Filmklassiekers op het tweede gezicht

 

 

 

 

 

 

Clip: Le notti bianche (1957)

De operaliefhebber Visconti maakt een briljante scene waarin de ontluikende rock and roll scene van de jaren '50 centraal staat.

Clip The damned (1969)

De nacht van de lange messen is tevens een afrekening binnen de familie Essenbeck.

Luchino Visconti (1906 - 1976)

Visconti is, samen met Fellini, één van de leidende figuren van de derde bloeiperiode van de Italiaanse cinema. Zijn beginperiode ligt echter in het tijdvak van het Neo-realisme. Zijn eerste drie films ("Ossessione" (1943), "La terra trema" (1950) en "Bellisima" (1951)) kunnen zeker in deze traditie worden geplaatst.

Met "Senso" (1953) en "Il Gattopardo" (1963) worden de films van Visconti meer barok. De stijl wordt die van het kostuumdrama en het thema de ondergang van de aristocratishe manier van leven. Hierbij dient te worden bedacht dat Visconti zelf uit een adelijk geslacht stamt en zijn volledige naam Visconti di Modrone, graaf van Lonato Pozzolo luidde. Zijn films krijgen ook iets opera-achtigs, wat niet vreemd is als men bedenkt dat Visconti zich ook met het regisseren van opera's bezig hield en zelfs een zekere naam had in het bewerken van de opera's van Verdi. De tweedeling die in het oeuvre van Visconti kan worden gemaakt vertoont een zekere overeenkomst met een soortgelijke tweedeling in het oeuvre van Eisenstein. Ook daar de omslag van sociaal geëngageerd naar operatesk. Overigens was de omslag bij Visconti niet definitief en onomkeerbaar. Met "Rocco and his brothers" (1960) keert hij nog een keer terug naar het neo-realisme.

Op het einde van zijn carrière maakt Visconti wat wel de Duitse trilogie wordt genoemd ("The damned" (1969), "Death in Venice" (1971) en "Ludwig" (1972)). Naar mijn mening suggereert trilogie een hechtere eenheid tussen deze films dan er in werkelijkheid bestaat. "The damned" is qua thematiek vergelijkbaar met "Il Gattopardo", namelijk de verhouding tussen een oude aristocratische familie (in dit geval van staalbaronnen) en een revolutionaire beweging (in dit geval de Nazi's). "Death in Venice"  gaat vooral over homosexualiteit en "Ludwig" over waanzin.   

 

  

Recensies

DE REGISSEUR

Voor een overzicht van het werk van Luchino Visconti, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

HET VERHAAL

Op een nacht dat hij eenzaam door de stad loopt te slenteren ontmoet Mario (Marcello Masteroianni) een verdrietige vrouw die op een brug staat te wachten (afbeelding 1). Zij heet Natalia (Maria Schell) en wacht op haar minnaar. Deze heeft haar precies een jaar geleden plotseling verlaten voor een geheimzinnige doch dringende reis, en zou na een jaar weer terug te zijn.

De minnaar (Jean Marais) verschijnt niet en Maria en Mario praten wat met elkaar. De avond daarna herhaalt zich dit patroon (verzamelen op de brug, vergeefs wachten op de minnaar en de avond samen besteden). Maria vraagt Mario om een brief bij de minnaar te bezorgen (blijkbaar weet ze dat hij "back in town" is en waar hij woont). Mario zegt dit toe, maar versnippert vervolgens de brief. Hij is inmiddels zeer gesteld geraakt op Maria, en zit niet te wachten op het verschijnen van de minnaar. Hoewel hij zich wel een beetje schuldig voelt, lijkt hij succes te hebben, Mario en Maria bezoeken samen zelfs een danscafé.

Aan het eind van de film verschijnt op een avond de minnaar toch, en blijft Mario alleen achter (afbeelding 3).

HET COMMENTAAR

"Le notti bianche" wordt soms gezien als de schakel tussen het neo realistische werk van Visconti en zijn latere films. Ik ben het hier niet mee eens, al was het alleen maar omdat het neo realistische "Rocco and his brothers" (1960) in de tijd op deze film volgt. Maar er is een meer inhoudelijke reden waarom deze film naar mijn mening niet de schakel vormt tussen de twee perioden in de carrière van Visconti. Zowel in zijn neo realistische periode als in zijn latere werk maakte Visconti in wezen realistische films. Het verschil was dat in zijn neo realistische periode vooral het arbeidersmilieu wordt geportretteerd, terwijl in zijn latere periode het verhaal zich veelal afspeelt in de kringen van de (al dan niet nouveau) riche.

"Le notti bianche" daarentegen is een door en door gekunstelde, en dus onrealistische film. Niet dat er bovennatuurlijke dingen gebeuren, maar de setting waarin het verhaal van Dostojevski wordt geplaatst is duidelijk toneelmatig. De brug, waarvan bij de beschrijving van het verhaal al meermalen sprake was, staat centraal. Aan de ene kant van de brug ligt de arbeiderswijk, met zijn vervallen woningen. Aan de andere kant ligt de uitgaansbuurt met de neon-reclame. Hoewel de naam Venetië nergens in de film wordt genoemd, doen de kanalen die de stad doorsnijden tocht sterk aan deze stad denken. In "Morte a Venezia" (1971) zou Visconti opnieuw naar deze stad als plaats van handeling van één van zijn films terugkeren. Het wat mysterieuze Venetië van "Le notti bianche" deed mij echter in even sterke mate denken aan het Venetië van "Don't look now" (Roeg, 1973). 

"Le notti bianche" is dus niet zozeer een schakelfilm in de carrière van Visconti, maar veel meer een unieke film. Vergelijkbaar met de plek die "Brief encounter" (Lean, 1945) inneemt in het werk van David Lean (namelijk een kleine film te midden van de grote epossen (Lean) dan wel kostuumdrama's (Visconti)). Het is ook een dromerige film, door de wat nevelige avonden waarin hij is opgenomen. Over dromen gesproken, waar in eerste instantie Maria het dromerige type lijkt (tegen beter weten in wachten op een minnaar die er natuurlijk al lang van door is) blijkt het uiteindelijk Mario te zijn die zich aan dag- (of eigenlijk nacht)dromen te buiten is gegaan. Hij dacht een kans te maken bij Maria, maar eindigt de film in hetzelfde gezelschap waarmee hij begon (namelijk van een schuwe straathond).

Opmerkelijk is de scene in het danscafé (afbeelding 2). De film is gemaakt in 1957 en de rock- and roll scene stond nog echt in de kinderschoenen. Toch staat de scene met muziek van Bill Haley waarop de jive gedanst wordt, van het begin tot het bol van de spanning. Aan het begin hangt er een sensueel geladen sfeer in de lucht. Rond 5:20 min volgt er een komische break. Mario heeft al een tijdje jaloers staan kijken naar de jongen die Maria het hof maakt, en besluit zelf de show te stelen met een raar soort dansje. Aan het eind zien van de scene loopt de camera, met een cafébezoekster mee, de zaal uit en kijkt dan om. We zien Maria en Mario eindelijk in elkaars armen. Een perfecte scene, en dat voor een operaliefhebber als Visconti!

WAARDERING: 9

Reacties

DE REGISSEUR

Voor een introductie op het werk van Luchino Visconti, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

VERHAAL EN ANALYSE

Il Gattopado speelt ten tijde van de eenwording van Italië. Sicilië was op dat moment een apart koninkrijk, en Don Fabrizio, Prins van Salinas (Burt Lancaster) behoort tot een oud adellijk geslacht in dit land. De opstandelingen van Garibaldi zijn bezig met een vrijheidsstrijd die zal leiden tot een verenigd Italië met Vittore Emanuele als eerste koning.

Don Fabrizio beseft dat met de overgang van stadstaten naar natiestaten ook de rol (en de macht) van de adel zal overgaan op een nieuwe klasse van handelaren en industriëlen. "Alles moet veranderen om hetzelfde te blijven" is zijn motto, en daarom arrangeert hij een huwelijk tussen zijn neef Tancredi (Alan Delon) en Angelica (Claudia Cardinale), de dochter van een rijke (en corrupte) burgemeester. Tancredi is afkomstig uit de verarmde tak van de familie, maar zijn oom (Don Fabrizio) ziet een grote toekomst voor hem. Oorspronkelijk had Tancredi verkering met zijn dochter. Deze zal echter slechts een evenredig deel (in dit geval 1/7) van de erfenis krijgen, en Don Fabrizio schat in dat dat ontoereikend is om de ambities van Tancredi te ondersteunen. De burgemeester en zijn dochter zijn "nouveau riche" en niet van adel. Tijdens het eerste diner laat met name Angelica blijken nog niet geheel vetrouwd te zijn met de etiquette.  Nadat Tancredi een sterk verhaal heeft opgehangen moet Angelica (te) onbedaarlijk lachen. De blikken van Concetta (dochter van Don Fabrizio), die nog steeds een beetje verkikkerd op Tancredi is, spreken boekdelen. Op het feest, waarmee de film eindigt, hoort ze er echter al helemaal bij en is het stralend middelpunt.

Tancredi is niet alleen ambitieus, maar ook een echte opportunist. Aan het begin van de film sluit hij zich aan bij de rebellen van Garibaldi. Als dat beter uitkomt stapt hij over naar het officiële regeringsleger van Vittore Emanuele. Wat dit betreft doet hij erg denken aan de figuur van Barry Lyndon uit de gelijknamige film. Aan het eind van de film maakt hij het helemaal bont door zich op het feest tussen neus en lippen te laten ontvallen dat het maar goed is dat die avonturiers van Garibaldi gefusilleerd worden. Rust en orde, dat is wat het jonge Italië nodig heeft. 

De relatie tussen Tancredi en Don Fabrizio is moeilijk in woorden te vatten. Don Fabrizio herkent dat zijn neef het ver kan brengen door zijn combinatie van ambitie en onbarmhartigheid. Diezelfde eigenschappen zorgen er echter voor dat hij geen echte sympathie voor hem voelt. Hij beseft echter dat zijn klasse alleen kan overleven door een coalitie aan te gaan met de klasse van nieuwe rijken. Dat is ook precies de reden dat hij het huwelijk tussen Tancredi en Angelica zo promoot. Alleen met haar aan zijn zijde en met het kapitaal van zijn schoonvader achter zich kan Tancredi zijn ambities verwezenlijken. Tijdens de film vergelijkt hij de adel met Tijgerkatten en de nieuwe heersers met Hyena's. Beiden zijn gevaarlijk voor de schapen (i.c. onderdrukken de arbeiders), maar Don Fabrizio laat geen onduidelijkheid bestaan over zijn mening dat de Tijgerkatten toch gracieuzer zijn dan de Hyena's. Dat hij zijn neef capabel acht om zich te handhaven tussen de hyena's zegt genoeg over de aanwezigheid van ontzag en de afwezigheid van sympathie die hun relatie kenmerkt.

Het thema van de film is dus de ondergang van de Tijgerkatten (Gattopardo) en de film symboliseert dat doordat één van de Tijgerkatten (Don Fabrizio) zich in de loop van de film steeds meer bewust wordt van zijn eigen sterfelijkheid. In het begin van de film gaat hij nog tekeer tegen de pastoor. Hij is in de kracht van zijn leven. Niet zijn eigen vreemdgaan is een zonde, de overdreven preutsheid van zijn vrouw, dat is pas een zonde. Als hij hoort van de relatie tussen zijn dochter en Tancredi verzucht hij dat een vader die merkt dat zijn kinderen verliefd worden zich opeens stokoud voelt. Echt stokoud voelt hij zich pas als hij op het slotfeest met Angelica danst. In tegenstelling tot haar vader heeft hij voor Angelica altijd wel sympathie gevoeld en, zo merk je tijdens deze dans, misschien wel meer. Als hij maar 25 jaar jonger was geweest dan was niet Tancredi, maar hij ....

 

De scene van het feest beslaat zo'n beetje het laatste uur van de film. Zoveel tijd besteden aan een galabal, wist de regisseur niet hoe hij zijn film vol moest krijgen? Deze scene is echter niet voor niets zo beroemd. Hij geeft als het ware een samenvatting van de thematiek van de film. Niet alleen wordt de generatiekloof tussen Don Fabrizio en Tancredi, die beiden onder de indruk zijn van dezelfde vrouw, nog even aangestipt. Ook  de coalitie die adel en nieuwe rijken met elkaar smeden wordt pakkend in beeld gebracht. Tijdens het feest zie je de jongelingen dansen en de volwassenen zitten langs de kant en spelen voor koppelaar.

Tot slot nog even over de rolbezetting. Veel is gezegd over Burt Lancaster die de rol van Don Fabrizio, Prins van Salinas speelt. Een Amerikaanse cowboy in de rol van Siciliaanse edelman, het was zeker niet de eerste voorkeur van Visconti. De financiers wilden echter alleen geld geven als er een aansprekende Amerikaanse ster de hoofdrol zou spelen, en zo werd dit verstandhuwelijk gesloten. En achteraf gezien een gelukkig verstandhuwelijk want Burt Lancaster is zeer overtuigend in zijn rol, die hij met de nodige distinctie speelt. Claudia Cardinale straalt als de oogverblindende Angelica. Door deze rol, alsmede rollen in "Rocco and his Brother" (ook van Visconti) en "8,5" (Fellini) is zij toch wel de Italiaanse filmdiva van de jaren 60. Dat Sophia Loren op latere leeftijd wellicht betere acteerprestaties heeft neergezet (denk aan "Una giornata particolare" uit 1977) doet daar niets aan af.

WAARDERING: 10

Reacties

DE REGISSEUR

Voor een introductie in het werk van Luchino Visconti, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

VERHAAL EN ANALYSE

"The Damned" is de eerste film van wat wel de Duitse trilogie van Visconti wordt genoemd. Roger Ebert noemt de film een "briljante mislukking". Hij baseert dit met name op het feit dat de sfeer van verval en decadentie zo raak geschilderd is, dat de film niet bepaald tot vrolijkheid stemt. Ongetwijfeld was dat ook niet de bedoeling van Visconti. Het is inderdaad waar dat de film soms moeilijk te volgen plotwendingen heeft (vooral aan het eind), maar wie een dermate bedrukkende sfeer weet te creëren heeft wat mij betreft gewoon een knappe film afgeleverd. 

Ondanks alle verschillen zijn er ook duidelijke overeenkomsten met "Il Gattopardo". Ook hier is sprake van een familie (in dit geval de famile Essenbeck, eigenaar van een staalimperium) die geconfronteerd wordt met maatschappelijke ontwikkelingen en die een ongemakkelijke coalitie aangaat met een nieuwe politieke stroming (in dit geval de Nazi's) teneinde haar positie te behouden. Verschil is wel dat de gewetensstrijd bij "Il Gattopardo" zich afspeelde binnen één persoon (Don Fabrizio), terwijl bij  "The Damned" de stijd meer speelt tussen de verschillende leden van de familie. Sommige willen niets met de Nazi's te maken hebben, anderen zijn (om diverse redenen) voorstander van samenwerking. In afbeelding 1 zien we de familie aan tafel in het beging van de film. Tijdens het diner komen de politieke meningsverschillen tussen de verschillende leden van de familie meteen helder op tafel te liggen.

Voor de Nazi's zijn de staalfabrieken natuurlijk van essentieel belang voor de oorlogsinspanning. Zij "ondersteunen" (een vreselijk eufemisme voor alle intriges die in de loop van de film plaatsvinden en die ik niet ga verklappen) degene die voor samenwerking zijn zoveel mogelijk. Uiteindelijk komt aan het eind van de film "hun man" als winnaar uit de machtsstrijd binnen de famile. Winnaar binnen de familie, maar geheel gecorrumpeerd door en in handen van de Nazi's.

Sommigen van de famile Essenbeck die willen samenwerken met de Nazi's hebben contacten met de SA, anderen weer met de SS. Hierdoor gaat "De nacht van de lange messen" (30 juni - 2 juli 1934) een rol spelen in de machtsstrijd binnen de famile. In deze nacht vindt een afrekening plaats van de SS met de SA. Binnen de film is het tevens een afrekening van de ene troonpretendent met de andere. Het levert één van de meest lugubere scenes van de film op. De SA heeft een feestavond (eigenlijk meer een orgie) en op het moment dat iedereen zijn roes ligt uit te slapen (afbeelding 2) arriveert de SS en vindt er een ware slachtpartij plaats.

Voor wie het aandurft is de scene op deze pagina geplaatst. Het is één van de meest decadente scenes uit de filmgeschiedenis die ik ken. Onderstaand een korte chronologie van de gebeurtenissen.

1:30     Zingen tijdens de orgie, "Vandaag hoort ons Duitsland toe, morgen de hele wereld".
4:30     Even een luchtje scheppen buiten. Op de achtergrond het geluid van motoren. De SS komt eraan.
6:40     De slachting begint.
8:17     De ene troonpretendent schakelt de andere uit.
9:00     De Nazi's chanteren leden van de familie Essenbeck.

Na deze scene zijn de kaarten in de familieverhoudingen min of meer geschut. De verliezers worden in een onheilszwangere slotscene min of meer gedwongen zelfmoord te plegen (afbeelding 3). 

WAARDERING: 9


Reacties

DE REGISSEUR

Voor een inleiding op het werk van Luchino Visconti, zie het openingsartikel van de aan hem gewijde pagina.

HET VERHAAL

Ludwig (Helmut Berger) wordt in 1864 tot koning van Beieren gekroond. Vanaf het begin heeft hij meer aandacht voor kunst dan voor staatszaken. Zo dweept hij met de componist Wagner (Trevor Howard), die in hem vooral een financier van zijn "festspielhaus" in Bayreuth ziet. Ook de liefde voor zijn Oostenrijk-Hongaarse nicht Elizabeth (Romy Schneider, afbeelding 1) wordt niet beantwoord. Zij tracht hem te koppelen aan haar jongere zus Sophie (Sonia Petrovna, afbeelding 2). Ludwig laat zich deze verloving opdringen, maar tot een huwelijk komt het nooit.

Het verhaal speelt zich af in de periode van de eenwording van het Duitse rijk. Eén van de episodes in deze eenwording vormt de Duitse oorlog, waarin Beieren tegenover Pruisen komt te staan. Het wordt een klinkende overwinning voor Pruisen, Beieren wordt gedwongen om, met verlies van autonomie, zich aan te sluiten bij het Duitse keizerrijk. 

Na dit verlies trekt Ludwig zich steeds verder in zichzelf terug (afbeelding 3). Hij verblijft in de kastelen die hij heeft laten bouwen en waarvan Neuschwanstein ongetwijfeld de bekendste is. In 1885 wordt hij door een regeringscommissie onbekwaam verklaard en tot aftreden gedwongen. Niet lang daarna maakt hij met zijn psychiater een wandeling langs het Starnberger meer. Beiden zullen niet van deze wandeling terugkeren. Na een urenlange zoektocht worden hun lijken gevonden.

HET COMMENTAAR

"Ludwig" is een wat vergeten film uit de nadagen van Visconti. De film is in de vergetelheid geraakt vanwege enerzijds de aanzienlijke lengte (de versie die ik gezien heb was 3 uur 45 minuten, maar als ik het goed begrepen heb was dat nog geeneens de "directors cut") en anderzijds de slechte pers. De film zou te traag zijn en zich op de rand van mooifilmerij bevinden.

Mooi is de film, met zijn uitbundige sets, in elk geval. De kritiek dat de film zich traag ontwikkeld kan moeilijk worden tegengesproken. Naar mijn mening hoeft dat echter geen nadeel te zijn. Het verhaal gaat immers over iemand die langzaam van wereldvreemd richting waanzin afglijdt. Het woord "langzaam" in de vorige zin geeft het al aan, de film zou er niet plausibeler op worden als de koning van de ene scene op de andere opeens helemaal de weg kwijt zou zijn.

Wat betreft de fysieke aftakeling, die de geestelijke aftakeling van Ludwig begeleidt, zou ik zelfs willen beweren dat de film te snel gaat. Van de ene scene op de andere verandert het mooie gebit van de koning in een rijtje zwarte, afzichtelijke stompjes. Misschien dat hier een oorzaak voor was en ik iets in de Duitse dialogen heb gemist, maar voor mij kwam deze aftakeling nogal abrupt. Wel opvallend trouwens hoeveel impact een slecht gebit heeft op de overall totaalindruk die iemand maakt. 

In de latere fasen van de film moest ik onwillekeurig denken aan Michael Jackson. Deze gedachte kwam met name op in de scenes die zich afspelen in het ondergrondse zwanenwater, dat de koning onder één van zijn kastelen heeft laten aanleggen. Op zich is de gedachte ook niet zo gek, want wat is het verschil tussen Ludwig die zich terugtrekt in zijn eigengebouwde fantasiewereld van Neuschwanstein, en Michael Jackson die zich alleen in Neverland nog op zijn gemak voelt? Opvallend punt vond ik wel dat in deze film de scheidslijn tussen profiteur en slachtoffer minder scherp was dan je zou verwachten. Zeker, Wagner ziet de koning als een wandelende pinautomaat (avant la lettre) en profiteert onbeschaamd van zijn vermogen. Genuanceerder ligt het echter al bij de toneelspeler Kainz, die in een latere fase van de film de adoratie van de koning ten deel valt. Hij profiteert misschien ook wel van het vermogen van de koning, maar dat wordt hem wel opgedrongen. Na zijn aankomst als gast van de koning maakt de hofhouding hem in niet mis te verstane bewoordingen duidelijk dat de koning niet mijnheer Kainz heeft uitgenodigd, maar zijn personage van Romeo. Of hij zich maar even dienovereenkomstig wil gedragen.

"Ludwig" wordt in de regel beschouwd als de afronding van de "Duitse trilogie". Een trilogie die verder bestaat uit "The damned" (1969) en "Death in Venice" (1971). Ik zou een andere trilogie willen voorstellen, en wel de "trilogie van de decadentie". Hiertoe verwijder ik "Death in Venice" uit het rijtje en voeg er "Il Gattopardo" (1963) aan toe. In al deze films speelt een vooraanstaand, rijk geslacht de hoofdrol. Bij de familie Von Essenbeck in "The damned" is sprake van een allesoverheersende strijd om de macht. Hiertoe wordt zelfs collaboratie met het Nazi regime niet geschuwd. Ludwig van Beieren daarentegen gaat geheel op in de schone kunsten en heeft van machtspolitiek weinig kaas gegeten. Dat lijkt nobel, maar is in feite net zo decadent. Geen moment bekommert Ludwig zich om de herkomst van het belastinggeld dat hij met zijn sprookjeskastelen over de balk gooit. Hij distantieert zich van de Duitse oorlog ("Ik heb deze oorlog niet gewild"), maar vraagt zich niet af of hij met een wat actievere houding misschien veel ellende had kunnen voorkomen. Slechts de prins van Salina, afkomstig uit een oud adellijk geslacht en aan invloed inboetend tegenover de nieuwe elite van kooplieden en industriëlen, weet in "Il Gattopardo" het juiste midden te vinden tussen realisme en machtswellust.   

WAARDERING: 8

Reacties