden de overstap nooit heeft hoeven maken). Je vraagt je af wat ze bedoelen? Geluid is toch iets extra's, waar een film alleen maar beter van kan worden? Vergeten wordt dan echter dat de introductie van geluid in het begin een verstorende invloed op heel veel andere aspecten van het filmmaken heeft gehad. Zo werden de acteurs statischer, omdat ze in de verborgen microfoon moesten praten. De camera werd statischer, want het rijden met de camera maakte geluid, en men wist nog niet hoe men dit af moest schermen van de geluidsapperatuur. De regisseurs werden gemakzuchtiger. Deden ze eerst hun best om hun verhaal zoveel mogelijk met beelden te vertellen (teveel tussentitels is storend), nu werd minder gelet op een regeltje dialoog meer of minder. Het is niet voor niets dat Norma Desmond (de voormalige ster uit de stomme film) in "Sunset Boulevard" verzucht "We didn't need dialogue, we had faces".

    Met het voorgaande hoop ik duidelijk gemaakt te hebben dat een stomme film echt wel wat anders is dan een geluidsfilm zonder geluid. "The artist" is een hommage aan deze stomme film, en op het vlak van de techniek is men ver gegaan om de sfeer van de stomme film na te bootsen. De film is in zwart-wit en uiteraard zonder geluid. Slechts op twee momenten wordt hier een uitzondering op gemaakt. Het eerste moment is wanneer George een nachtmerrie heeft over de geluidsfilm. Het tweede moment is aan het eind van de film, als George en Peppy hun dansnummer opvoeren en George op deze manier zijn debuut maakt in de geluidsfilm. Voor de rest van de film worden de dialogen in de vorm van tussentitels getoond. Zelfs voor wat betreft de aspect-ratio (de verhouding tussen breedte en hoogte) heeft men deze film gemaakt in de ratio 4:3. De ratio die ten tijde van de stomme film gebruikelijk was.

    Naast de techniek wordt de stomme film ook geëerd door een filmcitaat. Het gaat om de scene waarin Peppy Miller tijdens een heimelijk bezoek aan de kleedkamer van haar idool George Valentin zijn jas ontdekt, en (haar fantasie de vrije loop latend) deze jas innig omhelst (zie clip en afbeelding 1). Deze scene doet sterk denken aan een soortgelijke scene uit "Seventh heaven" (1927, Frank Borzage) waarin Diane zich op haar beurt verliest in een omhelzing van de jas van Chico (zie clip) (noot 1).

    Hoe staat het met de acteurs in deze film? Do they also have faces? Reken maar! Juan Dujardin als George Valentin (wiens naam alleen al doet denken aan Rudolph Valentino) heeft een zeer expressief gezicht. Voor hem zou je bijna wensen dat de tijden van de stomme film zouden herleven. Ook Bérénice Bejo levert als Peppy Miller een prestatie van formaat. Voor een hedendaagse actrice is het geen alledaagse kost om in een stomme film te spelen, terwijl dit toch een andere (wat geprononceerdere) acteertechniek vraagt. Dat ze van meerdere markten thuis is, heeft deze actrice daarna bewezen met het relatiedrama "Le passé" (Farhadi, 2013).

    Noot1: Volgens bronnen op You tube is deze scene uit "The artist" niet zozeer een citaat van "Seventh heaven", maar meer een citaat van "Stella Maris" (Marshal Neilan, 1918). Inderdaad komt in deze film (met Mary Pickford in de hoofdrol)  ook een dergelijke scene voor. Misschien was de scene uit "Seventh heaven" dus al een citaat! 

     

    DATUM: 30 november 2013

    EIGEN WAARDERING: 8

    The Artist (2011) on IMDb

    Reacties

    Commentaar
    Jouw naam/bijnaam
    Website url
    E-mail
    Vul deze captcha in
    Dit is een verplicht veld
    Filmposters